• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
www.eenblogjeom.nl
Zaakgericht werken volgens Ed Vullings
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

zaakgericht werken

In zijn afstudeeropdracht De ambtenaar gaat in zaken - zaakgericht werken bij de gemeente gaat Ed Vullings in op de voordelen van en de voorwaarden voor zaakgericht werken

zaakgericht werken dennis heijden

Als definitie van zaakgericht werken geldt in deze afstudeeropdracht: ‘Een digitale, volgens zaaktypen gestandaardiseerde en op het afhandelen van zaken gebaseerde werkwijze’.

Waar wel algemene overeenstemming over is, zijn de definities van zaak: ‘een samenhangende hoeveelheid werk met een gedefinieerd e aanleiding en en een gedefinieerd resultaat, waarvan kwaliteit en doorlooptijd bewaakt moeten worden’ (Zaken in zicht, 2004, p. 7) en de definitie van zaaktype: ‘generieke aanduiding van de aard van de zaak’ (RGBZ, 2009, p. 62).

Hoe werkt dit alles nu in de praktijk? Kenmerken van vergelijkbare zaken worden vastgelegd in een zaaktype. In het zaaktype “aanvragen gehandicaptenparkeerkaart” wordt vastgelegd dat zaken van dit type afgehandeld worden door organisatieonderdeel X, dat altijd de rol van aanvrager benoemd moet zijn, de afhandelingstermijn is altijd 8 weken en er wordt altijd een besluit genomen. De bewaartermijn van dit soort zaken staat ook vast, al is die wel afhankelijk van het besluit dat genomen wordt. Als meneer Janssen een aanvraag voor een gehandicaptenparkeerkaart indient, wordt een zaak (met een uniek zaaknummer) van het zaaktype “aanvragen gehandicaptenparkeerkaart” gestart. De zaak wordt uitgezet bij
organisatieonderdeel X en dient binnen 8 weken afgehandeld te zijn. Na afhandeling is ook bekend hoe lang deze zaak bewaard dient te blijven.

(...)

Dennis van der Heijden (2008) stelt dat verzoeken van burgers sneller afgehandeld kunnen worden en in het artikel ‘digitaal zaakgericht werk en in de gemeente’ (2010) spreekt Laurens Lapre van de ‘Schijf van Vijf voor een gezonde verandering’. Vijf gebieden waar het zaakgericht werken extra meerwaarde geeft:

• Transparantie naar de klant: vrijheid van kanaalkeuze, toegang tot status en voortgang;
• Regie op zaken: goed zicht op status van de zaak en bij wie welke taak uitstaat;
• Zaaksysteem als actieve component: kan signalen geven als bepaalde informatie ontbreekt of een doorlooptijd wordt overschreden;
• Zaakgerichte informatiedeling: voor de zaak relevante informatie wordt digitaal bijgehouden. Dit zorgt ervoor dat elke partij die met de zaak werkt ook over het volledige dossier beschikt;
• Ondersteuning van behandelaars: een zaaksysteem is er op gericht om de behandelaar zoveel mogelijk te ondersteunen bij zijn of haar werk.

In De zaak X van Groeneweg en Ten Cate (2008) wordt naast de genoemde punten nog een laatste voordeel genoemd: ‘dat het werken met zaken de eindgebruiker weghoudt uit het ordeningsplan (de digitale archiefstructuur). In een overheidsorganisatie die honderden processen uitvoert, heeft het ordeningsplan de neiging uit te groeien tot een enorm bouwwerk. Een elegant en nuttig bouwwerk, ongetwijfeld, maar de eindgebruiker is gewend (al meer dan tien jaar) te werken met netwerkmapjes die veel lijken op zaakmappen. Als hij alleen maar die zaken voor zijn neus krijgt, hoeft hij zich niet meer dan nodig te verdiepen in het ordeningsplan, hoeft hij niet eindeloos te zoek
en naar waar zijn dossiertje zich bevindt in de boom.’

We zien bijna allemaal punten die de medewerker helpen om effectief en efficiënt te werken. Dit heeft ook automatisch invloed op de dienstverlening. Als de medewerker dankzij zaakgericht werken zijn werk beter kan uitvoeren, kan hij de klant ook beter van dienst zijn en dus zal de klant tevreden zijn over de dienstverlening. Per slot van rekening is klanttevredenheid dé graadmeter voor een goede dienstverlening.
Samenvattend kan gezegd worden dat zaakgericht werk en de externe dienstverlening aanmerkelijk verbeterd. Als zaakgericht werken echt er ook toegepast wordt op interne produkten en diensten, zal ook de interne dienstverlening (bedrijfsvoering) verbeteren.

