• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
www.eenblogjeom.nl
Gegevens ordenen volgens Stephan de Laat
Gepubliceerd in Lean Six Sigma
E-mail Afdrukken

ordenen gegevens histogram

In het boek Daadkrachtig verbeteren beschrijft Stephan de Laat een aantal basale technieken voor het ordenen van gegevens:

daadkrachtig verbeteren stephan laat deming cirkel

Het ordenen van gegevens

Door gegevens te ordenen, wordt de informatie die erin schuilt zichtbaar. U kunt er makkelijk conclusies uit trekken. Veelal zijn gegevens in chronologische volgorde genoteerd. Als u historisch cijfermateriaal raadpleegt, kan een zogenaamde trendbreuk een waardevol gegeven zijn. Een trendbreuk kan bijvoorbeeld een ploselinge verbetering of verslechtering in de omzet aantonen, of een verandering in het klachtenpatroon aangeven. Ordening naar een ander kenmerk, bijvoorbeeld naar medewerkers, kan tot andere conclusies leiden.

(...)

De meest gebruikelijke methode en technieken zijn runcharts, turfstaten, histogrammen of staafdiagrammen. Dit zijn informatieve en krachtige hulpmiddelen om goed inzicht te krijgen en ordening aan te brengen.

Runcharts

Van de aanwezige data kunnen we het beste de volgorde bewaren, dat wil zeggen dat we zowel de tijdvolgorde als de getalswaarde vasthouden. Die gegevens en de kennis van de problematiek kunnen we heel betekenisvol weergeven in de runchart, voor wat voor waarnemingen dan ook: meningen, voorvallen over schrijdingen van levertijden, verkeerde producten, klachten of ongevallen. Wel met inachtneming van de volgende instructie:

  • Het betreft waarnemingen in tijdvolgorde
  • We bekijken altijd minstens twintig waarnemingen
  • We maken er een grafiek van
  • In de grafiek komt de tijd op x-as (liggende as) en de waarneming op de y-as
  • De waarnemingen liggen rond een middenlijn. Voor de middenlijn kiezen we de Mediaan (Me). We zetten de waarnemingen eerst in oplopende volgorde. De Mediaan is de middelste waarneming.
  • Teken alle metingen of waarnemingen als een puntje of kruisje in de grafiek
  • Vermeld wijzigingen en opmerkingen onder of naast de runchart

Wat is een run?

Een run is een serie opeenvolgende grafiekpunten aan een zijde van de middenlijn. Voor die middenlijn neemt u de Mediaan, de middelste waarde van alle punten als ze in oplopende volgorde zijn gezet. ... In een runchart wordt al gauw het verloop van de situatie/aandoening zichtbaar, onder voorwaarde natuurlijk dat een goede indicator is gekozen. Hiermee is het een krachtig hulpmiddel om kleine veranderingen zichtbaar te maken.

Aan het patroon van de runs kunt u een trend of periodiciteit (een bepaald terugkerend patroon) in de data herkennen. Of u herkent mogelijk een verschuiving van de ligging.

(...)

Het eerste wat u zou kunnen opvallen is dat het patroon er ongewoon uitziet, maar wat is 'ongewoon'? Om dat minder van de persoonlijke voorkeur af te laten hangen, zijn er een aantal analyseregels die dat in één oogopslag verhelderen. Namelijk de trendanalyse, de stapverstoring, een vast herhalend patroon of het aantal 'runs' in de runchart (de grafiek).

Hier zijn vier eenvoudige analyseregels voor runcharts. Als een van deze regels van toepassing is, dan kunt u op basis van statische berekeningen besluiten dat iets opmerkelijks is gebeurd.

(1) Trend: zeven dalende of zeven stijgende punten achter elkaar

(2) Stapverstoring: acht punten of acht punten boven de middenlijn

(3) Te veel of te weinig runs

(4) Herhalend patroon: bijvoorbeeld telkens twee metingen achterelkaar omhoog en dan eenmaal omlaag

Turfstaten

Door turfstaten te maken, kunt u gegevens meteen ordelijk opschrijven. Voor dat u gegevens verzamelt, kunt u al bepalen wat voor soort gegevens u wilt hebben, en bij wie, waar en wanneer ze kunnen worden verkregen. Deze categorieën zet u op papier. Tijdens het waarnemingsproces hoeft u dan alleen nog maar te turven. Het voordel van deze methode is duidelijk: u weet precies waar u naar moet kijken. De verzamelde gegevens worden meteen gekwantificeerd.

