• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home Informatiemanagement
Informatiemanagement
WFM volgens Marc Mittelmeijer en Rob van Stratum
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

workflow management wfm werkstroom

kijk op bedrijfsprocessen stratum mittelmeijer

Binnen Workflow Management (WFM) of werkstroombesturing wordt onderscheid gemaakt tussen logistieke en procedurele aspecten. Workflow Management Systeem automatiseert administratieve processen op zodanige wijze dat het voltooien van een bepaalde taak tot gevolg heeft dat automatisch één of meer taken aan één of meer personen worden aangeboden (het procedurele aspect). De aan deze taken gekoppelde informatie wordt hierbij automatisch gerouteerd (het logistieke aspect). Bij het procedurele aspect gaat het met name om het kunnen ondersteunen van een proces in termen van uit te voeren taken, de volgorde waarin die taken moeten worden uitgevoerd en de autorisaties die daarvoor nodig zijn. Bij het logistieke aspect gaat het met name om het kunnen routeren van de bij het proces behorende informatie naar de juiste bestemming. De logistieke voordelen van WMF bestaan uit de verkorting van de doorlooptijd (wachttijd voorafgaand aan de uitvoering van een taak, verwerkingstijd gedurende de uitvoering van een taak, transporttijd tussen werkplekken) en uit voortgangsbewaking.

(...)

WFM verzorgt ook het verzamelen van relevante procesinformatie en de mogelijkheid op basis hiervan operationele processen te besturen. WFM-software de medewerkers en het management informatie ten aanzien van de prestaties, de effectiviteit en efficiëntie van het uitgevoerde proces. Dit levert informatie op die gebruikt kan worden bij de planning en beheersing van de bedrijfsprocessen op korte en langere termijn.

(...)

Operationele besturing bestaat uit voortgangsbewaking en werkordertoekenning en richt zich op de verbetering van de procesprestaties zoals
doorlooptijd, levertijd, kwaliteit en andere logistieke prestaties.

De voordelen van WFM zijn onder te verdelen in:

De functies van een WFM-systeem kunnen worden onderscheiden in definitiefuncties en procesfuncties.

Definitiefuncties
Vastleggen van de processen in het systeem; definiëren van de werkstroom in een aantal activiteiten (incl. normen + deadlines).

De werking van een WFM-systeem kan als volgt worden omschreven. Een proces is gedefinieerd in de WFM-applicatie. Als een bepaalde deelactiviteit in het proces uitgevoerd moet worden, legt de WFM-applicatie een werkimpuls bij een individuele werknemer of bij een autonome gebruikersgroep neer. Men kan reageren op de werkimpuls door deze te openen. De WFM-applicatie opent een specifieke benodigde toepassing en zorgt dat alle benodigde gegevens aanwezig zijn, waarna de medewerker met de deelactiviteit kan beginnen. Zodra de medewerker de deelactiviteit heeft afgerond wordt dit teruggemeld aan de WFM-applicatie die de volgende activiteit initieert door een werkimpuls neer te leggen voor de volgende stap.

Procesfuncties
Functies die het proces besturen. Retrieval (ophalen van gegevens), wachtrijbeheer, routering en process performance.

Bron: Kijk op bedrijfsprocessen, Marc Mittelmeijer en Rob van Stratum



Laatst aangepast op vrijdag, 17 november 2017 22:01  
Alles is informatie
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

wat is informatie

Alles is informatie: interessante film met o.a. Martijn Aslander en Rik Maes over de wondere wereld van informatie

Laatst aangepast op vrijdag, 17 november 2017 22:01  
Informatiemodel HRM
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

kennismodel bedrijfsobjecten personeel hr financieel organisatie

Het bovenstaande model is een fragment uit het Hora informatiemodel (BEDRIJFSOBJECTEN BEDRIJFSVOERING), bedoeld om inzicht te geven in de relevante bedrijfsobjecten binnen het personeel-gerelateerde informatiedomein. Het model is hoog over, waarbij er dus nog andere relevante bedrijfsobjecten zijn. Bijvoorbeeld de relatie tussen Dienstbetrekking en Verplichting kan worden verdiept door aan te geven dat deze loopt via Salaris en Declaraties/vergoedingen.

