• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home Bluff Your Way Into...
Bluff Your Way Into
Mappingstechniek als creativiteitstechniek
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

mapping techniek mindmap creativiteit

mappingtechniek mapping creativiteit creativiteitstechniek

De mappingstechniek

[D]e mappingstechniek is uiterst effectief om zowel een overzicht te krijgen als ook om de creativiteit te stimuleren. Bij mapping technieken maakt men een ruimtelijke presentatie van de kennis.

Stel dat het team wil nadenken over de mogelijke volgende stappen in een aantal projecten. Op een voldoende groot blad creëert men een ruimtelijke weergave van de projecten. Zo kan men bijvoorbeeld een boom tekenen waarbij elke tak van de boom een ander project voorstelt. Mogelijk besluit men de belangrijkste projecten ook als de dikste takken weer te geven. De mogelijke vervolgstappen in een project tekent men als de zijtakken, liefst in een andere kleur. Er ontstaat zo een andere wijze van presenteren van het verschil en ook de samenhang tussen de projecten.

Je kunt je gedachten dan dwingen tot het verkennen van nieuwe verbanden door tussen zijtakken (vervolgstappen in een project) een lijn te trekken en je af te vragen: 'Hoe hangen deze twee vervolgstappen met elkaar samen?' Wanneer u de boom ook als een metafoor beschouwt kunt u zich afvragen hoe de grond rond de boom zo vruchtbaar mogelijk is te maken waardoor alle projecten hiervan kunnen profiteren. Zijn er wellicht takken te snoeien om de boom later nog gezonder te krijgen.

Laatst aangepast op zondag, 17 februari 2019 21:33  
Kenniswaardeketen volgens Mathieu Weggeman
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

kenniswaardeketen mathieu weggeman

In zijn boek Organiseren met kennis, Mathieu Weggeman beschrijft Mathieu Weggeman de kenniswaardeketen:

kenniswaardeketen mathieu weggeman

Kennismanagement definiëren we hier als het zodanig inrichten en besturen van de operationele processen in de kenniswaardeketen dat daardoor het rendement en het plezier van de productiefactor kennis bevorderd wordt.

Met 'rendement' wordt daarbij zowel gedoeld op financieel rendement als op leerrendement.

(...)

[D]e kenniswaardeketen ... omvat de volgende operationele activiteiten: vaststellen van de benodigde kennis gegeven de strategie van de organisatie, inventariseren van de in de organisatie beschikbare kennis (knowledge-in-use), kennis ontwikkelen, kennis delen, kennis toepassen en kennis evalueren.

Essentieel is dat de kenniswaardeketen gedreven wordt door tenminste een strategie ter realisering van de doelen van de organisatie. ... Voort dient de kenniswaardeketen gezien te worden als een fragment van een kenniscreatie en -exploitatie spiraal die in de tijd doorlopen wordt en bestaat uit een aaneenschakeling van in opbouw identieke kenniswaardeketens.

Met de twee terugwijzende pijlen aan het eind van de lineair weergegeven kenniswaardeketen is getracht het continu cyclisch karakter van het kenniscreatie- en exploitatieproces te illustreren.

Bron: Organiseren met kennis, Mathieu Weggeman

 

Laatst aangepast op zaterdag, 16 februari 2019 09:25  
Zes ethische denksporen volgens Eduard Kimman
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

eduard kimman denksporen ethiek

Eduard Kimman beschrijft in zijn boek Marktethiek de zes belangrijkste denksporen die ten grondslag liggen aan ethisch handelen:

eduard kimman denksporen

Ethisch gedrag is gedrag dat beschreven wordt of aangeprezen wordt met het doel om navolging van dit gedrag te bewerkstelligen. Ethiek heeft dus altijd iets praktisch: het is uiteindelijk op handelingen gericht. (...) [Ethiek wil] de mens van het al dan niet ethisch zijn van een bepaalde handeling of situatie overtuigen zonder diens vrijheid aan te tasten. Ethiek veronderstelt altijd de vrijwilligheid van de handelende persoon.

(...)

In een cursus ethiek gaat het om het aanleren van de systematische en argumentatieve manier van oordeelsvorming en oordeelsopbouw.

(...)