Soms geeft het tellen van fouten een verkeerd beeld. De ene fout kan ernstiger zijn dan de andere. In zo'n geval kunt u 'weegfactoren' toekennen, eventueel in overleg met een deskundige. Ernstige fouten krijgen een hogere weegfactor mee dan minder ernstige. Vervolgens vermenigvuldigt u per categorie het totaal aantal fouten met de weegfactor.

Histogram en staafdiagram

De frequentie van een waarnemingsuitkomst kunt u weergeven in een histogram of in een staafdiagram. In één oogopslag zijn de resultaten te overzien. Zo'n plaatje kan bijvoorbeeld tijdens de presentatie heel verhelderend werken Er bestaan veel computerprogramma's die in een oogwenk cijfermateriaal in een histogram of een zogenaamde Barchart kunnen omzetten.

Bron: Daadkrachtig verbeteren, Stephan de Laat

Laatst aangepast op donderdag, 26 oktober 2017 05:59  
Belangrijke onderwijskundige begrippen - Growth mindset
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

bob belangrijke onderwijskundige begrippen

leren learn

Growth Mindset

Definitie

...

dual coding

Growth mindset

Het idee mensen twee denkwijzen oftewel mindsets kunnen hebben: een statische (fixed) en een op groei gerichte (growth) mindset.

De Amerikaanse psycholoog Carol Dweck heeft onderzoek gedaan de motivatie en prestaties van leerlingen. Zijn concludeerde dat er twee soorten denkwijzen (mindsets) zijn: de fixed mindset (vast) en growth mindset (groeien). Leerlingen met een fixed minset zagen bekwaamheid als iets wat zich direct moet manifesteren en dus niet is te ontwikkelen. Ze haakten af als ze iets niet meteen konden. Leerlingen met een growth mindset geloofden juist dat bekwaamheid kon groeien door hard werken en veel oefenen. Zij zetten door, ook als het moeilijk was of als ze tegen problemen aanliepen.

Tegenwoordig plaatsen onderzoekers vraagtekens bij de betrouwbaarheid van de originele studies van Dweck. Latere studies laten namelijk andere resultaten zien, onder meer dat een op groei gerichte denkwijze niet leidt tot beter leren (Sisk et al, 2018). Dwecks onderzoek is bovendien gebaseerd op een methode van zelfrapportage door leerlingen. Dat leerlingen verschillend denken over bekwaamheid en intelligentie klopt wel, maar de invloed van die denkwijzen op leerprestaties is nooit sterk aangetoond. Vooral interventies op het gebied van de mindset blijken niet (nauwelijks) effectief.

Bron: https://leer.tips/tip/fixed-mindset-en-growth-mindset/

informatie kennis leren

Mindset

Manier van denken hoe je kijkt naar je eigen kwaliteiten en vaardigheden en hoe je dit doet ten aanzien van anderen (Dweck, 2017). Zo onderscheidt Dweck een fixerende mindset en een groeibevorderende mindset.

Bron: Handwoordenboek Basisonderwijs - Karl Baert, Sofie Bamelis, Hadewych Coppens & Annemie Desoete


Tags:
Laatst aangepast op zaterdag, 05 september 2020 20:43  
Belangrijke onderwijskundige begrippen - Zone van naaste ontwikkeling
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

bob belangrijke onderwijskundige begrippen

leren learn

Zone van naaste ontwikkeling

Definitie

...

zone naaste ontwikkeling vygotski

Zone van naaste ontwikkeling


De zone van de naaste ontwikkeling is het verschil tussen wat je zonder hulp kan doen en wat je met hulp kan doen. Door nét boven je kunnen iets te doen, kom je tot leren.

De theorie is afkomstig van Lev Vygotski (1896-1934). Wat je zelfstandig kan, is de actuele ontwikkeling. Waar je hulp bij nodig hebt, is de naaste ontwikkeling. Het gebied ertussen is de zone van naaste ontwikkeling: activiteiten die je nog niet zelfstandig kan, maar wel wanneer je sociale ondersteuning krijgt bij de uitvoering ervan.

Je wordt op je zone van de naaste ontwikkeling aangesproken door (ondersteund) aanbod dat net boven je niveau ligt: niet te makkelijk, wel uitdagend, maar niet te moeilijk. Daarbij wordt de steun op een niveau steeds meer afgebouwd, totdat iemand het zelf kan. Dit wordt ook wel scaffolding genoemd.