(...)

Organisatorische voorwaarden
In de literatuur zijn legio voorwaarden voor zaakgericht werken te vinden. Volgens Van Bodegraven en Groeneweg in hun whitepaper (2011) mo
eten drie dingen minimaal geregeld zijn:
• Ordening van de informatie op basis van werkprocessen;
• Afhandeling van zaken of zaakdossiers (en niet van documenten);
• Volgen van de afhandeling op een aantal statussen.

Groeneweg en Ten Cate (2008) formuleren de volgende voorwaarden:
• Je hebt organisatiebreed vastgesteld wanneer je iets als een zaak benoemt en wanneer niet;
• Je gebruikt organisatiebreed dezelfde omschrijving en voor zaken;
• De zaak is het leidend ordeningsprincipe in de informatiehuishouding. Dat betekent dat de processen de ordening van de informatie bepalen en dat je het meest concrete proces ‘zaaktype’ noemt;
• De zaak is het aanknopingspunt voor de vorming van een volledig dossier;
• Alle taken binnen de organisatie worden zaakgewijs afgehandeld..

De Verseon Gebruikersvereniging (2012) zegt in haar programma van eisen voor zaakgericht werken dat het ‘belangrijk is dat er overeenstemming wordt bereikt binnen de gemeente over de producten en diensten respectievelijk de zaaktypen die kunnen worden aangevraagd.’

In zijn whitepaper (2012) spreekt Hans der Kinderen van het fundament om zaakgericht werken te kunnen invoeren. Dit fundament bestaat volgens hem uit een bereidheid en vermogen tot verandering, een duidelijke koers en doelstelling en een goede omschrijving van de processen (= zaaktypen).

Ben de Jong (2008) noemt in zijn artikel het in kaart brengen van de werkprocessen de eerste taak voor gemeenten die willen starten met zaakgericht werken. 

Dennis van der Heijden (2008) noemt de volgende voorwaarden:
• Digitalisering;
• Integratie van back- en frontoffice;
• Werkwijze, gericht op processen.

Met digitalisering wordt de mogelijkheid tot digitaal werken bedoeld, in het kader van deze afstudeeropdracht is dit tot de technische voorwaarden gerekend.

In ‘De zaak X’ (2008) wordt het volgende gezegd: ‘Als een organisatie digitaal en zaakgericht wil werken, dan moet die organisatie een eenduidig en helder beeld hebben van wat digitaal en zaakgericht werken voor haar betekent. Alleen dan is het mogelijk doelen te stellen, mijlpalen te benoemen en een plan te maken voor de invoering van digitaal en zaakgericht werken. Een eenduidig en helder beeld scheppen betekent ook: keuzes maken. En dan vooral keuzes op het gebied van informatiehuishouding en IT-architectuur.’ .

(...)

Samengevat kom ik tot de volgende organisatorische voorwaarden:
• Er moet overeenstemming zijn over de definitie van zaakgericht werken;
• Produkten en diensten moeten benoemd zijn in zaaktypen;
• Mogelijke zaakstatussen moeten benoemd zijn;
• Zaakgericht werken is opgenomen in het informatiebeleidsplan;
• Er moet draagvlak gecreëerd worden voor zaakgericht werken;
• Er moet budget beschikbaar zijn voor de introductie van zaakgericht werken.

 

Bron: De ambtenaar gaat in zaken - zaakgericht werken bij de gemeente, Ed Vullings


Laatst aangepast op zaterdag, 02 februari 2019 07:17  
Cultuur volgens Geert Sanders & Bram Neuijen
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

uimodel cultuur bedrijfscultuur sanders neuijen

cultuur sanders neuijen bedrijfscultuur

Bedrijfscultuur kan worden gedefinieerd als de gemeenschappelijke verstandhouding van de leden van - en de belanghebbenden bij het bedrijf. Deze gemeenschappelijke verstandhouding heeft betrekking op hoe het dagelijks in de onderneming toegaat ('collectieve mentale programmering van de leden van - en belanghebbenden bij - een onderneming').

