• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Toekomstgericht met Charles R. Swindol
Gepubliceerd in Citaten: omdenken
E-mail Afdrukken

Go see ask why show respect

The past is over...forget it. The future holds hope...reach for it.

Charles R. Swindoll

Laatst aangepast op woensdag, 23 juli 2014 19:15  
Niveaus van kennis volgens Benjamin Bloom
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

bloom kennis niveau taxonomie

kennis kennismanagement niveau

[N]iet alle kennis is van een gelijk niveau. Een voorbeeld: weten dat Leiden in 1574 is bevrijd van de Spanjaarden, is van een ander niveau dan verklaren hoe het komt dat Leiden in 1574 is bevrijd van de Spanjaarden, en tot welke merkbare gevolgen dit onder meer voor de stad Leiden heeft geleid. Kennisniveaus hebben ook invloed op de wijze waarop we de informatie in de kennisbank opnemen. Feiten kunnen we vrij eenvoudig als losstaande elementen opnemen. Om inzicht te genereren, moeten we ze dusdanig ordenen dat de betekenis duidelijk wordt. Verbanden tussen informatie kunnen we visualiseren, maar we kunnen ook links aanbrengen of informatie bij elkaar zetten die een onderlinge relatie vertoont. Tot slot kunnen we reliëf aanbrengen door de ene informatie meer te benadrukken dan de andere.

Een methode om deze niveaus in kaart te brengen, is het gebruik van zogenaamde taxonomieën. Een taxonomie (taxis [= ordening] en nomos [= wet]) is een wetmatige ordening, een structurering gebaseerd op een theoretische (en voor zover mogelijk ook empirische) basis .... Taxonomieën zijn ontwikkeld op verschillende terreinen: psychomotoriek (onder andere Simpson, 1967), gedrag (Gagné, & Briggs, 1974), combinaties van inhoudsniveaus, gedragsniveaus en transferniveaus (De Block, 1982), en op het terrein van de cognitie (Bloom, 1956 en Romiszowski, 1981). [De taxonomie van Bloom heeft] betrekking op de cognitie, het weten en de kennis.

Bloom ontwikkelde in de vijftiger jaren een cognitieve taxonomie .... Bloom beschrijft zes opeenvolgende kennisniveaus, waarbij hij veronderstelt dat elk niveau beheerst moet worden voordat iemand op een hoger niveau kan ‘acteren’:

  1. Kennis.

  2. Begrijpen.

  3. Toepassen.

  4. Analyseren.

  5. Synthetiseren.

  6. Evalueren.

 

Niveau Omschrijving
Kennis
– Kennen van feiten
– Kennen van middelen, methoden,
processen,...
– Kennen van systemen en
structuren
De geheugenactiviteit is het hoofdproces.
Geen inzicht of begrip.
– termen, definities, uitdrukkingen, jaartallen,...
– werkwijzen, technieken, klassen (bijvoorbeeld: genres, diersoorten), of methoden van onderzoek
– regels, principes, generalisaties, theorieën, of structuren
Begrijpen
– ...door vertalen en omzetten
– ...door interpreteren
– ...door extrapoleren of interpoleren
Inzicht wordt verondersteld, wat inhoudt dat men moet kunnen transformeren en gebruiken, maar louter in analoge situaties.

Of de student begrip heeft, kan men zien op drie niveaus:
– andere abstractieniveau, omzetten van bijveelden symbolisch naar verbaal, omzetten uit een andere taal;
– hoofd- en bijzaken kunnen onderscheiden;
– consequenties kunnen trekken die niet expliciet gegeven zijn.
Toepassen Gebruiken van kennis in nieuwe situaties (bijvoorbeeld aangeleerde woorden in een gesprek kunnen gebruiken, juiste oplossingsmethode kunnen kiezen en/of
gebruiken).
Analyseren Het verduidelijken, in vraag stellen, in samenstellende delen ontleden van de inhoud.
Synthetiseren De reden kunnen geven waarom iets op een bepaalde manier gedaan of gebruikt is; redeneren.
Evalueren Denken dat creatief van aard is. De inhoud moet zelf samengesteld kunnen worden.
Kritisch denken, bijvoorbeeld een boekbespreking maken.