Bron: https://leer.tips/tip/zone-van-de-naaste-ontwikkeling/

zone naaste ontwikkeling vygotski

De zone van de naaste ontwikkeling

Een belangrijk begrip in de theorie van Vygotsky is de zone van de naaste ontwikkeling. Vygotsky maakt een onderscheid tussen het niveau van de actuele ontwikkeling en de zone van de naaste ontwikkeling.

Het niveau van de actuele ontwikkeling is het niveau dat de leerling heeft bereikt in de loop van zijn ontwikkeling, en dat we kunnen vaststellen door te kijken naar de opgaven die de leerling zelfstandig kan oplossen.

De zone van de naaste ontwikkeling is de afstand tussen het niveau van de actuele ontwikkeling (wat de leerling zelfstandig kan oplossen), en het niveau van de mogelijke ontwikkeling die de leerling kan bereiken onder begeleiding en met hulp van een volwassene of een knappere medeleerling (= mediatie).

De breedte van de zone van de naaste ontwikkeling verschilt van leerling tot leerling, maar is ook anders voor de verschillende ontwikkelingsdomeinen van dezelfde leerling. Zo kunnen leerlingen met een zelfde intelligentiequotiënt toch heel verschillende zones van naaste ontwikkeling hebben voor verschillende gebieden van hun ontwikkeling.

Het niveau van de actuele ontwikkeling toont ons het resultaat van de ontwikkeling van gisteren, de zone van de naaste ontwikkeling biedt ons een glimp van de ontwikkeling van morgen. Het niveau van de actuele ontwikkeling kunnen we vaststellen met toetsen, intelligentieonderzoek en leerlingvolgsystemen. Maar dat geeft ons alleen informatie over de doorgemaakte ontwikkeling. Die informatie is nodig, maar veel belangrijker is om zicht te krijgen op de zone van de naaste ontwikkeling.

Doel van onderwijzen is de leerling verder brengen in zijn ontwikkeling, verder dan wat hij al heeft geleerd. Leren is een proces van ontwikkelen. De leerling is in zijn ontwikkeling bevorderd als er ook een leerresultaat (= een product) is. En dat product duidt op de uitbreiding van het niveau van actuele ontwikkeling.

Bron: Hoe Coach Ik Mijn Klas?, Danny Wyffels

zone naaste ontwikkeling vygotski

De zone van naaste ontwikkeling

Een centraal begrip in de opvatting van Vygotsky is de "zone van naaste ontwikkeling". In "Mind in Society" omschrijft hij deze zone als volgt: "Het is de afstand tussen het actuele ontwikkelingsniveau, waarbij de lerende zelfstandig problemen kan oplossen en het potentiële niveau waardoor de lerende problemen kan oplossen met hulp van andere kinderen en/of een volwassene." Dit betekent dat we een lerende in een context moeten plaatsen die net iets complexer is dan wat hij/zij reeds aan kan. Hierdoor kan de lerende net nog de gepaste inspanning leveren om de nieuwe kennis te verwerven.

De socio-culturele inbedding van de benadering heeft als gevolg dat een zone van naaste ontwikkeling gezien kan worden als een sociale context waarin lerenden omgaan niet problemen die ze samen met anderen aanpakken.
Vygotsky (1987): "Instruction is only usefid when it moves ahead of development. It impels or wakens a whole series of functions that are in a stage of maturation lying in zone of proximal development."

Het gebruik van taal - één van de centrale cultureel bepaalde instrumenten - is daarbij een belangrijk instrument (lezen, schrijven). Vygotsky vertrouwt in de zone van naaste ontwikkeling op het contrast dat lerenden opmerken tussen hun perspectief en de perspectieven die andere lerenden (en de instructieverantwoordelijke) meebrengen in de leersituatie.

Hogere cognitieve structuren worden in dit proces opgebouwd door twee deelprocessen: internaliseren en externaliseren. In de interactie met de andere internaliseren de lerenden de ervaringen met de andere. Dit internaliseren is geen kopiëren! Wat geïnternaliseerd wordt, wordt getransformeerd, geïntegreerd in de aanwezige mentale structuren.

Leren is met ander woorden het reorganiseren van mentale structuren. Vervolgens kan de lerende opnieuw interacteren met de omgeving en de verwerkte structuren externaliseren, gebruiken in een nieuwe context. Dit laatste kan uiteraard uitgelokt zijn door de tegenpartij in een instructie-setting.

In de terminologie van Vygotsky grijpen dus intrapsychologische en interpsychologische processen op elkaar in.

