• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home Bluff Your Way Into...
Bluff Your Way Into
Disruptief innoveren volgens Clayton Christensen (1)
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

In dit Youtube-filmpje (4.17m) legt Jeff Monday helder uit wat de theorie van disruptieve innovatie (disruptive innovation) van innovatie-goeroe Clayton Christensen's inhoudt.

Ook Management Team geeft op haar website een bondige samenvatting van deze theorie:

Disruptive innovation beschrijft een proces waarbij een dienst of product ‘onderin’ de markt, met simpele applicaties begint, waarna het schijnbaar ongemerkt naar boven in de markt beweegt, waarbij het uiteindelijk de gevestigde orde opzijzet. Een ‘disruptive innovation’ geeft een heel nieuwe populatie toegang tot een techniek die voorheen was voorbehouden aan mensen met veel geld of met veel vaardigheden. Kenmerken van disruptive businesses, zeker in hun begindagen: kleine marges, kleine doelgroepen, simpele producten en diensten die aanvankelijk nog niet zo aantrekkelijk lijken als de bestaande producten. Volgens Christensen letten de meeste bedrijven te veel op innovaties die hun huidige positie beschermen, in plaats van goed te kijken naar wat het was waardoor ze historisch ooit succesvol zijn geworden. Dat opent als vanzelf de deur voor disruptive innovators, zegt hij. De mobiele telefoon, die in recordtempo de vaste lijn verdwong, is daarvan het meest pregnante voorbeeld.

Zie ook: Disruptief innoveren volgens Clayton Christensen (2)

Bron: http://www.mt.nl/90/30821/management/clayton-christensen-universiteit-in-crisis.html

Laatst aangepast op zaterdag, 06 juni 2020 20:05  
Persoonlijkheidsmodel van De Rover
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

Persoonlijkheidsmodel De Rover

Volgens Arie de Rover zijn er vier factoren ('niveaus') die bepalend zijn voor je persoonlijkheid:

  1. Niveau 1: Gedrag; al het handelen en functioneren, alles wat je zegt en doet, maar ook de manier waarop je het doet en je non-verbale communicatie daarbij.

  2. Niveau 2: Talenten en competenties; mogelijkheden én beperkingen die je ontwikkelt om te functioneren. Talenten hebben vaak een genetische oorsprong (intelligentie, fysieke mogelijkheden, expressieve talenten of motoriek), maar moeten wel ontwikkeld worden. Als je op dit tweede niveau verandert, dan verandert je doen vanzelf.

  3. Niveau 3: Drijfveren en overtuigingen;  mensen hebben – in tegenstelling tot de dieren – de capaciteit om te reflecteren. "Een mens is zich bewust van zijn bestaan en kan ‘denkend’ door het leven gaan. Op dit niveau zitten de mentale keuzes die je maakt. Daarbij heb je de mogelijkheid om niet alleen inhoudelijk te kiezen (Wat wil ik?), maar ook de keuze voor een bepaalde wilskracht (Hoe graag wil ik het? Wat wil ik het liefst?). Het gaat hier om je drijfveren en je normen en waarden. Dit is de stuurhut van je leven – de vraag is: Wat is je kompas? Sta je eigenlijk wel aan het stuur? De keuzes op dit wilsniveau hebben hiërarchische invloed op de ontwikkeling en inzet van je talenten en op het gedrag dat daaruit voortvloeit".

  4. Niveau 4: Identiteit; de kern van je persoonlijkheid, de essentie van het mens-zijn (je ‘ziel’ of ‘diepste ik’). De meest wezenlijke mogelijkheid van alle geestelijke vermogens is dat mensen in staat zijn om betekenis te geven aan anderen en aan dingen in het leven: "Als mens heb je een aangeboren behoefte aan betekenis en zin. Die behoefte is zo sterk, dat mensen die zinloosheid ervaren in hun leven vaak liever dood zouden zijn".

De vier niveaus vormen samen iemands persoonlijkheid en staan in een onderlinge hiërarchie. Veranderingen op een hoger niveau hebben effect op de niveaus eronder. Als er op een lager niveau veranderingen zijn, kán dat effect hebben op hogere niveaus, maar dat hoeft niet. Als je echt wilt veranderen, moet je dus niet met de onderste treden beginnen, maar met de bovenste; een trap veeg je - aldus De Rover - van boven naar beneden.