Bron: Kennis van kennisbanken, Open Universiteit

Tags:
Laatst aangepast op vrijdag, 15 augustus 2014 07:57  
Kennis volgens Hannelore Dekeyser (ea)
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

data informatie kennis gegevens

In de publicatie Kennis van kennisbanken gaan Hannelore Dekeyser (ea) - vanzelfsprekend - in op het begrip kennis:

kennis

Wat is kennis?

De stad Leiden is in 1574 bevrijd van een belegering door de Spanjaarden.

Wanneer u deze zin leest en probeert te onthouden, spreekt u dan van kennis? Of is dit vooralsnog te betitelen als informatie? Als u deze zin kunt opslaan in uw hoofd, is er dan een wezenlijk verschil met het opslaan van deze zin in een (data)bestand of het lezen ervan in een boek?

We geven nog een ander voorbeeld:

Deze winkel is elke dag geopend van 09.00 tot 18.00 uur. Op koopavonden is de winkel tot 21.00 uur geopend. Op zaterdag tot 16.00 uur.

Gaat het hier over kennis of informatie? Wat moet of kan ik hiermee? De alerte lezer constateert wellicht dat de winkel kennelijk ook op zondag geopend is (zelfs op kerstdagen). Dat is opvallend omdat de lezer vanuit zijn persoonlijke kennis weet dat in onze hedendaagse maatschappij de meeste winkels op zondag gesloten zijn.

De begrippen ‘informatie’ en ‘kennis’ worden regelmatig als synoniemen van elkaar gebruikt. Dit is niet correct: er zijn duidelijke verschillen tussen deze twee begrippen (Brown, 2002). Informatie staat op zichzelf. (Bijna) elke uitspraak over iets of iemand is informatie(f). Informatie kan bestaan uit louter woorden of data en is eenvoudig over te brengen. Het verschil met kennis is dat er bij kennis betekenis wordt gegeven aan informatie. Omdat het geven van betekenis door iedere persoon zelf wordt gedaan, betekent dit dat kennis logischerwijs persoonlijk is en per persoon verschilt. Kortom: kennis is verbonden aan een individu en bestaat alleen in iemands ‘mind’.

Het is daarom ook moeilijker grijpbaar dan informatie, om de eenvoudige reden dat het niet zichtbaar is. Kennis wordt geconstrueerd door een persoonsgebonden proces van samenstelling en verwerking van informatie. In het bovenstaande voorbeeld gaat het dus over informatie. Het wordt kennis als we er aan toevoegen dat iemand zich voorneemt om op vrijdagmiddag de boodschappen te doen omdat hij dan weet dat de winkel open is (en het wellicht ook rustig is).

Gegevens (data)
Symbolische weergaven van getallen, hoeveelheden, grootheden of feiten. Gegevens zijn statisch en enkelvoudig. Gegevens zijn gemakkelijk op te slaan en opnieuw te gebruiken.

Informatie
Resultaat van een vergelijking van gegevens en wordt gebruikt om zicht te krijgen op een bepaalde stand van zaken in een gegeven context.

Kennis
Datgene wat iemand in staat stelt een bepaalde taak te vervullen door het selecteren, interpreteren, combineren en waarderen van informatie.