Bron: Informatiemodel Hoger Onderwijs Referentie Architectuur (HORA)

 




Laatst aangepast op maandag, 01 januari 2018 12:54  
Processen binnen de NORA
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

decompositie procesarchitectuur


Processen zorgen voor de voortbrenging van producten en diensten. De NORA bevat principes en richtlijnen voor de inrichting van processen die binnen overheidsorganisaties worden uitgevoerd of die in samenwerking tussen overheidspartijen worden uitgevoerd (ketenprocessen).

Binnen NORA wordt een proces gedefinieerd als een geordende reeks handelingen en oordelen door een mens of machine gericht op een bekend resultaat. Deze ordening kan strikter of vrijer zijn. In strikte ordeningen kunnen de processtappen bijvoorbeeld in een vaste tijdsvolgorde worden geplaatst. In andere situaties, zoals menselijke samenwerking of onderhandeling, is het proces a priori minder geordend. Het 'bekende resultaat' kan zijn een (bijdrage aan een) product of dienst aan een interne of externe klant.

Sommige processen kunnen met behulp van ICT geheel automatisch worden uitgevoerd. Aan dergelijke processen komen bijna geen mensenhanden meer te pas. Andere processen zijn moeilijk te automatiseren, zoals het uitvoeren van een medische keuring. In de praktijk zullen processen daarom deels door mensen en deels door computers worden uitgevoerd.

"Processen bestaan in hun eenvoudigste vorm uit elkaar opvolgende handelingen. ... Het resultaat van de afzonderlijke handeling is vooraf bekend. Door het clusteren van handelingen ontstaan processtappen. Door het bundelen van processtappen ontstaan werkprocessen. Op het hoogste niveau van afzonderlijke organisaties spreken we van bedrijfsprocessen. Wanneer (overheids)organisaties samenwerken, zouden we kunnen spreken van ketenprocessen. ... Door onderlinge services, helpen de organisaties elkaar om de eigen dienst beter te kunnen leveren. Het begrip 'ketenproces' dient dan ook terughoudend te worden toegepast.

  1. 'Ketenproces': geordende reeks services die door verschillende organisaties aan elkaar worden geleverd met als doel om via één organisatie een (combinatie van) dienst(en) te leveren aan een burger of een bedrijf.

  2. Bedrijfsproces: geordende reeks werkprocessen die binnen één organisatie wordt uitgevoerd met als doel om een (combinatie van) dienst(en) te leveren aan en burger, bedrijf of andere organisatie.

  3. Werkproces: een geordende reeks van processtappen die binnen één organisatorische eenheid binnen een organisatie wordt uitgevoerd met als doel een specifieke bijdrage (prestatie) te leveren aan een dienst die uiteindelijk zal worden geleverd aan een burger, een bedrijf of een andere organisatie.

  4. Processtap: een geordende reeks handelingen die ononderbroken wordt uitgevoerd door één mens of machine binnen één bedrijfsfunctie.

  5. Handeling: kleinst mogelijke eenheid van werk, uitgevoerd door één persoon of machine op één plek op één moment (eenheid van tijd, plaats en handeling).

Bij de uitvoering van processtappen kan onderscheid gemaakt worden naar de automatiseringsgraad ervan:
- De volledig geautomatiseerde stap, ondersteund met business process management software
- De stap wordt uitgevoerd door een mens, maar deze wordt daarbij ondersteund door software voor de afhandeling van casusssen of zaken (workflow)
- De volledig handmatige uitvoering.

Processen worden uitgevoerd door actoren (mens, machine) om een product of dienst te leveren.

Bron: NORA 2.0 - Nederlandse Overheid Referentie Architectuur, samenhang en samenwerking binnen de electronische overheid




 

Laatst aangepast op vrijdag, 17 november 2017 22:01  
Archimate volgens GEMMA
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

 

archimate open group structuur relaties gedrag informatie

Op High Level Architectuur (HLA) Architectuurbeschrijvingstaal een uitleg van de belangrijkste Archimate-concepten en het Archimate-metamodel:

archimate metamodel applicatieservice

 

