• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
www.eenblogjeom.nl
Kennis volgens de Open Universiteit
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

kennis kennisbanken

Hannelore DeKeyser, Gé Nielisen, Ton Kallenberg & Dirk van der Veen beschrijven in Kennis van kennisbanken - Maatwerk in de professionalisering van beginnende leraren het verschil tussen kennis, informatie en gegeven en gaan in op de verschillende niveaus en soorten kennis:

kennis informatie data

Wat is kennis?

... De begrippen 'informatie' en 'kennis' worden regelmatig als synoniemen van elkaar gebruikt. Dit is niet correct: er zijn duidelijke verschillen tussen deze twee begrippen. Informatie staat op zichzelf. (Bijna) elke uitspraak over iets of iemand is informatie(f). Informatie kan bestaan uit louter woorden of data en is eenvoudig over te brengen. Het verschil met kennis is dat er bij kennis betekenis wordt gegeven aan informatie. Omdat het geven van betekenis door iedere persoon zelf wordt gedaan, betekent dit dat kennis logischerwijs persoonlijk is en per persoon verschilt. Kortom: kennis is verbonden aan een individu en bestaat alleen in iemands 'mind'. Het is daarom ook moeilijker grijpbaar dan informatie, om de eenvoudige reden dat het niet zichtbaar is. Kennis wordt geconstrueerd door een persoonsgebonden proces van samenstelling en verwerking van informatie.

(...)

Naast de begrippen informatie en kennis onderscheiden diverse auteurs ook het begrip data:

  • Met data (of gegeven) doelen zij op symbolische weergaven van getallen, woorden, geluiden, beelden, grootheden, hoeveelheden of feiten. Gegevens zijn statisch en enkelvoudig. Gegevens zijn gemakkelijk op te slaan en opnieuw te gebruiken.
  • Wanneer de ontvanger een ordening toevoegt aan de verkregen gegeven, spreken we over informatie. Informatie verwijst dus naar data die zinvol zijn geordend en bewerkt. Op basis van informatie kunnen we conclusies trekken, terwijl losse gegevens die mogelijkheid niet bieden. Een identieke rij gegevens kan op vele manieren geïnterpreteerd worden. Anders gezegd: eenzelfde rij gegevens kan tot verschillende informatie leiden. De omgeving of de specifieke situatie bepaalt de wijze waarop de gegevens worden omgezet in informatie. Informatie die in de ene situatie juist is, hoeft niet per se juist te zijn in een andere situatie.
  • Kennis is het vermogen dat iemand in staat stelt een bepaalde taak uit te voeren door gegevens (van externe bronnen) te verbinden, en te laten reageren met eigen informatie, ervaringen en attitudes. Op basis van kennis kan waarde worden gecreëerd. Op basis van informatie is dit pas mogelijk na een bepaalde bewerking. Kennis ontstaat als informatie wordt gehanteerd in zinvolle activiteiten en productief gebruik.
Weggeman definieert het begrip kennis als volgt: "Kennis is een persoonlijk vermogen dat gezien moet worden als het product van de informatie (I), de ervaring (E), de vaardigheid (V) en attitude (A) waarover iemand op een bepaald moment beschikt." Weggeman ziet kennis dus als de formule: K = I*EVA.
(...)
Bertrams onderscheidt naast kennis ook het begrip wijsheid. Wijsheid stelt iemand in staat de juiste kennis te selecteren om een bepaalde taak zo succesvol mogelijk op te lossen
(...)
Typen van kennis
(...)
Latente, manifeste en inerte kennis
... Het gaat om het onderscheid tussen de mate waarin kennis beschikbaar is voor het vervullen van een taak of het oplossen van een probleem.
Manifeste kennis is actuele kennis die iemand permanent ter beschikking heeft en die 'zichtbaar' op de voorgrond treedt. Deze kennis vormt het kader waarmee een persoon naar de wereld kijkt en stuurt zelfs zijn waarneming.
Latente kennis is parate kennis waarover iemand, indien nodig, kan beschikken. Denk aan herinneringen, oude leerinhouden of ervaringen die we inzetten of oproepen om een probleem op te lossen.
Daarnaast onderscheiden we het begrip 'interte kennis'; kennis waarover iemand wel beschikt maar die eigenlijk niet wordt gebruikt. ... Kennis wordt inert omdat ze te weinig wordt gebruikt.
(...)
Expliciete kennis versus impliciete kennis
Expliciete kennis wordt gecodificeerd in geschreven tekst, plaatjes, beelden, video's, formules, softwarecodes, enzovoort. Expliciete kennis kan ook ingebed zijn in productontwerpen, cursussen of procesbeschrijvingen. Ze is vaak formeel van aard en systematisch geordend. Soms wordt dit type kennis ook wel 'wetenschappelijke kennis' genoemd. Het voordeel van expliciete kennis is dat ze eenvoudig kan worden opgeslagen en overgedragen tussen mensen. Dit betekent niet dat ze ook gemakkelijk kan worden verwerkt of beheerst.
(...)
Naast expliciete gecodificeerde kennis onderscheiden we impliciete kennis. Deze bestaat uit ervaring, intuïtie, ideeën en actie van de persoon, ofwel tacit knowledge. Tacit knowledge is heel persoonlijk ingekleurd en moeilijk te formaliseren. Subjectieve inzichten (implicit understanding), herinneringen van gebeurtenissen (episodic knowledge), intuïtiesen plotselinge invallen (impressionistic knowledge) behoren tot deze categorie. Impliciete kennis is diep geworteld in iemand zijn praktische activiteit en ervaring, en in idealen, waarden en emoties die hij meeneemt: de zelfkennis van een invididu tijdens een activiteit (regulative knowlegde).
Impliciete kennis is moeilijk te documenteren of met anderen te delen. Desgevraagd blijkt het ook voor de persoon zelf niet altijd helder hoe bepaalde ideeën of beslissingen ontstaan. Impliciete kennis ontstaat door oefening, vallen en opstaan, nadoen en intensief samenwerken.
(...)
Niveaus van kennis
...
Taxonomieën
Een methode om niveaus in kaart te brengen, is het gebruik van zogenaamde taxonomieën. Een taxonomie (taxis [= ordening] en nomos [=wet]) is een wetmatige ordening, een structurering gebaseerd op een theoretische (en voor zover mogelijk ook empirische) basis over hoe bijvoorbeeld leerdoelen in het onderwijs in werkelijkheid geordend zijn....
Taxonomie van Bloom
Bloom ontwikkelde in de vijftiger jaren een cognitieve taxonomie die nog altijd veelvuldig in het onderwijs wordt gebruikt. De kracht van deze taxonomie zit in zijn eenvoud en toepassingsmogelijkheden in het onderwijs. Bloom beschrijft zes opeenvolgende kennisniveaus, waarbij hij veronderstelt dat elk niveau beheerst moet worden voordat iemand op een hoger niveau kan 'acteren'.
Cognitief niveau Omschrijving