Zes denksporen

Bij de beoefening van ethiek gaat het om een communicatieve vaardigheid: we zullen anderen duidelijk moeten kunnen maken waarom we vinden dat iets billijker is dan wat anders. ... Er zijn verschillende wegen of denksporen waarlangs we tot een ethische uitspraak kunnen komen. Voor dit boek houden we het op zes. Deze denksporen zijn belangrijk om te kunnen achterhalen hoe bepaalde mensen hun gedrag, hun besluiten, hun maatschappelijke situatie of hun beleid willen rechtvaardigen of verklaren. Omdat het tot de taak van de ethiek hoort de motieven tot rechtvaardiging te analyseren, is het onderkennen van de denktrant hierbij een hulp.

(...)

Verantwoording afleggen is een vaardigheid. Verantwoordelijkheid is het vermogen zo vrij en overwogen te leven dat van alle handelingen verantwoording kan worden gegeven als daarom gevraagd wordt.

(1) Doelethiek

Op de eerste plaats zijn we allemaal wel vertrouwd met het laten prevaleren van een activiteit terwille van een doel, dat soms een ideaal en soms een a moreel doel. Het gaat wel om een uiteindelijk doel, niet om een doel dat instrumenteel is om andere, verder gelegen doelen te bereiken. De kernachtige Nederlandse uitspraak: 'het werk of het meisje?' is een voorbeeld van een doelmiddelenredenering. Ook wel genoemd een doelethiek of teleologie.

(2) Afspraakethiek

Ten tweede is er de contractbenadering die in het dagelijks leven vaak gebruikt wordt als er gerefereerd wordt aan iet 'omdat het zo is afgesproken'. ...

(3) Ontplooiingsethiek

Een derde redenering is het beroep op de ontplooiing van de individuele mens, spelenderwijze wel eens genoemd de aanspraak op zelf-ontplooiing. ...

(4) Voorrangsethiek

Soms wordt gedrag gelegitimeerd op grond van een reeks regels voor buitengewone situaties. Dit kan bijvoorbeeld een ramp betreffen. Wat dient er dan allereerst te gebeuren. Bij een scheepsramp geldt het adagium: 'vrouwen en kinderen eerst!'. ...

(5) Plichtethiek

Een vijfde redeneertrant zoekt het in een reeks plichten, zoals bijvoorbeeld 'glas in een glasbak gooien', 'niet-roken in openbare gebouwen' en 'opstaan voor invaliden en bejaarden in het openbaar vervoer'. Natuurlijk zijn er wel redenen met een doel-karakter aan te voeren waarom zo iets gezegd wordt, maar de formulering is een gebod of een verbod. Dat is kenmerkend voor de plichtethiek; ook wel deontologie genaamd. ....

(6) Deugdethiek

Tenslotte is er een benadering die afwijkt van de eerste vier benaderingen, maar aansluit op de plichtethiek, namelijk de deugdethiek. Op het sportveld wordt sportiviteit als houding aangeleerd: 'Be fair'. ... De deugdethiek concentreert zich op de opvoeding, op het aankweken van een mentaliteit van waaruit ethisch gedrag voortkomt.

Normen en waarden

Twee veel gebruikte begrippen zijn normen en waarden. Normen zijn gedragsregels. Normen staan tussen handelingen en grondbeginselen in. Normen hebben een sociaal karakter. Normen ordenen het menselijk samenleven, zoals ook geschreven of formele regels dat doen. Een norm heeft de functie van een regel. In de ethiek spreken we van normen, zijnde de regels waaraan mensen zich kennelijk houden en waaraan zij ook anderen wensen te houden.

(...)

Waarden staan tussen normen en grondbeginselen in. Voorbeelden van waarden zijn integriteit, eerlijkheid, onpartijdigheid, of onzelfzuchtigheid. Waarden hoeven niet altijd een fundering te hebben van een beginsel. Ook behoeven ze niet altijd een uitwerking te hebben in een reeks normen. Waarden spreken vaak voor zich. Waarden groeien van binnen uit. Ze zijn verbonden met iemands eigen geschiedenis. Normen komen van buiten af. Ze functioneren bij gratie van een sociaal verband.