Naast de begrippen informatie en kennis onderscheiden diverse auteurs ook het begrip data (onder andere Weggeman, 1997; Davenport & Prusak, 1998):
• Met data (of gegevens) doelen zij op symbolische weergaven van getallen, woorden, geluiden, beelden, grootheden, hoeveelheden of feiten. Gegevens zijn statisch en enkelvoudig. Gegevens zijn gemakkelijk op te slaan en opnieuw te gebruiken.
• Wanneer de ontvanger een ordening toevoegt aan de verkregen gegevens, spreken we over informatie. Informatie verwijst dus naar data die zinvol zijn geordend en bewerkt. Op basis van informatie kunnen we conclusies trekken, terwijl losse gegevens die mogelijkheid niet bieden.Een identieke rij gegevens kan op vele manieren geïnterpreteerd worden. Anders gezegd: eenzelfde rij gegevens kan tot verschillende informatie leiden. De omgeving of de specifieke situatie bepaalt de wijze waarop de gegevens worden omgezet in informatie. Informatie die in de ene situatie juist is, hoeft niet per se juist te zijn in een andere situatie.

Kennis is het vermogen dat iemand in staat stelt een bepaalde taak uit te voeren door gegevens (van externe bronnen) te verbinden, en te laten reageren met eigen informatie, ervaringen en attitudes. Op basis van kennis kan waarde worden gecreëerd. Op basis van informatie is dit pas mogelijk na een bepaalde bewerking. Kennis ontstaat als informatie wordt gehanteerd in zinvolle activiteiten en productief gebruik.
Weggeman (1997) definieert het begrip kennis als volgt: “Kennis is een persoonlijk vermogen dat gezien moet worden als het product van de informatie(I), de ervaring(E), de vaardigheid(V) en attitude(A) waarover iemand op een bepaald moment beschikt.” Weggeman ziet kennis dus als de volgende formule: K = I * EVA.

Kennis kan gedefinieerd worden als een veranderlijke combinatie van vastgelegde ervaring, waarden, contextuele informatie en vakkundig inzicht die een kader vormt waarmee nieuwe ervaringen en informatie geëvalueerd en geïntegreerd kunnen worden. Kennis komt voort uit het verstand van de bezitters ervan, en wordt daar ook toegepast. Binnen organisaties wordt kennis niet alleen vastgelegd in documenten en
informatiecentra, maar ook in routines, werkwijzen, gewoonten en regels. Iemand moet die informatie ontsluiten, verwerken, waarderen en verbinden met contextuele informatie zodat het weer een persoonlijke betekenis krijgt voor de gebruiker.

Bertrams (1999) onderscheidt naast kennis ook het begrip wijsheid. Wijsheid stelt iemand in staat de juiste kennis te selecteren om een bepaalde taak zo succesvol mogelijk op te lossen. In deze opvatting belanden we ons inziens ook op het terrein van competenties. Omdat dit buiten de scope van dit deel valt, beperken wij ons tot het onderscheid in data, informatie en kennis.
Terugkijkend op de voorbeelden aan het begin van deze paragraaf, kunnen we stellen dat het in beide voorbeelden gaat om informatie die niet wordt gekoppeld aan de ervaring, vaardigheid en attitude van een persoon: er is dus geen sprake van kennis. Zien we kennis als een persoonsgebonden vermogen dat gekoppeld is aan ervaring, vaardigheid en attitude, dan heeft dat betekenis voor onze begripsopvatting van het begrip kennisbank. Want als kennis buiten een individu niet bestaat, dan stelt dit eisen aan hoe we dit in een systeem opslaan. We kunnen in feite niet eens spreken over ‘opslag van kennis’, hooguit over opslag van data of een verzameling gegevens. Hierdoor lijkt het ook lastig om te spreken van een kennisbank. Het zou zuiverder zijn om te spreken van een databank of een informatiebank.

(...)

Kijken we weer naar ons voorbeeld:

De stad Leiden is in 1574 bevrijd van een belegering door de Spanjaarden.

We spreken van informatie. Er is pas sprake van kennis wanneer een persoon deze informatie weet te relateren aan zijn eigen ervaring en dit kenbaar maakt door erover te vertellen of te schrijven. Kortom, als de persoon in woord of geschrift (of door zijn handelen) zichtbaar maakt dat hij de informatie beheerst. Afhankelijk van de manier (bewerkt of onbewerkt) waarop deze informatie wordt doorgegeven, is er sprake van verschillende niveaus van kennis.