Naam Beschrijving
Applicatiecomponent Een modulair, zelfstandig inzetbaar en vervangbaar deel van een systeem, dat zijn functionaliteit aanbiedt via goed gedefinieerde interfaces. Applicatiecomponenten stellen functionaliteit beschikbaar, die gebruikt wordt om de applicatiediensten mee te leveren. Een voorbeeld van een logisch applicatiecomponent is een ‘Zaakbeheer’ component
Applicatiefunctie Een samenhangende groep interne gedragingen van een applicatiecomponent. Via applicatiefuncties realiseert een applicatiecomponent applicatieservices. Een voorbeeld van een applicatiefunctie is de ‘Raadplegen zaakdocumenten’ functie.
Applicatieservice Een applicatieservice ontsluit functionaliteit naar afnemers van die functionaliteit. Een voorbeeld van een applicatieservice is de 'Aanmaken zaak' service.
Bedrijfsactor Een bedrijfsactor is een organisatorische eenheid die in staat is bepaald (actief) gedrag te vertonen.
Bedrijfsfunctie Een bedrijfsfunctie is een gedragselement dat gedrag groepeert op basis van een bepaalde verzameling criteria (zoals vereiste bedrijfsmiddelen en/of competenties).
Bedrijfsobject Een bedrijfsobject is een passief element dat vanuit bedrijfsperspectief relevantie heeft.
Bedrijfsproces Een bedrijfsproces is een gedragselement dat gedrag groepeert op basis van een volgordelijkheid van activiteiten en dat tot doel heeft een gedefinieerde verzameling producten of bedrijfsservices te produceren.
Bedrijfsrol Een bedrijfsrol is de verantwoordelijkheid voor specifiek gedrag waar een bedrijfsactor aan toegewezen kan worden.
Gegevensobject Een gegevensobject is een passief element dat geschikt is voor geautomatiseerde verwerking.
Handeling Kleinst mogelijke eenheid van werk, uitgevoerd door één persoon of machine op één plek op één moment.
Proces Een proces is een geordende reeks werkprocessen die binnen één organisatie wordt uitgevoerd met als doel om een (combinatie van) dienst(en) te leveren aan een burger, bedrijf of andere organisatie.
Processtap Een geordende reeks handelingen die ononderbroken wordt uitgevoerd door één mens of machine binnen één bedrijfsfunctie (eenheid van tijd, plaats en handelen).
Referentiecomponent Een modulair, zelfstandig inzetbaar en vervangbaar deel van een systeem, dat zijn functionaliteit aanbiedt via goed gedefinieerde interfaces. Applicatiecomponenten stellen functionaliteit beschikbaar, die gebruikt wordt om de applicatiediensten mee te leveren. Een voorbeeld van een logisch applicatiecomponent is een 'Zaakbeheer' component. Werkproces Een geordende reeks van processtappen die binnen één organisatorische eenheid binnen een organisatie wordt uitgevoerd met als doel een specifieke bijdrage (prestatie) te leveren aan een dienst die uiteindelijke zal worden geleverd aan een burger, een bedrijf of een andere organisatie.

Bron: High Level Architectuur (HLA) Architectuurbeschrijvingstaal

Bewaren

Laatst aangepast op maandag, 23 oktober 2017 13:04  
Procesarchitectuur volgens GEMMA (2)
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

gemma procesarchitectuur bedrijfsarchitectuur informatiearchitectuur

Binnen de GEMMA-procearchitectuur is een verbijzondering van de NORA voor het gemeentelijke domein.

Een procesarchitectuur staat niet op zichzelf maar maakt deel uit van een bedrijfsarchitectuur en heeft relaties met de informatiearchitectuur (medewerkers, berichten en communicatie).

Bedrijfsprocessen zorgen ervoor dat producten en diensten worden aangeboden, kunnen worden aangevraagd, afgehanded en beheerd.

Bij het aanbieden van gemeentelijke producten en diensten zijn binnen GEMMA twee standaarden opgenomen: (1) e-formulierspecificatie (voor het aanvragen van producten en diensten), en (2) zaaktypecatalogus (lijst met producten en diensten, zowel extern als intern).

Het uitvoeren van processen wordt ondersteund met informatieservices c.q. services. Deze worden geleverd door informatiesystemen. Processen zijn afnemer van de services die door logische informatiesystemen worden geleverd.

Informatiesystemen ontvangen, verwerken en leveren berichten aan andere (interne, externe) informatiesystemen. Informatiesystemen verwerken en leggen informatie vast.

Zie ook:

Bron: GEMMA Procesarchitectuur

Laatst aangepast op vrijdag, 17 november 2017 22:01  
5 kernfuncties van de informatievoorziening
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

kernfuncties informatievoorziening bizmodelconnection

Bizmodelconnection - een driemanschap bestaande uit Frits Cost, Robert van Kooten en Marius van Vlijmen - probeert een generieke bedrijfsgrammatica te ontwikkelen. Binnen deze grammatica vormt het informatielandschap de basis voor het modelleren van processen en systemen.