 

 

 

Bron: Marktethiek, Eduard Kimman

Laatst aangepast op zondag, 10 februari 2019 09:02  
Brainwriting als creativiteitstechniek
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

brainwriting creativiteitstechniek creativiteit

brainwriting creativiteitstechnieken creativiteit

Creativiteitstechniek: Brainwriting

Brainwriting is een techniek die uiterst effectief is wanneer het team snel met elkaar een groot aantal ideeën wil genereren en waarbij het zaak is dat iedereen zijn input levert. De bekendste techniek daarvoor is brainstormen. Mensen brengen ideeën naar voren. De afspraak is dat men alle ideeën naar voren kan brengen, ook al lijken ze gek of onuitvoerbaar. Wat het ene teamlid als een idee naar voren brengt kan het andere teamlid weer oppakken. Een groepslid noteert ondertussen de ideeën op een bord.

Een nadeel van brainstormen is dat de personen die verbaal vaardig zijn of die een grote durf hebben in groepen, de overhand kunnen hebben. De personen die goede ideeën hebben, maar zich niet graag op de voorgrond willen dringen of vinden dat ze een gek idee hebben, voelen zich dan geremd. ... Deze bezwaren kan men geheel ondervangen door in plaats van brainstorming de techniek brainwriting te gebruiken. Bij brainwriting zitten mensen aan een tafel met een vel papier dat is ingedeeld in bijvoorbeeld 9 kaders waarin u een idee kunt noteren.

Ieder groepslid schrijft na het startsein een idee in een kader. Ook hier geldt, net als bij brainstormen, dat elk idee, hoe gek ook, kan. Daarna geeft iedereen het vel door naar de persoon links. Dat betekent dat u van rechts nu ook een vel met een idee erop krijgt. U leest het idee. Het lezen van de ideeën van anderen is wezenlijk voor het brainwriting. Met het leven van die ideeën vergroot u de kans op nieuwe ideeën. U mag tijdens het brainwriten niet met de ander praten over het  idee dat u net hebt gelezen. U schrift nu in het volgende kader een nieuw idee. Het kan gaan om een idee dat te maken heeft met het idee dat u net hebt gelezen, maar het hoeft niet. Nadat u dit idee hebt opgeschreven schuift u het vel weer door naar links en ontvangt u vanuit rechts ook een vel met twee ideeën. Die leest u weer even en schrijft een derde idee op en u geeft het vel daarna weer door.

Zo ontstaat in deze doorgeefkring van het liefst zo'n 6 of 7 personen, binnen een korte, afgesproken tijd een lawine van ideeën. De ervaring is dat het me een team van 7 personen binnen 10 minuten lukt om elk een vel met 9 ideeën te genereren. De oogst bestaat dus uit 63 ideeën.

Vraag daarna alle deelnemers een vel voor zich te nemen en het idee te omcirkelen wat hem of haar het meest aantrekt. Ieder lid van het team maakt dus ter plekke een selectie. Dat kan het eigen idee zijn of een idee van een ander. Vervolgens vraagt u iedereen het omcirkelde idee voor te lezen. Over deze geselecteerde ideeën kan dan een dialoog volgen waar varianten op de ideeën kunnen ontstaan.

U verkrijgt hiermee dat men toch in een groep ideeën kan bespreken. U hebt echter gegarandeerd dat iedereen zijn ideeën in ruime mate kwijt kon op papier. Wees zuinig op de ideeën die niet zijn omcirkeld. Ook daar kunnen parels tussen zitten. De ervaring is voorts dat u gedurende een brainwrite-sessie het best wat achtergrondmuziek kunt draaien, om de stilte te breken.

Deze brainwrite-techniek is ook geschikt om tijdens conferenties toe te passen. Met honderd mensen in de zaal kan men zo binnen twintig minuten meer dan duizend ideeën rond een thema verkrijgen.

Laatst aangepast op zondag, 17 februari 2019 19:09  
Proces, procedure en werkinstructie volgens Ruud van Laar
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

processen icoon process icon

Ruud van Laar (QNH) beschrijft in het artikel Begripsverwarring van proces, procedure en werkinstructie wat hij verstaat onder de begrippen proces, procedure en werkinstructie:

proces procedure werkinstructie

Begripsverwarring van proces, procedure en werkinstructie

(...)