Laatst aangepast op zaterdag, 06 juni 2020 19:51  
Bluff Your Way Into kerncompetenties
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

kerncompetentie core competence

Bij het bepalen van de strategie van een organisatie kan het nuttig zijn op zoek te gaan naar de zgn. kerncompetenties. Kerncompetenties zijn "unieke, ondernemingsgebonden kenmerken, die potentieel toegang moeten verschaffen tot meerdere markten, die moeilijk te imiteren zijn en die een significante bijdrage moeten hebben voor het leveren van toegevoegde waarde aan de klant".

Wanneer bij de formulering van de strategie en doelstellingen wordt uitgegaan van de kerncompetenties van een organisatie, is sprake van een 'van binnen naar buiten gerichte benadering': om de concurrentiestrijd te winnen moet een onderneming in staat zijn sneller en beter nieuwe producten te ontwikkelen. Hiervoor is een langetermijnvisie nodig op de aard van de toekomstige producten, markten en klanten. Deze visie moet altijd gebaseerd zijn op de kerncompetenties. De belangrijkste vraag hierbij is waarin een organisatie kán en wil excelleren.

Bron: Strategische Inzet van ICT, een leidraad voor business-informatiemanagement (2005), Marc Beijen, Eric Broos, Etienne Lucas

Laatst aangepast op zaterdag, 06 juni 2020 19:49  
Werken aan competenties met Jan Willem van de Boogert
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

competent competentie bekwaam

In zijn boek Praktijkgericht opleiden - al doende leren in de beroepspraktijk beschrijft Jan Willem van den Boogert wat hij verstaat onder de begrippen 'competentie' en 'competent':

praktijkgericht opleiden jan willem boogert leren beroepspraktijk

Werken aan competenties

Het woord 'competent' betekent letterlijk: 'bekwaam'. We vinden iemand bekwaam functioneren als hij in een beroepssituatie blijkt te beschikken over de benodigde kennis, inzicht, vaardigheden en houdingen en weet deze toe te passen in diverse situaties.

Het woord 'competentie' (als zelfstandig naamwoord) is weer een ander woord. Wat bedoelen we hier precies met dit begrip? Een competentie kan twee betekenissen hebben, die dicht bij elkaar liggen.

(a) Een vermogen dat iemand nodig heeft om te handelen in zijn beroep of functie. Dit vermogen is een persoonlijke kwaliteit van de persoon, die hij heeft ontwikkeld en aanwendt in zijn/haar beroepsmatige functioneren. Vermogens ontwikkelen is een langetermijnontwikkelingsproces, en dit ontwikkelen begint nooit bij een nulpunt. Het vermogen is aanwezig, maar heeft de nodige voeding en communicatie nodig om tot wasdom te komen.

Voorbeelden: communicatief vermogen, reflectief vermogen, technisch inzicht, analytisch denkvermogen.

(b) Een brede vaardigheid (of een set van vaardigheden) die iemand heeft aangeleerd en zich heeft eigen gemaakt, ten behoeve van zijn/haar werk. Voor het ontwikkelen van vaardigheden kan een kortetermijnleerproces afdoende zijn. Natuurlijk hangen de duur en intensiteit samen met de complexiteit van de vaardigheid en de beginsituatie van de lerende.

Voorbeelden: ontwerpen, relatiebeheer, assessments doen. Kortom: vermogens kun je ontwikkelen, vaardigheden kun je aanleren.

Vermogens kun je tevens zien als de 'onderstroom' van de vaardigheden. Voor het leren van vaardigheden zijn vermogens een voorwaarde.

Bron: Praktijkgericht opleiden - al doende leren in de beroepspraktijk, Jan Willem van den Boogert

Laatst aangepast op maandag, 04 mei 2020 12:04  
Zintuigelijke waarneming
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

vijf zintuigen five senses

De zintuigen tellen mensen in staat om de ruimtelijke omgeving in haar volle omvang waar te nemen. Daarmee nemen wij prikkels uit de omgeving waar en kunnen die omzetten in gewaarwording. Zintuigen zijn gevoelig voor zogenaamde energetische veranderingen. Die veranderingen zijn bijvoorbeeld electromagnetisch (licht), mechanisch (geluid, tast, beweging en spierspanning), chemisch (smaak en geur) of thermisch (hitte en koude) van aard.