 

I. Latente, manifeste en inerte kennis

Als eerste benoemen we het onderscheid tussen latente en manifeste kennis. Het gaat om het onderscheid tussen de mate waarin de kennis beschikbaar is voor het vervullen van een taak of het oplossen van een probleem.

Manifeste kennis
Actuele kennis die iemand permanent ter beschikking heeft en die ‘zichtbaar’ op de voorgrond treedt. Deze kennis vormt het kader waarmee een persoon naar de wereld kijkt en stuurt zelfs zijn waarneming.

Latente kennis
Parate kennis waarover iemand, indien nodig, kan beschikken. Denk aan herinneringen, oude leerinhouden of ervaringen die we inzetten of oproepen om een probleem op te lossen.

‘Inerte kennis’
Kennis waarover iemand wel beschikt maar die eigenlijk niet wordt gebruikt. Hoewel deze kennis relevant kan zijn bij het oplossen van een probleem, wordt ze niet spontaan aangeboord. Dat betekent niet
dat de kennis helemaal is weggezakt, of niet meer beschikbaar is. Als iemand vraagt om erover te vertellen, kan men zich deze kennis wel voor de geest halen. Ze wordt echter niet spontaan geassocieerd met de situatie waarin ze nuttig kan zijn. Kennis wordt inert omdat ze te weinig gebruikt wordt. Inerte kennis wordt geactiveerd door ze actief te gaan gebruiken in diverse probleemsituaties, maar ook door ze weer in verband te brengen met de taak via stappenplannen, protocollen, overzichten van relevante kennis. Conceptmaps, site maps, inhoudstabellen, boommenu’s of lijsten met trefwoorden zijn handige manieren die de gebruiker ondersteunen bij het activeren van inerte kennis (Dekeyser 2001).

 

II. Expliciete en impliciete kennis (tacit knowledge)

Expliciete kennis

Kennis die wordt gecodificeerd in geschreven tekst, plaatjes, beelden, video’s, formules, softwarecodes, enzovoort. Expliciete kennis kan ook ingebed zijn in productontwerpen, cursussen of procesbeschrijvingen. Ze is vaak formeel van aard en systematisch geordend. Soms wordt dit type kennis ook wel ‘wetenschappelijke kennis’ genoemd. Het voordeel van expliciete kennis is dat ze eenvoudig kan worden opgeslagen en overgedragen tussen mensen. Dit betekent niet dat ze ook gemakkelijk kan worden verwerkt of beheerst. Een artikel uit een vaktijdschrift over neuro psychologie is voor de meeste leerkrachten onbegrijpelijk. Andersom heeft een artikel uit het tijdschrift ‘Learning & Instruction’ voor neuropsychologen weinig betekenis. En iemand die kan lezen, leest zonder problemen een Franse tekst, maar als hij de Franse taal niet machtig is, begrijpt hij niet wat er staat. Kortom, expliciete kennis kan wel worden overgeseind, maar niet (altijd) verwerkt en ‘eigen’ gemaakt.

Impliciete kennis

Kennis die bestaat uit ervaring, intuïtie, ideeën en actie van de persoon, ofwel tacit knowledge. Tacit knowledge (Polanyi, 1966) is heel persoonlijk ingekleurd en moeilijk te formaliseren. Subjectieve inzichten (implicit understanding), herinneringen van gebeurtenissen (episodic knowledge), intuïties en plotselinge invallen (impressionistic knowledge) behoren tot deze categorie. Impliciete kennis is diep geworteld in iemand zijn praktische activiteit en ervaring, en in de idealen, waarden en emoties die hij meeneemt: de zelfkennis van een individu tijdens een activiteit (regulative knowledge). Impliciete kennis is moeilijk te documenteren of met anderen te delen. Desgevraagd blijkt het ook voor de persoon zelf niet altijd helder hoe bepaalde ideeën of beslissingen ontstaan. Impliciete kennis ontstaat door oefening, vallen en opstaan, nadoen en intensief samenwerken. Impliciete kennis beschrijft de kennis over hoe werk in de praktijk uitgevoerd moet worden. Andere termen die hier voor gebruikt worden, zijn practical knowledge of practical intelligence (Meijer, Verloop & Beijaard, 2001; Sternberg, Wagner & Okagaki, 1993).