Begripsverwarring

Wat ik tegenkom is dat de begrippen proces, procedure en werkinstructie vaak op verschillende manieren wordt gebruikt, waardoor onnodige begripsverwarring ontstaat en daardoor zelfs een verkeerde structuur wordt opgebouwd. Iets wat de onderhoudbaarheid niet ten goede komt. Ik neem de verschillende begrippen daarom graag nog eens onder de loep.

Een proces: een opeenvolging van activiteiten, getriggerd door een startevent/gebeurtenis, met als uitkomst een resultaat (bv. verleende hypotheek, geleverde bank). Een proces kan worden uitgevoerd door één of meerderde rollen en kan afdelings- of bedrijfsoverstijgend zijn.

Een activiteit: een activiteit bestaat uit een opeenvolgende reeks van handelingen. Het is een beschrijving van achtereenvolgend te nemen stappen. Het is een instructie die beschrijft wat en hoe je iets moet doen.

Vaak worden deze handelingen ondersteund door een geautomatiseerd systeem, maar dat hóeft niet.

Activiteiten kunnen worden afgebakend door het OTOPOP principe te hanteren. One Time-One place-One Person.

Het principe werk als volgt. ‘kan je na de uitvoering van een activiteit pauze nemen, een kop koffie drinken of naar huis gaan?’. Als het antwoord ‘ja’ is, dan heb je een activiteit te pakken.

Een ander woord voor activiteit is taak. Een functionaris in een organisatie heeft dus verschillende taken, welke in een proces bijdragen aan een resultaat. In een proces heeft de functionaris een rol.

(...)

Werkinstructie: in een werkinstructie beschrijven we de handelingen die tijdens de uitvoering van een activiteit moeten worden uitgevoerd. Het begrip procedure laten we varen.

Bron: Begripsverwarring van proces, procedure en werkinstructie, Ruud van Laar (QNH)



Ruud van Laar,

Laatst aangepast op zaterdag, 16 februari 2019 20:09  
Gegevens, informatie en kennis volgens Mathieu Weggeman
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

informatie gegevens kennis mathieu weggeman

Mathieu Weggeman beschrijft in zijn boek Organiseren met kennis wat hij verstaat onder gegevens, informatie en kennis:

kennis kenniswerker weggeman

Vanaf het midden van de 19e eeuw is de betekenis van kennis ... radicaal gewijzigd. In de post-industriële  samenleving zijn de traditionele productiefactoren arbeid, kapitaal en grondstoffen naar de achtergrond verdrongen. Westerse organisaties zijn niet arbeidsintensiever, niet materiaal-intensiever, niet energie-intensiever maar kennis- en kapitaal-intensiever geworden. In die organisaties treffen we vele groepen kenniswerkers aan die bij het produceren nauwelijk fysieke kracht of handvaardigheid gebruiken, maar vooral ideeën, begrippen, modellen en informatie.

(...)

Over data, informatie en kennis

... De meest eenvoudige manier om - in een enigszins ontwikkeld gezelschap - met de vraag naar het verschil tussen kennis en informatie om te gaan, is mee te delen dat informatie en kennis zogenaamde primitieve termen zijn: termen die worden begrepen zonder dat die exact kunnen worden gedefinieerd. Andere voorbeelden van primitieve termen zijn kwaliteit, tijd, organisatie, waarheid, schoonheid. Inzicht in de betekenis van een primitieve term komt tot uiting in de juiste manier van toepassen van het betreffende begrip. Dat wordt al doende geleerd. Zo kan men inzicht in de betekenis van schoonheid opdoen door het zien van veel als mooi aangeduide schilderijen.

Dat de achter de primitieve term liggende sociale realiteit subjectief en contingent is - dat wil zeggen: varieert naar persoon, tijd en plaats - moge duidelijk zijn. Zouden er evenveel aardappels zijn als nu truffels, dan is de kans groot dat in die situatie een aardappel de status krijgt die thans de truffel bezit en gezien gaat worden als een kostbare lekkernij. De operationele definitie van een lekkernij wordt dan: iets wat schaars is en van ver komt.

(...)