Cost, Van Kooten en Van Vlijmen gebruiken als het gaat om informatieverwerking de metafoor van het menselijk brein; het zgn. bedrijfsgeheugenmodel van informatie. Binnen deze metafoor onderscheiden ze drie geheugenlagen met elk een eigen specifieke mentale functie:

  1. Werkgeheugen.

  2. Korte termijn geheugen.

  3. Lange termijn geheugen.

 

Insteek is dat het bij het menselijk handelen drie mentale functies een rol spelen:

geheugenlagen geheugenmodel bedrijfsvoering

De mentale functies kunnen als volgt verder worden uitgewerkt, waarbij de geheugenfuncties geactiveerd worden door een ontvangen stimulus en resulteren in een respons in de vorm van een uitgezonden signaal voor actie:

geheugenlagen geheugenmodel bedrijfsvoering cost frits

 

Op basis van deze metafoor komen Cost, Van Kooten en Van Vlijmen tot het onderstaande model voor de informatievoorziening:

 

kernfuncties informatievoorziening bizmodelconnection

 

Binnen het model worden vijf kernfuncties van de informatievoorziening onderscheiden:

  1. Handelen: bieden van richtlijnen voor de inrichting van het doelgericht handelen van de onderneming.

  2. Documenteren: stellen van kaders voor het typeren van informatie-objecten voor het documenteren van het handelen binnen de onderneming.

  3. Administreren: stellen van kaders voor het administreren van informatie op product/dienst-niveau binnen de onderneming.

  4. Informatie-retentie: (gecontroleerd) routeren van informatie van en naar de opslag binnen de onderneming.

  5. Informatieopslag: verantwoordelijk voor de functies die betrekking hebben op het opslaan van informatie binnen de onderneming.

 

Bron: Kernfuncties binnen de informatievoorziening op basis van het bedrijfsgeheugenmodel van informatie

 

 

Laatst aangepast op vrijdag, 17 november 2017 22:01  
Informatievoorziening volgens de FSM-methode
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

fsm methode functiescheiding iv informatievoorziening

informatievoorziening fsm methode ism hoving bon

Het vakgebied informatievoorziening (IV) is relatief jong en heeft zich gedurende het grootste deel van haar ontwikkeling vooral bezig gehouden met de component informatietechnologie (IT). Het aansturen van die IT en het specificeren conform klantwens is daarop - qua ontwikkeling - ver achtergebleven. (...) De ontwikkeling van het managen van IV heeft echter al geruime tijd minder aandacht gekregen dan de ontwikkeling van de technische mogelijkheden zelf. Met als gevolg dat het vakgebied IV niet uitblinkt in bestuurlijke volwassenheid, oftewel in de mate waarin men die IV onder controle heeft. In het licht van de [toenemende afhankelijkheid van organisaties van IT-voorzieningen] is het hoog tijd daar structureel iets aan te doen.

(...)

De informatievoorziening (IV) wordt uitgevoerd in een verantwoordelijkheidsgebied dat uit twee complementaire domeinen bestaat:

  1. IT-beheer (= leveren van IT-services): binnen het IV-verantwoordelijkheidsgebied vindt het bouwen en beheren van IT-voorzieningen plaats in het IT-beheerdomein. Het IT-beheerdomein levert daarmee IT-diensten. De IV-activiteiten die dat IT-beheerdomein specificeren en aansturen vinden plaats in het functioneelbeheerdomein (FB-domein) ook wel informatiemanagementdomein genoemd (IM-domein).

  2. Functioneel beheer (= leveren van IV-services: specificeren + aansturen van IT-services): uitvoeren van aanvullende activiteiten uitgevoerd, waarmee de IT-services worden uitgebreid tot ondersteunende IV-services. Vanuit het perspectief van de business omvat het FB-domein daarmee het IT-beheerdomein. FB-taken bevinden zich op het gebied van het specificeren van de gewenste informatievoorziening, het aansturen van de realisatie daarvan door IT-beheer (“regie”), en het ondersteunen bij het gebruik van de IT-services door de gebruikersorganisatie. Die FB-taken zullen georganiseerd moeten worden. Ook zullen keuzes t.a.v. beleid en architectuur van die IV gemaakt moeten worden.