Vygotsky verwerpt via het principe van de zone van de naaste ontwikkeling een biologisch gedetermineerde ontwikkelingsgang zoals die bijvoorbeeld door Piaget wordt verdedigd. Piaget stelt dat een bepaalde biologische rijpheid noodzakelijk is vooraleer een volgende ontwikkelingsfase kan starten. Vygotsky stelt daartegenover dat instructie de ontwikkeling "leidt".

Bron: Onderwijskunde als ontwerpwetenschap - een inleiding voor ontwikkelaars van instructie en voor toekomstige leerkrachten, Martin Valcke

zone naaste ontwikkeling vygotski

 

De 'zone van de naaste ontwikkeling'

[D]e eerste stap die mensen te zetten hebben wordt ook wel 'de zone van de naaste ontwikkeling' wordt genoemd.
Wij worden getriggerd en leren het meest als juist die zone wordt gepakt. Is iets te hoog gegrepen dan kunnen we geen successen halen. Is iets te makkelijk dan worden we niet uitgedaagd.

Als trainer is het de truc om op groepsniveau feeling te hebben met de 'zone van de naaste ontwikkeling' van je groep. Wat is het eerste wat de groep te leren heeft?

Op individueel niveau pak je die ook weer op als je gaat werken met herkansingen: dan werken mensen bijna automatisch in hun eigen 'zone van de naaste ontwikkeling'.

Bron: Trainingen Ontwerpen - Trainingen Ontwerpen In De Praktijk, Karin de Galan

zone naaste ontwikkeling vygotski



In het werk van Vygotsky staan centraal: de relatie tussen individu en cultuur en de rol van communicatieprocessen in opvoeding en onderwijs.

Kenmerkend voor zijn werk zijn de internalisatietheorie, de zone van de naaste ontwikkeling en zijn cultuurhistorische pedagogiek waarbij taal als het belangrijkste culturele symboolsysteem een rol speelt in zijn theorie over de lagere en hogere psychische functies.

Internalisering

Kinderen maken cultuur (sociale regels, normen en waarden) eigen, door hulp van volwassenen. Dit kan ook worden omschreven als socialisatie. Volgens Vygotsky nemen kinderen naarmate zij ouder worden het gedrag van volwassenen steeds meer over.

Zone van naaste ontwikkeling

De zone van de naaste ontwikkeling (ZNO) is ongetwijfeld het meest bekende concept van Vygotsky. Het is het verschil tussen wat een kind zonder hulp kan doen en wat hij of zij met hulp kan doen. Vygotsky stelde dat een kind het voorbeeld van een volwassene volgt en geleidelijk aan het vermogen ontwikkelt om bepaalde taken zonder hulp of ondersteuning uit te voeren. Het is volgens hem belangrijk om kinderen uit te dagen: leerlingen van ervaringen voorzien die zich in de ZNO bevinden. Deze theorie komt vaak voor in het onderwijs en is ook terug te vinden bij bijvoorbeeld de scaffoldingtheorie van Bruner.

Met het kernbegrip ZNO heeft Vygotsky een belangrijke plaats verworven in de onderwijskunde. Nu wordt in elk didactisch model terecht vanuit gegaan dat het onderwijs moet aansluiten bij de beginsituatie, i.c. het aanwezige ontwikkelingsniveau van het kind.

Bron: https://www.interactum.be/zone-van-naaste-ontwikkeling-vygotsky/

Laatst aangepast op zaterdag, 06 maart 2021 20:13  
Plannen volgens Alan Lakein
Gepubliceerd in Citaten: omdenken
E-mail Afdrukken

citaat quote

Plannen betekent dat je je toekomst naar het heden toe haalt, zodat je er nu iets aan kunt doen.

Alan Lakein

Laatst aangepast op vrijdag, 29 september 2017 05:15  
Demotivational: omdenken op je werk
Gepubliceerd in Losse flodders
E-mail Afdrukken

if assholes could fly, this place would be an airport

Laatst aangepast op zondag, 19 september 2021 16:08  


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

If you think education is expensive, try ignorance.

Derek Bok (president of Harvard University, 1971-1990)

Banner

Archief

Lean boeken top 5

(maart 2016)
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

We hebben 58 gasten online
Artikelen

blame process people willam edwards deming

Banner
Banner

Plakfactor, dan heath, chip heath

De plakfactor
Waarom sommige ideeën aanslaan en andere niet
Dan Heath, Chip Heath

Bij Bol.com | Managementboek.nl | Amazon.nl

 

Lean boekentips

Banner