Een meer direct antwoord wordt verkregen door te trachten, data, informatie en kennis zo disjunct mogelijk te omschrijven. Daartoe volgt hier een poging:

Onder data (of gegevens) verstaan we symbolische weergaven van getallen, hoeveelheden, grootheden of feiten; een gegeven is een weergave van datgene wat een menselijke of geonstrueerde sensor waarneemt over de toestand van een in beschouwing genomen variabele. Voorbeelden van data zijn: 70 mensen, 1874 Kinderwetje van Van Houten, 21 graden Celsius, maar ook: een plezierige ervaring. Dat is evengoed een feit als 'een gebroken ruit' omdat in beide gevallen iets aangegeven wordt over de toestand van de betreffende variabele.

Informatie ontstaat wanneer iemand betekenis toekent aan verkregen gegevens. In de meeste gevallen gebeurt dat door het vergelijken van doelgericht geordende data. Voorbeeld: vandaag zijn er 30 mensen meer dan gisteren, het weerbericht en in de de geschiedenis van de Nederlandse wetgeving komt men één en slechts één kinderwetje tegen. Communiceert de betreffende persoon die betekenis - schriftelijk, mondeling of anderzins - dan verzendt hij vanuit zijn standpunt gezien nog steeds informatie. Zo beschouw ik dit essay als informatie. U kunt niet anders dan die informatie in eerste instantie als een verzameling gegevens waarnemen waaraan u al dan niet een betekenis wenst toe te kennen.

Er zullen maar weinig Nederlands zijn die het telefoonboek van Nova Scotia als informatie wensen te beschouwen.

Alvorens tot een definitie van kennis te komen, dienen eerst nog twee primitieve basisaannames gedaan te worden.

De eerste is dat kennis buiten een individu niet kan bestaan. Als informatie een onmisbare bouwsteen van kennis en als tevens geldt - zoals hiervoor is betoogd - dat informatie buiten een individu niet kan bestaan, dan geldt dat bij implicatie ook voor kennis. De consequentie hiervan is dat kennis niet van de ene op andere persoon kan worden overgedragen. Door het bestuderen van een ander-in-actie of van de resultaten van die actie kan door de beschouwer wel informatie verkregen worden over de kennis van die ander. Kennis kan dus ook niet in machines of administratieve systemen worden opgeslagen.

Ten tweede wordt aangenomen dat kennis een vermogen is. Deze basisaanname mag zich verheugen in een hoge intuïtieve validiteit omdat de betekenis van de term 'vermogen' door velen gevoelsmatig makkelijk met kennis geassocieerd worden.

Nu kan kennis gedefinieerd worden als een - al dan niet bewust - persoonlijk vermogen dat iemand in staat stelt een bepaalde taak uit te voeren. Een vermogen dat het metaforisch product is van de informatie, de ervaring, de vaardigheid en de attitude waarover iemand op een bepaald moment beschikt K = I x EVA.

De informatiecomponent van kennis wordt ook wel geëxpliciteerde, encyclopedische of gecodificeerde kennis genoemd. Het betreft hier kennis die dadelijk - door de bezitter van die kennis - opgeschreven kan worden of kennis die al in symbolen zoals tekst, tekeningen en schema's is uitgedrukt en daarna eigen gemaakt is.

De informatiecomponent van kennis is vooral van invloed op het kennen, het weten. Synoniemen voor de EVA-component zijn: impliciete kennis en tacit knowledge ofwel stilzwijgende kennis.

Deze implicieite kennis bestaat uit:

  • de verzameling persoonlijke ervaringen die de bron is van gevoelens, associaties, fantasieën en intuïties
  • het vaardigheden repertoire, waartoe behoren: ambachtelijke vaardigheden, analytische vaardigheden, communicatieve vaardigheden, ruimtelijk inzicht en dergelijke
  • de attitude: de door basis assumptions, waarden en normen ingegeven houding die kenmerkend is voor een persoon in een bepaalde situatie en die zijn manier van waarnemen richt.
De EVA component van kennis kan immaterieel via socialisatie gedeeld worden of door middel van elicitatie worden omgezet in informatie.
Ervaringen en Vaardigheden zijn vooral van invloed op het kunnen, Attitude op het willen en het - van jezelf - mogen.