De termen IT-management en IT-beheer worden als synoniemen gebruikt. In het domein IT-beheer komen verschillende deeldisciplines voor. Zo voorziet technisch beheer in het managen van de technische infrastructuur. Technisch beheer kan weer worden verbijzonderd naar bijvoorbeeld systeembeheer en netwerkbeheer. Op dezelfde wijze voorziet applicatiebeheer in het managen van applicaties, wat weer kan worden verbijzonderd naar bijvoorbeeld programmatuurbeheer en databasemanagement.

(...)

De informatietechnologie (IT) bestaat uit de technische infrastructuur, de applicaties en de technische voorzieningen. Een synoniem voor informatietechnologie is informatie- & communicatietechnologie."

fsm methode functioneel beheer it-beheer

Matrushka

De opstelling van FB als domein tussen de business en IT-beheer in heeft aanzienlijke consequenties. Er is sprake van een 'Matrushka'-opstelling. IT-beheer bevindt zich vanuit de optiek van de business binnen het IV-verantwoordelijkheidsdomein, en dat zorgt ervoor dat IT-beheer vanuit de business 'achter FB verscholen gaat'. De business 'ziet' dus feitelijk alleen FB, en doet alleen met FB zaken. Daarmee is FB vanuit de optiek van de business in de positie van aannemer geplaatst, en maakt het feitelijk voor de business niet uit hoe die aannemer de IV realiseert: FB is verantwoordelijk voor de integrale levering van IV-services.

Een vergelijkbare opstelling gold ook al voor het IT-beheerdomein: het maakt niet uit welke uitvoerders in dat domein worden ingezet bij de realisatie van de IT-services. Als er iemand (een afdeling) verantwoordelijk is gesteld voor het IT-beheerdomein, dan kan er nog zoveel worden geoutsourced naar allerhande toeleveranciers, de genoemde verantwoordelijke (afdeling) blijft in alle gevallen verantwoordelijk voor de integrale levering van IT-services.

Hieronder de binnen FMS gebruikte definities voor het afbakenen van het voor functioneel beheer en IT-beheer relevante begrippenkader:

Informatievoorziening
Geheel van bedrijfsmiddelen (People, Process en Product) waarmee wordt voorzien in de informatiebehoefte van een organisatie.

Binnen de FSM-methode worden drie bedrijfsmiddelen onderkend: People, Process & Product.

People, Process & Product
Bedrijfsmiddelen waarmee een organisatie haar prestatie in hoofdzaak regelt.

People
Een van de drie bedrijfsmiddelen; de component People betreft de vraag “Wie voert de activiteit uit?”. Onder People valt niet alleen de mens en zijn kennis, maar ook de afdeling en rol of functie. Ook cultuur is een aspect van People.

Process
Doelgerichte ordening van activiteiten; processen worden … gestart met een trigger en verlopen steeds volgens hetzelfde patroon. Het directe resultaat van een proces heet ‘output’, uiteindelijke resultaten heten ‘outcome’. (…) Processen beschrijven uitsluitend wat volgordelijk moet gebeuren om het doel te behalen. Processen doen geen uitspraak over wie iets moet doen.

Product
Middelen die gebruikt worden om de uitvoering van processen te ondersteunen; de component Product betreft de vraag “Waarmee worden de activiteiten uitgevoerd?”

Activteit
Samenhangende set handelingen, acties ten behoeve van een concreet resultaat; een activiteit wordt beschouwd als de basiseenheid van ‘werk’, en is als zodanig de kleinste component van een proces.

IT-dienst
Levering van functionerende functionaliteit; IT-diensten worden door IT-beheerorganisatie aangeboden aan gebruikersorganisaties, ten behoeve van hun informatievoorziening. Met een IT-dienst is een gebruiker in staat geautomatiseerd gegevens te verwerken en te ontsluiten. Een IT-dienst wordt bepaald door haar functionaliteit en haar functioneren. Het functioneren (gedrag) van een IT-dienst wordt vooral uitgedrukt in termen van snelheid, capaciteit en beschikbaarheid.

IT-beheerorganisatie
Organisatie die verantwoordelijk is voor de IT-dienstverlening.