(...)

Argyris (1999) beschouwt de tacit knowledge als opgeslagen in zogenaamde handelingstheorieën (theories of action). Hij onderscheidt twee typen: de ‘openlijk aangehangen’ (espoused) theorie en de ‘gebruikte’ theorie (theory in action). De laatste theorie wordt misschien niet openlijk beleden, maar wordt zichtbaar in het gedrag. Bijvoorbeeld: de leraar die aan ouders of collega’s vertelt vanuit welke opvattingen hij met de leerlingen omgaat (espoused theory), en de videobeelden van zijn onderwijs die precies laten zien hoe het eraan toe gaat (theory in use). Vaak zit tussen deze twee perspectieven een groot verschil. Volgens Argyris is het van belang dat professionals leren om te reflecteren op het onderscheid tussen beide. Zo kunnen ze denken en handelen beter op elkaar afstemmen en hun persoonlijke expertise ontwikkelen.

Impliciete en praktische kennis is gebaseerd op kennis die ontstaat in en tussen mensen in netwerken (van mensen) en in samenwerkingsprojecten. Bij het ontstaan van impliciete kennis gelden andere regels en normen dan bij de ‘traditionele’ kennisproductie in universiteiten en scholen. Deze nieuwe kennis is van een andere soort dan de gebruikelijke academische kennis. Bovendien verandert de relatieve betekenis van kennis die ontwikkeld wordt aan universiteiten en hogescholen (lerarenopleidingen). Deze neemt af in verhouding met zelf leren. Bedrijven investeren alsmaar minder in universiteiten voor kennisontwikkeling. Steeds vaker doen ze een beroep op de mensen zelf om kennis te produceren. Een bekend voorbeeld hiervan geven Nonaka en Takeuchi (1995). Zij onderzochten het innovatieve vermogen van (Japanse) bedrijven en concludeerden dat innovatie bij bedrijven afhankelijker is van het vermogen om kennis in het bedrijf te ontwikkelen, dan van het binnenhalen en bewerken van externe kennis. Volgens hen draait het bij innovatie vooral om de wisselwerking tussen de (min of meer onbewuste) impliciete praktijkkennis (tacit knowledge) en de gecodificeerde kennis.

(...)

III. Declaratieve vs. procedurele kennis

Declaratieve kennis beschrijft het ‘wat’. Het gaat onder andere om kennis van verschijnselen, begrippen, definities, wetten en regels en is opgeslagen in de vorm van (netwerken van) concepten. Deze kennisvormen worden vaak uitgedrukt in representaties van de buitenwereld (feiten, concepten, principes, modellen). Bij kennisbanken denken we al gauw aan verzamelingen van dergelijke representatievormen.

Bij werkplekleren is het echter van belang ook procedurele kennis (bijvoorbeeld stappenplannen, how to do, do’s and don’ts) op te nemen in kennisbanken, teneinde de vertaling van de declaratieve kennis naar het handelen in de praktijk gemakkelijker te maken. Procedurele kennis is kennis van (mentale) handelingen; vaak wordt ook de term ‘hoe’ kennis gebruikt. Een weergave van procedurele kennis neemt vaak de vorm aan van een geordende reeks ‘als-dan’-regels.

 

Bron: Kennis van kennisbanken, Open Universiteit

Tags:
Laatst aangepast op vrijdag, 15 augustus 2014 08:19  
Omdenken volgens Brian Tracey
Gepubliceerd in Citaten: omdenken
E-mail Afdrukken

Go see ask why show respect

Our mind is the most valuable possession that we have. The quality of our lives is, and will be, a reflection of how well we develop, train, and utilize this precious gift.