De marketingexpert Philip Kotler (1973) identificeert (...) vier zintuigelijke kanalen die relevant zijn om een fysieke omgeving voor organisaties de juiste sfeer te kunnen geven: zien (kleur, helderheid, grootte en vorm), horen (volume en toonhoogte), ruiken (geur en frisheid), voelen (zacht, glad, temperatuur).

Binnen de NLP wordt ervan uitgegaan dat iedereen een eigen uniek systeem van ervaren, verwerken en opslaan heeft. Hierbij worden er vijf zogenaamde hoofdmodaliteiten onderscheiden: visueel (zien), auditief (horen), kinestetisch (voelen), olfactoir (ruiken), en gustatoir (proeven). Het voorkeurssysteem komt tot uiting in non-verbale communicatie (met name ogen), maar wordt elk van de zintuigelijke ervaringsgebieden ook gekenmerkt door zijn eigen vocubalaire ('ik heb oog voor iets', 'ik hoor het je zeggen', 'ergens greep op krijgen'). Naast de (vijf) hoofdmodaliteiten onderscheidt NLP ook zogenaamde submodaliteiten, fijnere nuances binnen een zintuigelijk systeem:

Visueel: kleur, helderheid, vorm, bouw, beweging, situatie, plaats, contrast, kleurverzadiging, afstand, tegenstelling, duur, snelheid, richting, perspectief, dimensionaliteit, geassocieerd of gedissocieerd, voorgrond-achtergrond, zelf-omgeving.

Kinestetisch: samenstelling (van weefsel), gewicht, temperatuur, vorm, dichtheid, beweging, plaats.

Auditief: toonhoogte, volume, tempo, timbre, plek, ritme, intonatie, stembuiging.

Reuk/smaak: geursterkte, vochtigheid, smaaksterkte, temperatuur, concentratie.

Bron: Een organisatie van vlees en steen (2009), Mark Mobach

Laatst aangepast op zaterdag, 06 juni 2020 19:50  
Learning nudges volgens Elliot Masie
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

nudge learning elliot masie

Elliot Masie geeft in zijn podcast Learning Nudges een mooie beschrijving van een zgn. 'learning nudge':

learning nudges microlearning micro learning

A nudge ... is just a gentle push for changed behaviour (to succeed or avoid failure)

(...)

A nudge is ... something that wil grow as some phenomena will take place in the world of work:

(i) we are more digitally connected

(ii) triggered by observation

(iii) big data world (incl. AI, machine learning) drive ability to be nudged

(...)

For the nudge to be effective, it has to be:

  • Trusted
  • On target
  • On time
  • In the format that you want
and it's a nudge, not a lesson
Tags:
Laatst aangepast op zondag, 07 juni 2020 12:21  
Leren als cyclisch proces volgens Jan Willem van de Boogert
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

leren cyclisch proces boogert

In zijn boek Praktijkgericht opleiden - al doende leren in de beroepspraktijk beschrijft Jan Willem van den Boogert leren als cyclisch proces:

praktijkgericht opleiden jan willem boogert leren beroepspraktijk

Leren als een cyclisch proces

Als iemand in de praktijk leert, gebeurt dit in een cyclisch proces. Dit complexe proces is te onderscheiden in vier fasen. Deze fasen zijn:

  1. Ervaren
  2. Stilstaan bij de ervaring (reflecteren)
  3. Begrijpen en conclusies trekken (abstraheren/conceptualiseren)
  4. Experimenteren
In allerlei leerprocessen, in werk, maar ook in hobby's, sport of in in het dagelijks leven speelt dezelfde cyclus.
De Amerikaan David Kolb (1984) ontdekte en beschreef deze cyclus en noemde hem: 'de cyclus van ervaringsleren'. Deze 'leercyclus van Kolb' helpt ons zichtbaar maken op welke manier we leren van of via ervaringen. Door te begrijpen in welk cyclisch patroon het leren gebeurt, bent u beter in staat om leerprocessen bewust te herkennen, te faciliteren en te begeleiden.
Als alle fasen in de cyclus doorlopen zijn, is er sprake van leren. Een ervaring wordt een leerervaring door te reflecteren op de ervaring en door inzicht te verwerven uit de ervaring en vervolgens met dit inzicht te handelen. Het klinkt misschien theoretisch, maar het is een heel praktisch - alledaags - iets.
(...)
De cyclus heeft geen vast begin- of eindpunt. Hij kan op verschillende punten beginnen. Als het startpunt van het leren een ervaring is, dan beginnen we bij de ervaring (fase 1). Het startpunt kan ook anders zijn, bijvoorbeeld een inzicht of theorie, of bekijken hoe iemand anders iets doet. In die gevallen begint de cyclus op een ander punt.

Bron: Praktijkgericht opleiden - al doende leren in de beroepspraktijk, Jan Willem van den Boogert

Laatst aangepast op zondag, 19 april 2020 11:54  
Leren en onderwijzen volgens Clive Shepherd, Phil Green & Barry Sampson
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

leren learn

Clive Shepherd, Phil Green en Barry Sampson beschrijven in hun boek Live online learning: a facilitator's guide vijf verschillende 'types van leren' die elk een eigen strategie vragen om deze te onderwijzen:

  1. Proces
  2. Procedurele taak
  3. Principe-gebaseerde taak
  4. Feiten
  5. Concepten

proces taak feit concept

Proces
Serie van fase die elkaar opvolgen op oorzaak/gevolg-basis

Strategie: help mensen om het proces te begrijpen door het gebruiken van diagrammen, experiementen, case studies en simulaties.

Procedurele taak
Stap-voor-stap activiteiten die elke keer op grotendeels dezelfde manier worden afgehandeld.

Strategie: demonstreren en vervolgens toepassen in de praktijk en feedback geven.

Principe-gebaseerde taak
Taakuitvoering wordt geleid door richtlijnen die elke keer anders worden geïmplementeerd.

Strategie: demonstreren door te laten zien hoe de taak wordt uitgevoerd in verschillende situaties, vervolgens taken daadwerkelijk uitvoeren in verschillende situaties.

Feiten
Arbitraire stukken informatie die onthouden moeten worden of die je kunt raadplegen op het moment dat je dit nodig hebt.

Strategie: herhaald oefenen, met ezelsbruggetjes.

Concepten
Woorden of zinnen die een hele klasse of categorie items representeert die bepaalde kenmerken gemeenschappelijk hebben.

Strategie: uitleggen welke unieke kenmerken het concept heeft, voorbeelden geven en mensen goede en slechte voorbeelden van een concept laten identificeren.

Bron: Live online learning: a facilitator's guide, Clive Shepherd, Phil Green, Barry Sampson


Tags:
Laatst aangepast op woensdag, 27 mei 2020 19:39  
Leren volgens Clark Quinn
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

leren learn

In zijn blogpost Making Small Learnings Work beschrijft Clark Quinn waarom 'micro learning' en 'spaced learning' een goede combinatie zijn. Het onderstaande fragment beschrijft de kracht van herhaling om patronen te vormen met neuronen:

leren clark quinn

Making Learning Work

Learning happens over time. It turns out that learning is really about strengthening the connections between neurons. It happens by triggering them in conjunction with one another. As the saying goes: “the neurons that fire together, wire together.” While it happens at the neuronal level, the firing for formal learning happens by activating patterns triggered by semantic elements. That is, words or images, not triggering individual neurons.

In fact, we build bigger patterns, or chunks, by activating things together enough that they become connected below consciousness. What we’ve chunked is what we’ve learned, as well as the ability to apply those chunks to make decisions. Practice automates the ability to recall things.

Now it turns out that the mechanism that does the strengthening of the connections gets tired. It can only do so much strengthening before you pretty much literally need sleep before you can strengthen some more. In short, you’ve got to practice a bit one day, and then come back to it another. Again and again.