(...)

De omschrijving van bedrijfscultuur als een gemeenschappelijke verstandhouding heeft twee kernelementen. Het eerste wordt gevormd door het woord 'verstandhouding'. Bedrijfscultuur, en cultuur in het algemeen, zitten in de hoofden van mensen; zij behoren tot de software.

Cultuur is dus niet direct zichtbaar, maar kan wel direct worden afgeleid uit de manier waarop mensen zich gedragen en uit wat er gebeurt.

Het tweede element is het woord 'gemeenschappelijk'.

Er is alleen sprake van een bedrijfscultuur wanneer deze door mensen wordt gedeeld, of tenminste door een belangrijke groep mensen. Opvattingen en meningen die alleen maar bij één individu horen, maken geen deel uit van de bedrijfscultuur, maar van zijn of haar persoonlijke bagage.

(...)

Samenvattend: bedrijfscultuur wordt opgevat als de gemeenschappelijke verstandhouding van de leden van een bedrijf met betrekking tot hoe het in hun onderneming dagelijks toegaat. Het betreft hier het geheel van geschreven en ongeschreven regels dat het sociale verkeer tussen de medewerkers van de onderneming onderling, als ook het verkeer met derden, kanaliseert en vorm geeft.

Bedrijfscultuur ... vormtde software van de organisatie. Naast deze software is er de hardware van de organisatie. In het geval van de bedrijfscultuur gaat het dan o.a. over gebouwen, de uniformen of de bedrijfsauto's. [Sanders en Neuijen beschouwen] deze hardware als een uitingsvorm van de bedrijfscultuur, maar niet als haar essentie. Het gaat bij de bedrijfscultuur immers niet om de uitingsvormen op zich, maar om de betekenis die leden van de organiastie hieraan hechten.

Uitingsvormen van cultuur zijn symbolen, helden en rituelen. ... Zij verwijzen naar patronen van waarden en grondbeginselen, die veel dieper geworteld zijn dan symbolen, helden en rituele en die het hart van de cultuur vormen. Van de aard hiervan zijn de leden zich niet of in geringe mate bewust. ...

Symbolen
Voorwerpen, woorden of handelingen die, naast een dagelijkse betekenis, tot uitdrukking brengen wat de organisatie wil zijn of wil betekenen.

Helden of anti-helden
Reële of imaginaire personen die de organisatieleden bewonderen of verafschuwen.

Rituelen
Sociale gewoonten die voor de organisatieleden iets essentieels uitdrukken en die ene context geven aan bepaalde gebeurtenissen.

Waarden en grondbeginselen
Waarden hebben een 'gij-behoort'-karakter dat het waarnemen, denken, voelen en handelen van de leden over wat zij goed of slecht, mooi of lelijk, rationeel of irrationeel vinden. ... Grondbeginselen vallen samen met wat stilzwijgend voor waar wordt aangenomen. Het zijn de bedrijfsgebonden premissen die aan de basis liggen van de eerder behandelde uitingsvormen.

De vier genoemde categorieën van cultuur zijn niet allemaal even diep geworteld. Ze kunnen met de schillen van de ui worden vergeleken.

De grondbeginselen en waarden vormen de kern, terwijl de symbolen het meest aan de buitenkant liggen. De schillen aan de buitenkant, zoals de symbolen, zijn gemakkelijk te herkennen. Het is echter moeilijk te zeggen wat ze precies te betekenen hebben voor de grondbeginselen van de cultuur. ....

Symbolen zijn ook het meest eenvoudig te veranderen: nieuwe terminologie, nieuwe slogans, nieuwe logo's. Helden veranderen betekent: nieuwe mensen naar voren halen. Rituelen veranderen betekent: de aanwezig mensen betrekken bij nieuwe activiteiten en hieraan zin geven.

Om de grondbeginselen en waarden te bereiken moeten de andere lagen gepasseerd worden. Grondbeginselen zijn dus niet eenmalig te veranderen, niet los van de rituelen, helden en symbolen waarin ze tot uitdrukking komen. Bovendien zijn grondbeginselen en waarden zeer stabiel, omdat zij over de jaren heen als richtingaangevers hebben gefunctioneerd voor het dagelijkse handelen van de leden van de organisatie.