Laatst aangepast op vrijdag, 31 mei 2019 10:25  
Het principal-agent-probleem volgens Hans-Jürgen Wagener
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

principal agent probleem

In het boek Elementen van economische orde beschrijft H.J. Wagener de drie basistypen van eigendomsrecht:

wagener eigendomsrechten

[We kunnen] onderscheid maken tussen drie basistypen van eigendomsrechten, zoals deze reeds in het Romeinse recht waren gedefinieerd:

(1) Usus of het recht op gebruik van een middel

  • dit betekent vooral dat men anderen kan uitsluiten van het gebruik;
  • het recht op gebruik veronderstelt echter geen juridisch eigendom: een auto voor eigen gebruik kan bijvoorbeeld worden gehuurd;
(2) usus fructus of het recht op vruchtgebruik:
  • het recht om over het product te beschikken dat met de betreffende middelen kan worden voortgebracht: dit is niet vast verbonden met het recht op gebruik; in de huisindustrie maken zelfstandige arbeiders vaak gebruik van weefgetouwen die zij van de ondernemer hadden gehuurd aan wie zij ook het product moesten afstaan;
  • het recht op commercieel gebruik van een middel omvat usus en usus fructus: een transportbedrijf kan een vrachtauto leasen en daarmee op de vervoersmarkt opereren, dat wil zeggen de vruchten van het gebruik, de vervoersdiensten, op de markt aanbieden;
  • het recht om over de inkomsten daaruit te beschikken, welke uiteraard met vorderingen belast kunnen zijn: de loonvorderingen van de chauffeurs, de vorderingen uit het leasingcontract, de belastingvorderingen van de fiscus;
(3) abusus of het recht om over de middelen zelf te beschikken:
  • het recht om de aard van de middelen te veranderen: bijvoorbeeld de vrachtauto anders te laten uitrusten;
  • het recht om deze rechten of het eigendom in het algemeen over te dragen;
  • het recht om de middelen te verbruiken: onder het systeem van arbeidserszelfbestuur en maatschappelijk eigendom had een Joegoslavisch bedrijf bijvoorbeeld niet het recht om de productiemiddelen die in het beheer van het bedrijf stonden te verbruiken, dat wil zeggen hun afschrijving achterwege te laten, en zodoende de vermogenswaarde te consumeren.
Dit zijn rechtenbundels, die natuurlijk verder opgesplitst kunnen worden. Het zal duidelijk zijn dat het beschikkingsrecht (abusus) het meest vergaande recht is. Degene die dit recht in handen heeft noemen we dan ook de eigenaar van een goed.
Door deze eigendomsrechten wordt een verzameling van beslissingen afgegrensd waarover de houder van een recht zeggenschap heeft.

(...)

Het principal-agent-probleem

[Als] het usus, usus fructus en abusus in verschillende handen terechtkomen, dat wil zeggen als er een scheiding plaatsvindt tussen eigendom (abusus en delen van usus fructus) en zeggenschap (usus en delen van usus fructus en abusus) bepaalt de één het gebruik van de middelen, bijvoorbeeld de manager of de ambtenaar, terwijl de ander met de kosten en baten zit, bijvoorbeeld de aandeelhouder of de gemeenschap. De beslisser hoeft dan niet automatisch de gevolgen van zijn besluiten zelf te dragen. In dat geval bestaat er kans op opportunistisch gedrag ('men loopt de kantjes eraf') en sub-optimale beslissingen. Om dit te vermijden, moet de eigenaar de beslisser controleren.

Het probleem dat ontstaat wordt het principal-agent-probleem genoemd: een heer (principal) moet er voor zorgen dat zijn knecht (agent) niet zijn eigen belang nastreeft, maar de belangen van de heer behartigt. ... Het principal-agent-probleem treedt op bij iedere scheiding van eigendom en zeggenschap, of nog algemener, bij iedere opsplitsing tussen verschillende individuen van de bundel van eigendomsrechten op een productiemiddel.