Brian Tracy

Laatst aangepast op woensdag, 23 juli 2014 19:14  
Micromanagement outsourcing volgens Dilbert
Gepubliceerd in Management
E-mail Afdrukken

outsourcing dilbert

Bron: Dilbert.com

Laatst aangepast op zondag, 27 juli 2014 20:38  
Incrementeel ontwikkelen volgens Hannelore Dekeyser (ea)
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

incrementeel ontwikkelen ontwikkelmodel

In de publicatie Kennis van kennisbanken van de Open Universiteit wordt - binnen de context van het ontwikkelen van kennisbanken - de onderstaande beschrijving gegeven van incrementeel ontwikkelen:

watervalmethode watervalmodel ontwikkelen

In een incrementeel ontwikkelmodel wisselen de doelbepaling, het ontwerp, de ontwikkeling, de implementatie en de tests van de voorgestelde oplossingen elkaar tijdens het onderzoek cyclisch af. Zo komt men tijdens het proces tot een scherpere definitie van het probleem en meer geschikte oplossingen.

De eerste cyclus is vooral gericht op begripsverheldering, concretisering van de planning en een scherpere definitie. Tegelijkertijd weet men dat het uiteindelijke product hoogstwaarschijnlijk zal afwijken van de uitkomst van de cyclus. Deze is namelijk vooral bedoeld om af te tasten en informatie te genereren, niet om definitieve besluiten te nemen.

Een volgende cyclus bestaat uit de ontwikkeling van voorbeelden, prototypes, proefopzetten en voorlopige ontwerpen, op basis van de informatie die men in de eerste cyclus verzamelde. Dit resulteert vaak in een herdefiniëring van de doelen en definities (feedback). Tevens helpt deze fase om na te gaan op welke manier een meer grootschalige productie het meest efficiënt kan verlopen (feed forward). In deze fase test men niet alleen of aan de gebruikersbehoeften is voldaan (validering van het ontwerp), maar vindt er ook een verificatie van de efficiëntie van het productieproces plaats.

De ervaring met testproducten biedt ondersteuning om templates voor verdere ontwikkeling te creëren, ontwikkelhandleidingen op te stellen en functionaliteiten te
testen. Deze cyclus kan zich eventueel meerdere keren herhalen. De laatste cyclus focust op het inzetten van de producten. Een proefimplementatie levert informatie over de eisen die aan implementatie bij definitieve uitrol worden gesteld: opschaling naar grotere aantallen gebruikers, inhouden, testen van bandbreedtes, enzovoort. Proefimplementaties geven niet alleen feedback voor de ontwikkelingsfase, ze leveren evengoed amendementen op de oorspronkelijke doelen. Indien tijdens de implementatie aan het licht komt dat de basisveronderstellingen of doelen niet adequaat bleken, dan kan dit alsnog leiden tot een bijstelling van de oorspronkelijke doelen.

Een incrementeel project biedt met andere woorden voldoende ruimte om gaandeweg het proces, en ook in de latere fasen, de oorspronkelijke doelen aan de ervaringen tijdens de ontwikkeling en implementatie aan te passen. Men maakt doelbewust gebruik van het voortschrijdende inzicht als intentionele methode, en ziet dit niet als een noodzakelijk kwaad.

De incrementele aanpak is vooral zinvol:
• als de verwachtingen van ontwikkelaars, opdrachtgevers of eindgebruikers van een kennisbank nog niet haarscherp gedefinieerd zijn;
• als er sprake is van snel veranderende situaties;
• als er snelle resultaten gewenst zijn.

Bij projecten met weinig concrete, afgebakende doelen en wanneer men de definitie van de producten nog moet aanscherpen, is de incrementele methode beter geschikt dan de watervalmethode.