Bron: Bedrijfscultuur - diagnose en beïnvloeding, Geert Sanders en Bram Neuijen

 

 

 

 

Laatst aangepast op dinsdag, 02 januari 2018 08:26  
Hardlopen: loophouding
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

Tijdens een hardlooptraining werd (me) duidelijk dat mijn pasfrequentie te laag is. Ik wil hier dus aan gaan werken en kwam deze twee filmpjes tegen met wat basistips en -trucs voor een goede houden en techniek bij het hardlopen.

 

 

Laatst aangepast op zaterdag, 30 juni 2018 07:56  
HRM volgens Charles J. Fombrun
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

michigan model personeelsbeleid

Een veel gebruik model binnen HRM is de HR-cyclus van Fombrun c.s.:

hrm fombrun selectie prestatie

In het dagelijks spraakgebruik wordt HRM vereenzelvigd met het planmatig benutten van menselijke talenten in het licht van de strategie van een organisatie. Daarmee ontstaat in de ogen van leidinggevenden en personeelsfunctionarissen een uitdagend perspectief voor het personeelsmanagement voor veel organisaties. (...) Hoe kunnen, via een geïntegreerde en planmatige inzet van personeelsinstrumenten, de niet-benutte menselijke talenten optimaal worden benut om de strategie van de organisatie te realiseren? (...) Een belangrijke rol bij de opgave om menselijk potentieel beter te benutten, is weggelegd voor de Human Resource Cycle die door Fombrun c.s. is ontwikkeld.

(...)

In de opvatting van Fombrun e.a. is de effectieve prestatie van een individu een functie van de geïntegreerde toepassing van de vier HRM-componenten in relatie tot de strategie en de structuur van een organisatie.

michigan fombrun hrm hr personeelsbeleid

Het Michigan-model (Fombrun, Tichy & Devanna, 1984) benadrukt vooral de 'resources' in de term HRM. Zij stellen dat werknemers beheerd moeten worden, zoals andere 'resources' in de organisatie. Dit betekent dat medewerkers zo voordelig mogelijk moeten worden geworven, spaarzaam moeten worden gebruikt en zo verregaand mogelijk moeten worden ontwikkeld. ...

Bij de vormgeving van het personeelsbeleid moet maximale afstemming op de organisatiestrategie worden nagestreefd. De effectiviteit van de organisatie is namelijk afhankelijk van de mate waarin een sluitende 'fit' of 'match' gerealiseerd wordt tussen 'human resource strategies' en 'business strategie'.

De systemen die Fombrun en zijn collega's het meest belangrijk vonden om deze match te bereiken zijn: selectie, beoordeling, beloning en ontwikkeling. Deze vier domeinen van het personeelsbeleid dienen elkaar te versterken en onderling consistent te zijn. Verder diene deze domeinen expliciet verband te houden met de ondernemingsstrategie. De belangrijkste managementopdracht bestaat er dus in om de formele structuur van de organisatie en de verschillende HR-systemen zo op elkaar af te stemmen dat ze de strategische doelen van de organisatie maximaal ondersteunen.

 

michigan fombrun hrm hr personeelsbeleid

Managers en organisaties hebben als doel personen te selecteren die het beste in staat zijn te presteren in een bepaalde functie of binnen de organisatie. Organisaties beoordelen de prestaties van hun medewerkers om onder meer de beloning en ontwikkeling van medewerkers te bepalen. Organisaties proberen bovendien hun medewerkers te motiveren/stimuleren door hun beloning (deels) te koppelen aan hun prestatie. Ten slotte stimuleren organisaties de ontwikkeling van medewerkers om hen in staat te stellen nu en in de toekomst beter te presetern. Prestatie beïnvloedt dus alle componenten of wordt erdoor beïnvloed.

Selectie

De kernactiviteit in de selectiefase is het voorspellen van toekomstig (werk)gedrag van de kandidaten, met als doel de meest geschikte persoon te kiezen. De belangen zijn groot, zowel voor de organisatie als voor de sollicitant. Het is dus zaak om de onzekerheid bij het voorspellen zo laag mogelijk te laten zijn. Er kunnen verschillende selectiemiddelen worden gebruikt om informatie te verkrijgen over het toekomstige werkgedrag. (...) De meest gangbare middelen zijn interview, arbeidsproef, pschologisch onderzoek, assessment en referentie.