That’s called "spaced learning," and it’s a robust phenomenon. You can get people to perform to a certain level at the end of a day, but much will be gone the next one. Think about anything you can do with any reasonable degree of excellence; it’s a safe bet that you’ve done it much over time.

Bron: Making Small Learnings Work

 

Tags:
Laatst aangepast op zaterdag, 23 mei 2020 07:19  
Van ervaren naar leren volgens Jan Willem van de Boogert
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

leerproces leerervaring boogert ervaring leren

In zijn boek Praktijkgericht opleiden - al doende leren in de beroepspraktijk beschrijft Jan Willem van den Boogert hoe je leert van ervaringen:

praktijkgericht opleiden jan willem boogert leren beroepspraktijk

Van ervaren naar leren

Kenmerken van een ervaring

Met een ervaring bedoelen we hier: een ik-beleving in een situatie met een begin- en een eindpunt in tijd. Dit 'beleven' kan inhouden dat we een actieve rol spelen in de ervaring, maar het kan ook betekenen dat we iets waarnemen, en dat andere mensen actief zijn. Ook in dat geval beleven we iets. Als we kijken naar een gebeurtenis buiten onszelf, zijn we bijvoorbeeld geïnteresseerd, geraakt, blij of worden eigen associaties opgeroepen. Den maar aan een gesprek dat u kunt waarnemen, een voordracht van iemand of een film waarnaar u kijkt op tv.

Een ervaring is zoals gezegd een ik-beleving, ofwel een 'subjectieve beleveing' naar aanleiding van een situatie. Deze situatie noemen we een 'objectief feit'. Wanneer we deze situatie beleven, geven we er een eigen betekenis aan. De situatie kan samen met anderen (andere 'ikken') ervaren worden, dat wel, maar voor ieder zal de ervaring anders zijn. Dat blijkt wel als we uitwisselen met elkaar anders zijn. Dat blijkt wel als we uitwisselen met elkaar hoe we een situatie hebben beleefd. Hoe verschillend kan dit zijn!

Een ervaring ontstaat in ons bewustzijn door interactie tussen onze zintuigen en ons mentale systeem.

(...)

Ons hele leven is opgebouwd uit ervaringen. Aan veel ervaringen besteden we geen aandacht. Je kunt ook niet anders. Je bewustzijn zou overvoerd raken als je aandacht zou besteden aan alle ervaringen die je dagelijks opdoet. Vandaar dat we filters hebben, waarmee we vele waarnemingsprikkels uitfilteren.

Aan andere ervaringen besteden we wel aandacht. Welke? Waarom? Per persoon zal deze vraag verschillend beantwoord worden, want ieder is wat dat betreft verschillend.

Van ervaring naar leerervaring

Achteraf aandacht besteden aan een ervaring is te vergelijken met een stukje film terugkijken. Een film waarin je zelf geacteerd hebt en die je hebt opgenomen. Of een film waarin je niet geacteerd hebt, maar die je wel hebt opgenomen.

(...)

Om een ervaring als leerervaring te benutten is het dus van belang dat de lerende op een voor hem of haar belangrijke ervaring inzoomt, zodat deze ervaring als leermateriaal gebruikt kan worden.

We leren veel van eigen ervaringen, doorgaans meer dan uit boeken, ook al zijn voorbeelden in het boek nog zo herkenbaar en treffend. Eigen materiaal heeft een dimensie die van grote waarde is voor leren: de relatie met de eigen emotie.

Bron: Praktijkgericht opleiden - al doende leren in de beroepspraktijk, Jan Willem van den Boogert

Laatst aangepast op zondag, 19 april 2020 11:30  
Meer artikelen...


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

 

If you always do what you always did,
You will always get what you always got

Banner
Banner

Archief

Lean boeken top 5

(maart 2016)
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

We hebben 168 gasten online
Artikelen

continu verbeteren pat riley getting better worse lean

Banner

sprint solve big problems jake knapp

Sprint
How To Solve Big Problems and Test New Ideas in Just Five Days
Jake Knapp, John Zebratsky & Braden Kowitz

Bij Bol.com | Managementboek

Lean boekentips

Lean Practitioner & Lean Expert
mindset, skill set & tool set
H.C. Theisens

Bij Bol.com | Managementboek

Banner