Kennis

- kennen van feiten

- kennen van middelen, methoden, processen, ....

- kennen van systemen en structuren

De geheugenactiviteit is het hoofdproces. Geen inzicht of begrip.

- termen, definities, uitdrukkingen, jaartallen, .....

- werkwijzen, technieken, klassen (bijv. genres, diersoorten) of methoden van onderzoek

- regels, principes, generalisaties, theorieën, of structuren.

Begrijpen

- ... door vertalen en omzetten

- ... door interpreteren

- ... door extrapoleren of interpoleren

Inzicht wordt verondersteld, wat inhoudt dat men moet kunnen transformeren en gebruiken, maar louter in analoge situaties. Of de student begrip heeft, kan men zien op drie niveaus:

- andere abstractieniveaus, omzetten van bijvoorbeeld symbolisch naar verbaal, omzetten uit een andere taal

- hoofd- en bijzaken kunnen onderscheiden

- consequenties kunnen trekken die niet expliciet gegeven zijn.

Toepassen Gebruiken van kennis in nieuwe situaties (bijvoorbeeld aangeleerde woorden in een gesprek kunnen gebruiken, juiste oplossingsmethode kunnen kiezen en/of gebruiken)
Analyseren

Het verduidelijken, in vraag stellen, in samenstellende delen ontleden van de inhoud.

De reden kunnen geven waarom iets op een bepaalde manier gedaan of gebruikt is; redeneren.

Synthetiseren Denken dat creatief van aard is. De inhoud moet zelf samengesteld kunnen worden.
Evalueren

Kritische denken, bijvoorbeeld een boekbespreking maken

 

 

(...)

Een kennisbank is een opslagplaats waarin bronnen rondom een bepaald onderwerp zijn verzameld, die op een dusdanige wijze aan de gebruiker worden uitgeserveerd of door de gebruiker kunnen worden verrijkt, dat hij of zij maximaal ondersteund wordt bij kennisconstructie, -consolidatie of -optimalisatie.

Bron: Kennis van kennisbanken - Maatwerk in de professionalisering van beginnende leraren, Hannelore DeKeyser, Gé Nielisen, Ton Kallenberg & Dirk van der Veen





Tags:
Laatst aangepast op vrijdag, 04 oktober 2019 12:51  
Omdenken met Toon Hermans
Gepubliceerd in Citaten: omdenken
E-mail Afdrukken

citaat quote

Niets is zo bijzonder
als het gewone.