Beoordelen

Performance management is een methode om op systematische wijze de prestatie van de medewerkers te bepalen, te verbeteren, te beoordelen en te belonen. Het draait hierbij om de jaarlijkse cyclus van: plannen, functioneren, beoordelen en belonen.

Ontwikkeling

Medewerkers worden gezien als een belangrijke - en in dienstverlening en kennisintensieve organisaties als de belangrijkste- hulpbron. (...) Interne resources die volden aan de eisen van schaarste, moeilijk imiteerbaar, moeilijk vervangbaar en/of economisch waardevol zijn, leveren een bijdrage aan het onderscheidende vermogen van de organisatie. Competentiemanagement is de 'paraplu' voor het voortdurend ontwikkelen van de organisatie, waarbinnen het ontwikkelen van de competenties van individuele medewerkers een centrale rol speelt. Mobiliteit, opleiden, motiveren en empowerment zijn enkele facetten van de ontwikkeling van medewerkers.

Bron:

Laatst aangepast op woensdag, 27 december 2017 07:59  
Procesarchitectuur volgens GEMMA (3)
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

procesarchitectuur bedrijfsproces werkproces processtap handeling

De GEMMA Procesarchitectuur ordent processen op grond van twee dimensies:

  1. Niveau: bedrijfsprocessen, werkprocessen, processtappen en handelingen. Deze gelden zowel voor primaire, sturende als ondersteunende processen.

  2. Aard van het proces: sturende, primaire en ondersteunende processen.

 

Niveau van het proces

De niveaus van processen corresponderen met de onderstaande definities. Het hoogste niveau geeft een overzicht van alle bedrijfsprocessen. Een niveau lager kijkt naar alle werkprocessen binnen één specifiek bedrijfsproces, enzovoort.

  1. Bedrijfsproces: geordende reeks werkprocessen die binnen één organisatie wordt uitgevoerd met als doel om een (combinatie van) dienst(en) te leveren aan een (interne, externe) klant, bijv. 'vergunningen'.

  2. Werkproces: geordende reeks van processtappen die binnen één organisatorische eenheid binnen een organisatie wordt uitgevoerd met als doel een specifieke bijdrage (prestatie) te leveren aan een dienst die uiteindelijke zal worden geleverd aan een (interne, externe) klant, bijv. 'intake'.

  3. Processtap: geordende reeks handelingen die ononderbroken wordt uitgevoerd door één mens of machine binnen één bedrijfsfunctie (eenheid van tijd, plaats en handelen), bijv. 'registreren zaak'.

  4. Handeling: Kleinst mogelijke eenheid van werk, uitgevoerd door één persoon of machine op één plek op één moment, bijv. 'vul hier het zaaknummer in'.


Aard van het proces

  1. Sturende processen: processen die zorgen voor het vormen van de strategie, en het programmeren en evalueren hiervan. Deze processen zijn door het voortbrengen van kaders en de doelen vooral gericht op het aansturen van de primaire processen van de organisatie.

  2. Primaire processen: processen die gericht zijn op het door de organisatie leveren van toegevoegde waarde aan haar omgeving. Het zijn processen waaraan een organisatie haar bestaansrecht ontleent. Deze lopen van klant (aanvraag) en/of samenleving (maatschappelijke behoefte) tot diezelfde klant (product) en/of samenleving (effect in de stad).

  3. Ondersteunende processen: processen die resultaten voortbrengen die onzichtbaar zijn voor de burger, maar essentiële ondersteuning leveren voor het effectief kunnen uitvoeren van de primaire processen, andere ondersteunende processen of de gehele organisatie.

Zie ook:

Bron: GEMMA Procesarchitectuur 2.0

 

 





Laatst aangepast op vrijdag, 28 augustus 2020 06:17  


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

Als je het proces ter harte neemt, dan zorgt het doel wel voor zichzelf.

Mahatma Ghandi

Banner

Archief

Lean boeken top 5

(maart 2016)
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

We hebben 83 gasten online
Artikelen

result systematically applying question whu simplicity eliyahu goldratt

Banner
Banner

er zijn fouten gemaakt maar niet door mij tavris aronson

Er zijn fouten gemaakt (maar niet door mij)
Waarom we dwaze overtuigingen, slechte beslissingen en kwetsend gedrag rechtvaardigen
Carol Tavris, Elliot Aronson

Bij Managementboek.nl of Bol.com

Lean boekentips

Banner