IT-beheer
Beheren (managen) van het verantwoordelijkheidsdomein IT; synoniem voor IT-beheerorganisatie

Functionaliteit
de werking van een object

Functioneel beheer
Dat deel van de informatievoorziening dat zich richt op het specificeren van de door gebruikers benodigde IT-diensten, het aansturen van IT-beheer bij de levering daarvan, en het ondersteunen van de gebruikers bij het gebruik ervan (synoniem = informatiemanagement)

Functioneel beheerder
[in de context van IV-service] De individuen die een functioneelbeheer-taak uitvoeren

Functioneel beheerorganisatie
Organisatie die verantwoordelijk is voor functioneel beheer

Gebruiker
Degene de geautoriseerd gebruik maakt van een IV-service.

Gegevensverzameling
Dat deel van de applicatie waarin de gegevens (data) zijn vastgelegd.

IV-diensten
Het leveren van IT-diensten, en het ondersteunen van het gebruik ervan; IV-diensten worden door IV-dienstverleners vanuit functioneel beheer aangeboden aan gebruikersorganisaties, ten behoeve van hun informatievoorziening. Met een IV-dienst is een gebruiker in staat geautomatiseerde gegevens te verwerken en te onsluiten. Een IT-dienst is niet tastbaar of houdbaar, in tegenstelling tot producten die na productie nog steeds houdbaar zijn.

Super user (key user)
Een gebruiker die andere gebruikers helpt en assisteert in de communicatie met de servicedesk of andere afdelingen van de functioneelbeheerorganisatie.

IT-servicemanagement
Vakgebied dat de werkwijze van IT-beheer (procesmatig) organiseert; functie binnen het IT-domein die verantwoordelijk is voor het managen van de IT-dienstverlening.

Bron: De FSM-methode - procesmatig managen van functioneel beheer, Jan van Bon & Wim Hoving

Laatst aangepast op maandag, 23 oktober 2017 18:50  
Workflow management volgens Wil van der Aalst
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

workflow werkstroom

workflow management wil aalst hee case

There are many different types of work. For example: baking bread, making a bed, designing a house or collecting survey results to compile a statistic. In all of these examples, we can see the one tangible ‘thing’ which is produced or modified: the bread, the bed, the house or the statistic. In this book, we shall call such a ‘thing’ a case. Other terms used are work, job, product, service or item. A case does not need be a specific object; it can also be more abstract - like, say, a lawsuit or an insurance claim. A building project or the assembly of a car in a factory are also examples of cases.

Working on a case is discrete in nature. That is, every case has a beginning and an end, and each can be distinguished from every other case. Each case involves a process being performed. A process consists of a number of tasks which need to be carried out and a set of conditions which determine the order of the tasks. A process can also be called a procedure. A task is a logical unit of work which is carried out as a single whole by one resource. A resource is the generic name for a person, machine or group of persons or machines which can perform specific tasks. This does not always mean to say that the resource necessarily carries out the task independently, but that it is responsible for it.

Worklist handler
A workflow management system ensures that work items are allocated to resources. If a work item is allocated to a person, it appears in their (actual or metaphorical) in tray. This always contains a list of those tasks still to be performed. By selecting a work item from the in-tray, the person can carry out that task. Note that a work item may appear in more than one in tray.

Synonyms:
• work tray;
• in-tray;
• worklist;
• to-do list.

Bron: Workflow Management, Models, methods and systems, Wil van der Aalst & Kees van Hee (PDF)

Laatst aangepast op zaterdag, 22 februari 2020 07:46  
3 vormen van beheer
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

informatievoorziening applicaties technische infrastructuur informatie

Vanaf het begin van mijn loopbaan binnen de informatievoorziening - waarin ik - nota bene - begon in de functie van 'functioneel applicatiebeheerder'- ben ik gefascineerd door het feit dat terminologisch gezien het vakgebied zich kenmerkt door een hoge make van begripsverwarring en dat het zowel aan 'newbies' en 'mensen van buiten' lastig uitleggen is wat er verstaan wordt onder de verschillende vormen van beheer.

Om het op zijn minst voor mezelf helder te krijgen, hierbij een poging om te komen tot een definitie van de drie beheervormen:

Beheervorm Beheerobject Definitie Synoniemen
Functioneel beheer Informatievoorziening Instandhouden en onderhouden van de informatievoorziening voor het ondersteunen van processen door het bieden van functionaliteit voor het tijdig en juist verwerken, gebruiken en beheren van informatie. Business informatiemanagement
Applicatiebeheer Applicaties + gegevensverzamelingen
Instandhouden en onderhouden van de applicaties en bijbehorende gegevensverzamelingen. Applicatiemanagement
Technisch beheer Technische infrastructuur
Beschikbaar stellen en in stand houden en onderhouden van de technische infrastructuur. IT Service management

Een deel van de verwarring is dat in de benamingen van de drie vormen van beheer het object van beheer niet expliciet wordt benoemd. Alleen in de term 'applicatiebeheer' komt het object terug: applicatie. Soms wordt ook gesproken over 'applicatief beheer'. Dan is op zijn minst consistentie bereikt in het bijvoeglijke naamwoord, maar rest nog de vraag wat er dan daadwerkelijk wordt beheerd.