 

Zie ook: Watervalmethode volgens Hannelore Dekeyser (ea)

Bron: Kennis van kennisbanken, Open Universiteit

 

Laatst aangepast op dinsdag, 26 augustus 2014 20:22  
Succes volgens Earl Nightingale
Gepubliceerd in Citaten: dromen, durven doen
E-mail Afdrukken

Go see ask why show respect

People with goals succeed because they know where they are going.

Earl Nightingale

Laatst aangepast op woensdag, 23 juli 2014 19:13  
Zacht veranderen (boekentip)
Gepubliceerd in Boeken over verandermanagement
E-mail Afdrukken

zacht veranderen rogier guns

 

Zacht veranderen
..want de zachte kant van verandering negeer je op eigen risico!
Rogier Guns

Bij Bol.com | Managementboek





Laatst aangepast op zondag, 20 juli 2014 15:41  
Watervalmethode volgens Hannelore Dekeyser (ea)
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

watervalmethode watervalmodel ontwikkelen

In de publicatie Kennis van kennisbanken van de Open Universiteit wordt - binnen de context van het ontwikkelen van kennisbanken - de onderstaande beschrijving gegeven van het ontwikkelen volgens het watervalmodel:

watervalmethode watervalmodel ontwikkelen

Een bekend model voor de ontwikkeling van digitale producten is het ‘watervalmodel’: dit model baseert zich op de klassieke principes van projectmanagement, waarbij men grondig nadenkt over wat men wil, hoe men de doelen realiseert en uitwerkt, voor er sprake is van een ontwerp. Bouwen en testen gebeurt pas in een laat stadium van het project. Pas nadat een fase is afgerond, wordt de volgende fase ingezet. Enige aanpassingen onderweg zijn wel mogelijk (al ontwerpend kan men nog terugkomen op een besluit in de definitiestudie), maar in principe wordt in latere fasen niet meer getornd
aan de genomen beslissingen in eerdere fases (zodra men begint te bouwen, gaat men ervan uit dat de definitiestudie is afgerond en voldoende informatie geeft).

De ervaringen die men tijdens de implementatiefase opdoet, zijn louter geschikt als input voor een vervolgproject, maar hebben geen effect meer op de uitvoering van dit project (omdat het geld dan meestal al op is). Als er nog een vervolgproject moet worden gepland, ontstaat er discontinuïteit.

De watervalmethode is geschikt wanneer men een helder, eenduidig beeld heeft van het eindresultaat, en wanneer men werkt in een stabiele omgeving. In dergelijke situaties is een voorstudie voldoende om de verwachtingen helder te krijgen. In een definitiefase kunnen afspraken gemaakt worden omtrent concepten, uiteindelijke functies en verantwoordelijkheden. Een ontwerp omschrijft (en tekent) hoe de kennisbank er zal uitzien, en geeft richtlijnen voor de uitvoeringsfase (de bouw). Na de oplevering kan de kennisbank worden gebruikt, onderhouden en geactualiseerd. Hiervoor worden afspraken gemaakt over de implementatie en exploitatie. Ondersteuning bestaat voornamelijk uit procesondersteuning en versiebeheer van documenten.

Zie ook: Incrementeel ontwikkelen volgens Hannelore Dekeyser (ea)

Bron: Kennis van kennisbanken, Open Universiteit

 

Laatst aangepast op dinsdag, 26 augustus 2014 20:19  
Omdenken met Thomas Edison
Gepubliceerd in Citaten: kwaliteit
E-mail Afdrukken

Go see ask why show respect

There is always a better way.

Thomas Edison

Laatst aangepast op woensdag, 23 juli 2014 19:11  


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

He who knows others is wise. He who knows himself is enlightened.

Lao Tzu

Banner

Archief

(advertentie)
Banner

We hebben 46 gasten online
Artikelen

 how will you measure your life? clayon christensen

How Will You Measure Your Life?
Clayton M. Christensen

Bij Bol.com

Banner
Banner