Toon Hermans

Laatst aangepast op zaterdag, 31 december 2016 08:18  
4 Leerstijlen volgens David Kolb
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

david kolb leerstijlen

[Volgens David Kolb] bestaat een leerproces altijd uit fasen van onderdompelen (ervaren), verhelderen (overdenken), verklaren (inzicht krijgen) en toepassen (doen en experimenteren). Alle vier de fasen zijn belangrijk en komen wel op een of andere manier terug, maar iedereen steekt op zijn eigen favoriete manier bij dat leerproces in.

En zo kwam Kolb tot de bekende en veel toegepaste vier leerstijlen. De doener wil graag in het diepe springen en vooral leren door het opdoen van ervaringen. De vraag: 'Gaan we beginnen?' is zijn credo. De beslisser richt zich het liefst op praktische zaken, wil het nut begrijpen, trekt zich niet veel aan van anderen, vraagt zich af: 'Hoe kan ik dit toepassen?' Hij gaat stap voor stap op zoek naar oplossingen. De bezinner kijkt juist wel hoe anderen een probleem aanpakken, hoort of ziet graag meerdere visies en zegt: 'Mag ik hier even over nadenken?'. De denker ten slotte is gek op intellectuele uitdagingen, zoekt de logica, kijkt graag hoe theorie en praktijk zich verhouden tot elkaar en vraagt zich af: 'Moeten we dat wel zo doen?'

Bron: Slow Management, Leren (Winter 2010)

Tags:
Laatst aangepast op vrijdag, 04 oktober 2019 10:04  
De Wet van Little volgens Webers, Van Engelen & Luijben
Gepubliceerd in Lean Six Sigma
E-mail Afdrukken

john little law wet doorlooptijd wip

In het boek Het groot verbeterboek - meer dan 120 tools en concepten voor procesverbeteraars en verandermanagers beschrijven Neil Webers, Lucas van Engelen en Thom Luijben de Wet van Little:

ctq cricial to quality flowdown

De Wet van Little geeft inzicht in het effect van een verandering in een van de drie grootheden WIP, CT en GO op de andere twee.

WIP staat voor het Werk In het Proces. Dit zijn alle eenheden in het proces die uiteindelijk worden bewerkt tot een eindproduct. Bij diensten zijn dit de eenheden waaraan de dienst wordt geleverd.

CT staat voor CyclusTijd van de eenheid in het proces. Dit is de gemiddelde tijd in het proces die nodig is om een eenheid te produceren of van de dienst te voorzien. Dus de gemiddelde tijd dat de eenheden van begin tot eind in het proces zijn.

Go staat voor Gemiddelde Opbrengst: het aantal eenheden dat in het proces is geproduceerd per tijdseenheid.

De wet ziet er zo uit: WIP = CT * GO

Resultaat

De Wet van Little geeft inzicht in wat er gebeurt als je een van de drie grootheden in een proces verandert.

Aanpak

Er is geen sprake van een aanpak bij de Wet van Little waarbij het direct zichtbaar is dat het draaien aan één grootheid leidt tot het veranderen van één van de andere twee grootheden. In die zin is het geen gemakkelijke wet. Dit komt doordat deze grootheden onderling samenhangen. Het hangt helemaal af van de processituatie af (denk hierbij aan de capaciteit van de procesonderdelen, de tijd, de voorraden en de variatie in de procesprestaties en aanvoer) hoe de verandering in een van de grootheden leidt tot veranderingen in de andere twee. Zo zal het instellen van een bovengrens aan de WIP (wat de kern is van een kanban-systeem) betekenen dat de cyclustijd verlaagd moet worden om te voorkomen dat het gemiddeld geproduceerde aantal stuks achteruitgaat.

In de praktijk

In de praktijk geeft de wet bijvoorbeeld het volgende inzicht. (...) Mensen vinden het vaak onprettig om te werken tussen dossiers die nog in bewerking zijn. Uit analyses blijkt dat deze dossiers veelal 'wachtend' doorbrengen. Er is dus sprake van hoge WIP en een lange doorlooptijd. Het verminderen van de wachttijd van de dossiers (bijvoorbeeld door deze in één keer af te werken) vermindert de doorlooptijd en de dossiers zullen als sneeuw voor de zon uit het proces verdwijnen zonder dat de feitelijke productiviteit (de tijd waaraan werkelijk aan de dossiers wordt gewerkt) wordt verhoogd. En dat komt de werkbeleving ten goede.

Bron: Het groot verbeterboek - meer dan 120 tools en concepten voor procesverbeteraars en verandermanagers, Neil Webers, Lucas van Engelen & Thom Luijben

Laatst aangepast op zaterdag, 02 december 2017 22:07  
Regie: besturen van vraag en aanbod ICT diensten
Gepubliceerd in Informatiemanagement
E-mail Afdrukken

Met het 'open source' document Onderweg naar sourcing willen vier adviesbureaus Verdonck, Klooster & Associates zijn dit EquaTerra, Kirkman en Quint Wellington Redwood organisaties een handreiking bieden bij het opstellen van een sourcingstrategie.