Binnen nieuwe termen is de term 'beheer' vaak vervangen door 'management'. Op z'n minst sexier klinkend, maar nog steeds wordt hierdoor nog niet helder waarover het gaat.

Zonder toelichting bij de term 'onderhoud' is bovendien lastig om aan te geven waar 'onderhouden' ophoudt en het 'vernieuwen' begint.

De toevoeging in de definitie 'tegen overeengekomen kosten en kwaliteit' geeft een inkleuring aan hoe het beheer zou kunnen worden ingevuld, maar is mijns inziens niet strikt noodzakelijk om de beheervorm(en) af te bakenen.
Het opnemen van beschrijvingen als 'tijdens de gehele cyclus van informatiesystemen' cq. 'levenscyclus van informatiesystemen' brengt meer dynamiek in de definitie omdat het impliceert dat regelmatig aanpassingen noodzakelijk zijn als gevolg van interne en/of externe ontwikkelingen. Deze dynamiek zit mijns inziens echter al begrepen in de term onderhoud.

Het is slechts een bescheiden aanzet, reacties zijn welkom.

Wordt vervolgd.....

-----vervolg-1------------------------------------------------------------------------------------------------

Hieronder zijn ook vier rollen geplot:

beheervormen functioneel beheer informatiemanagement

Ik heb in de definitie bij technische beheer het 'beschikbaar stellen' geskipt en bij alle drie beheervormen 'vernieuwing'  toegevoegd. Dit betekent dat - letterlijk - het verschil tussen de drie vormen van beheer zit in het object van beheer. De grens tussen 'adaptief onderhoud' en 'vernieuwen' is grijs, maar op deze manier krijgen de definities expliciet een iets dynamischer, duurzamer insteek.

Ter toelichting op 'onderhouden' heb ik - gebaseerd op een eerdere blogpost Beheer volgens Bart de Best - hieronder de vijf vormen van onderhoud beschreven.

Onderhoudsvorm Beheerobject
Correctief onderhoud Herstellen van gebreken in een applicatie.
Additief onderhoud Uitbreiden van de functionaliteit van de applicatie.
Adaptief onderhoud Aanpassen van de applicatie om te blijven voldoen aan de eisen die gesteld worden  aan wijzigingen in de omgeving (ontwikkelingen keten, technologie of bedrijfsproces).
Perfectief onderhoud Aanpassen van de applicaties zodat deze beter prestaties levert.
Preventief onderhoud Tijdig nemen van maatregelen om verstoringen te voorkomen.

 

Beheervorm Beheerobject Definitie Synoniemen
Functioneel beheer Informatievoorziening Instandhouden, onderhouden en vernieuwen van de informatievoorziening voor het ondersteunen van processen door het bieden van functionaliteit voor het tijdig en juist verwerken, gebruiken en beheren van informatie.

Business informatiemanagement
Applicatiebeheer Applicaties + gegevensverzamelingen
Instandhouden, onderhouden en vernieuwen van de applicaties en bijbehorende gegevensverzamelingen. Applicatiemanagement
Technisch beheer Technische infrastructuur
Instandhouden, onderhouden en vernieuwen van de technische infrastructuur. IT Service management

 

Zie ook:



 

Laatst aangepast op vrijdag, 17 november 2017 22:08  
Meer artikelen...


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

Champions aren't made in the gyms. Champions are made from something they have deep inside of them – a desire, a dream, a vision. They have last-minute stamina, they have to be a little faster, they have to have the skill, and the will. But the will must be stronger than the skill.

Muhammad Ali

Banner
Banner

Archief

Lean boeken top 5

(maart 2016)
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

We hebben 130 gasten online
Artikelen

taiichi ohno lean reducing waste

Banner

Getting Things Done Dave Allen werken zonder stress 2015

Getting Things Done
Werken zonder stress, vol aandacht en creativiteit
David Allen

Bij Bol.com | Managementboek

Lean boekentips

Banner