Bron: Elementen van economische orde, H.J. Wagener

Laatst aangepast op zondag, 10 februari 2019 08:28  
Stuurkring vs. regelkring volgens de Open Universiteit
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

feedback feed forward sturing

De Open Universiteit maakt in haar opleidingsmateriaal Inleiding kwaliteitszorg binnen de procesbeheersing onderscheid tussen sturen (stuurkring) en regelen (regelkring):

regelkring procesbeheersing

Bij procesbeheersing kan onderscheid gemaakt worden in sturen en regelen. Het beheersen van het proces vindt dan plaats door middel van een stuurkring, respectievelijk een regelkring. Een dergelijke kring bestaat altijd uit drie afzonderlijke functies: een meetfunctie, een beoordelingsfunctie en een corrigerende functie. Het onderscheid tussen sturen en regelen berust op het verschil in de ‘plaats’ in het primair proces waar de controle plaatsvindt en, daarmee samenhangend, hoe een storing gecompenseerd wordt.

Bij sturen wordt de input van een proces gemeten en vergeleken met de daarvoor geldende normen. Wordt daarin een afwijking geconstateerd, dan wordt deze informatie doorgegeven naar het corrigerend orgaan dat vervolgens het proces aanpast of de input wijzigt. Bij sturen worden dus de gevonden afwijkingen voor of tijdens het proces gecompenseerd. Sturen wordt dan ook wel voorwaartskoppelen of ‘feed forward’ genoemd.

stuurkring procesbeheersing

Het principe van regelen daarentegen berust op controle van de output. In de regelkring wordt de output van een proces met de daarvoor geldende normen vergeleken. In geval van een geconstateerde afwijking wordt hier via het corrigerend orgaan een signaal ‘teruggekoppeld’ naar het proces of naar de input. Regelen berust dus op het corrigeren achteraf en wordt dan ook wel terugkoppeling of feed back genoemd.

regelkring procesbeheersing

(...)

Een regelkring is de meest voorkomende vorm van procesbeheersing. Als voorbeeld noemen we hier de samenwerking tussen een kwaliteitscontroleur en productiewerkers. Een controleur beoordeelt de kwaliteit van het product (meting van de output), waarschuwt de werkers als er fouten zijn gemaakt en zal waar nodig tevens aangeven door welke oorzaak de fout waarschijnlijk is ontstaan en hoe die kan worden vermeden. Een dergelijk proces zal zich blijven herhalen totdat de gewenste output wordt verkregen.

Bron: Inleiding kwaliteitszorg, Open Universiteit

Laatst aangepast op vrijdag, 04 oktober 2019 12:09  
Pareto-principe volgens Stoffels, Roozendaal, Geskes & Clement
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

Pareto-principe Pareto-analyse Pareto Vilfredo 80-20 lean

Stoffels, Roozendaal, Geskes en Clement beschrijven in hun Compendium Management Non-Profit Organisaties het Pareto-principe als volgt:

pareto principe

Het Pareto-principe is de gedachte dat van een verzameling elementen slechts een relatief beperkt aantal het belang van het totaal uitmaakt.

De Italiaan Pareto ontdekte in de negentiende eeuw, dat er van een groep elementen altijd maar enkele bepalend zijn voor de belangrijkheid van het geheel. Dit verschijnsel - het principe van Pareto genoemd - is door veel onderzoek nadien bevestigd en nader uitgewerkt. Daarbij is komen vast te staan, dat meestal slechts 20% van de elementen van vitaal belang is, doordat zij circa 80% van de belangrijkheid van het geheel uitmaakt, terwijl de overige 80% van de elementen triviale (normale, alledaagse) betekenis heeft, doordat zij slechts 20% van het belang vormt. Het principe van Pareto heeft dan ook in de latere jaren betekenis gekregen als de 80/20-regel, alhoewel de betekenis van de formule niet al te exact moet worden opgevat. Vaak kan de verdeling 75/25 of 85/15 zijn.