Het onderstaande schema geeft aan welke aandachtsgebieden er zijn bij het besturen van vraag naar en aanbod van ICT diensten.

Regiefunctie: besturen vraag en aanbod

Business demand wordt ingevuld door organisatieonderdelen die als gebruikers van de ICT dienstverlening optreden, onder verantwoordelijkheid van de bestuurder. Binnen demand management is de informatiemanager (in combinatie met relatiebeheerders en specialisten binnen het regiedomein) verantwoordelijk voor het ondersteunen van de business en het specifiek richten op de wat-vraag. Supply management richt zich op het geleverd krijgen van ICT dienstverlening, waarbij het accent ligt op de hoe-vraag. Supply management is verantwoordelijk voor de vertaling van functionele eisen naar technologische eisen. Delivery staat voor de uitvoering van de ICT dienstverlening; een service delivery manager is verantwoordelijk voor het leveren en waarmaken van de gecontracteerde dienstverlening.

Het besturen van vraag naar en het aanbod van ICT diensten is een taak van de regieorganisatie. Hierbij moet de vraag naar ICT dienstverlening op strategisch, tactisch en operationeel niveau afgestemd moet worden op het aanbod.

Op strategisch niveau zijn de belangrijkste aandachtsgebieden: ICT- en sourcingstrategie, architectuur en innovatie. Op tactisch niveau gaat het om demand management (requirements management, financieel management, service portfolio management, service level management) en supply management (contract management, performance management, cost control). Tenslotte gaat het op operationeel niveau om service delivery management.

Regiedomein demand management, supply management

Het doel van 'service delivery management' is het continu besturen van de dagelijkse (operationele) vraag en aanbod van ICT diensten. Richting de klantorganisatie worden de in de producten en dienstencatalogus (PDC) vastgelegde diensten aangeboden en geleverd.

Demand management, is letterlijk het besturen van de vraag, en gaat over het definiëren van de functionele vraag (behoefte) vanuit de business. Demand management omvat vier aandachtsgebieden:

  • Requirements management (specificeren van de behoeften)
  • Financieel management (bijv. jaarbudgetten, doorbelasting, bewaken business case)
  • Service portfoliomanagement (up-to-date houden van de Serviceportfolio en PDC)
  • Service level management (beheren en verbeteren van service levels)

Om te voorkomen dat eindgebruikers hun ICT vragen en behoeften individueel bij de regieorganisatie neerleggen is vraagsturing van groot belang. Vraagsturing betekent het definiëren, afstemmen en bundelen van vragen uit de klantorganisatie. De regieorganisatie ondersteunt de klantorganisatie bij het specificeren van de vraag (wat). De praktijk laat zien dat deze activiteit veelal onderbelicht wordt waardoor een onvolledig gedefinieerde vraag wordt uitgewerkt. Het gevolg is een ICT dienstverlening die onvoldoende tegemoet komt aan de vraag van de klantorganisatie.

Naast het specificeren van de vraag worden ook prioriteiten gesteld ten aanzien van het bedienen van de gestelde vragen. Alle vragen van de eindgebruikers kunnen immers niet tegelijk worden uitgewerkt.

Een tweede taak van de regieorganisatie is het besturen en afstemmen van vraag en aanbod. Voor de levering van ICT diensten dienen de leverende organisatie (intern, extern) en de regieorganisatie service levels, tarieven en leveringsvoorwaarden af te stemmen (hoe). Bij deze afstemming speelt demand management een rol.

Supply management gaat over het besturen van het aanbod en is verdeeld naar drie aandachtsgebieden:

  • Contractmanagement (beheren van contract en de aan het contract gelieerde documenten die afspraken bevatten, SLA, DAP en/of DFA.
  • Performance management (beheren KPI"s en normen en het toetsen van geleverde prestaties aan de normen en bijsturen van die prestaties door passende maatregelen)
  • Cost control (sturen op lopende financiële afspraken en beoordelen en betaalbaar stellen facturen)

Bron: Onderweg naar sourcing

Laatst aangepast op vrijdag, 17 november 2017 22:05  


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

Concentration is the key to economic results. No other principles of effectiveness is violated as constantly today as the basic principle of concentration

Peter Drucker

Banner

Archief

Lean boeken top 5

(maart 2016)
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

We hebben 215 gasten online
Artikelen

lean learning see waste paul aker

Banner
Banner

mindset weg succesvol leven carol dweck

Mindset, de weg naar een succesvol leven
Ouderschap, bedrijfsleven, sport, school, relaties
Carol S. Dweck

Bij Bol.com of Managementboek

Lean boekentips

Banner