Bron: Compendium Management Non-Profit Organisaties, A.L.J. Stoffels, G.J.C. Roozendaal, E. Geskes, J.M. Clement

Laatst aangepast op vrijdag, 01 februari 2019 20:59  
Pareto-principe volgens Joseph M. Juran
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

pareto principe 80 20

joseph juran pareto principe

Eind jaren dertig deed een groep managers van General Motors een interessante ontdekking die de deur opende naar een verbazingwekkende doorbraak. Een van hun kaartlezers (een input device van vroegere computers) produceerde wartaal. Terwijl ze het defecte apparaat onderzochten, stuitten ze op een manier om geheime berichten te coderen. In die tijd was het een belangrijke ontdekking. Vanaf het moment dat de beruchte Duitse Enigma-codeermachine verscheen tijdens de eerste Wereldoorlog, was zowel het maken als het kraken van codes een kwestie van nationale veiligheid, iets wat het publiek mateloos intrigeerde. De GM-managers waren er algauw van overtuigd dat hun toevallig ontdekte geheimschrift niet te kraken viel. Eén man, een consultant van Western Electric die bij hen op bezoek was, sprak dat tegen. Hij nam de uitdaging aan de code te breken, werkte de hele nacht door en de volgende ochtend om drie uur was het hem gelukt. Die man was Joseph M. Juran.

Juran verwees later naar dit incident als beginpunt voor het kraken van een veel ingewikkelder code en het leveren van een van zijn belangrijkste bijdragen aan de wetenschap en het zakenleven. Als gevolg van het succes met decoderen, nodigde een GM-directeur hem uit om een onderzoek naar managementcompensatie te bekijken dat was opgezet volgens een formule die werd beschreven door de relatief onbekende Italiaanse econoom Vilfredo Pareto. In de negentiende eeuw had Pareto een wiskundig model beschreven voor de inkomensverdeling in Italië: 80 procent van het land was in handen van 20 procent van de mensen. Rijkdom was niet gelijk verdeeld. Sterker nog, volgens Pareto was deze concentratie zeer voorspelbaar. Als pionier van kwaliteitscontrole en -beheer had Juran gemerkt dat een handvol mankementen het overgrote deel van de defecten veroorzaakte. Die mate van onevenredigheid leek niet alleen overeen te komen met zijn eigen ervaring. Hij vermoedde dat het zelfs een universele wetmatgheid was en dat Pareto iets had ontdekt dat wellicht veel groter was dan hij zich had kunnen voorstellen.

Toen Juran werkte aan zijn invloedrijke Quality Control Handbook, wilde hij een korte naam geven aan het concept van 'enkele essentiële en de vele onbeduidende dingen'. Een van de vele illustraties in zijn manuscript had als bijschrift 'het Paretoprincipe van onevenredige distributie'. Iemand anders zou het naar zichzelf hebben vernoemd, maar hij koos voor het Paretoprincipe.

Het blijkt dat het Paretoprincipe net zo echt is als de wet van de zwaartekracht, al zien de meeste mensen de zwaarte er niet van. Het is niet slechts een theorie, het is een aantoonbare, voorspelbare zekerheid van de natuur en een van de belangrijkste waarheden der productiviteit die ooit is ontdekt. In zijn boek The 80/20 Principle definieerde Richard Koch het als volgt: 'De 80-20-regel stelt dat een kleine groep oorzaken, input of inspanning over het algemeen leidt tot het overgrote deel van resultaten, output of beloningen.' Met andere woorden, in de wereld van succes zijn dingen niet gelijkwaardig. Een handvol oorzaken creëert de meeste resultaten. Precies de juiste input zorgt voor de meeste output. Zorgvuldige inspanning levert bijna alle beloningen op.

Pareto geeft ons een zeer duidelijke richting: de meerderheid van wat je wilt bereiken komt voort uit een handvol dingen die je doet. Uitzonderlijke resultaten worden behaald door buitenproportioneel minder handelingen dan de meeste mensen beseffen.

Bron: 1 ding, Gary Keller & Jay Papasan

Laatst aangepast op zaterdag, 09 februari 2019 09:09  
Meer artikelen...


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

The difference between a successful person and others is not a lack of strength, not a lack of knowledge, but rather in a lack of will.

Vince Lombardi

Banner
Banner

Archief

Lean boeken top 5

(maart 2016)
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

We hebben 192 gasten online
Artikelen

being ruined peopl doing wrong things edwards deming

Banner

oplossingsgericht coachen insoo kim berg

Oplossingsgericht coachen
Insoo Kim Berg, Peter Szabó

Bij Bol.com | Managementboek


Lean boekentips

The Hoshin Kanri Forest
Lean Strategic Organizational Design
Javier Villalba-Diez

Bij Bol.com


Banner