• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
www.eenblogjeom.nl
Productief denken volgens Tim Hurson
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

Productief Denken volgens Tim Hurson

In het boek Think Better beschrijft Tim Hurson een aanpak voor productief denken (productive thinking). De aanpak bestaat uit de onderstaande zes stappen voor het ontwikkelen van goede ideëen:

  1. What's Going on?.

  2. What's Success?.

  3. What's the Question?.

  4. Generate Answers.

  5. Forge the Solution

  6. Align Resources.

Het is opvallend dat drie van de zes stappen gaan over de probleemstelling. Tim Hurson illustreert dit met een citaat van Peter Drucker: “The most serious mistakes are not being made as a result of wrong answers. The truly dangerous thing is asking the wrong question.”

De volgorde van de zes stappen zorgt - als het goed is - als vanzelf voor creativiteit.

Stap 1 – What’s Going On?
Met behulp van vijf vragen verken je de het onderwerp zo breed mogelijk:
1. Wat is het probleem/vraagstelling?
2. Wat is de impact?
3. Wat is de informatie? Wat weet je en wat moet je nog te weten komen in relatie tot je vraag?
4. Wie is er bij betrokken?
5. Wat is de visie en de beoogde toekomst (Target Future)?

Stap 2 – What’s Succes?
Doel van de 2e stap is het verder uitwerken van de bij stap 1 ontwikkelde toekomstvisie tot een concreet beeld van de gewenste situatie. Doel is te komen tot specifieke, observeerbare succescriteria waarmee je de oplossing achteraf kan beoordelen én - door je ook in te beelden hoe het is om het doel bereikt te hebben (wat is er anders is, hoe dit voelt, wat je hierbij ziet en denkt) - ook de 'drive' te ontwikkelen om het heldere einddoel ook daadwerkelijk te bereiken.

Stap 3 – What’s the Question?
De centrale vraag binnen het Productief Denk-model is welke vragen beantwoord moeten worden om het einddoel te bereiken, de zgn. Catalytic Questions; vragen die alles in beweging zetten.

Stap 4 – Generate Answers
De 4e stap is de fase van het genereren van ideëen. Verzamel zoveel mogelijk ideëen en antwoorden bij de 'Catalytic Questions', om vervolgens de meest veelbelovende en intrigerende ideeën verder uit te gaan werken.

Stap 5 – Forge the Solution
Het verder uitwerken van de bij stap 4 geselecteerde ideeën. Belangrijk hierbij is om de ideëen te vergelijken met bij stap 2 opgestelde succescriteria. De ideëen die het best aansluiten bij de succescriteria kun je vervolgens verder uitwerken, zodat er een steeds betere oplossing ontstaat voor het probleem.

Stap 6 – Align Resources
In de laatste stap bepaal je welke acties en middelen die er nodig zijn om het uiteindelijke idee uit te voeren.

Bron: http://www.via-nova-architectura.org/blogs/hans-bot/thnik-better.html en http://www.deinspiratiekamer.nl/blog/productief-denken

Laatst aangepast op vrijdag, 16 juli 2021 09:18  
Regels voor innovatie
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

Innovatie cartoon

Laatst aangepast op vrijdag, 03 januari 2020 12:48  
ASL1-proces: Service Level Management
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

Sturende processen Service Level Management ASL

Binnen ASL1 is het proces Service Level Management één van de vier sturende processen. Het proces Service Level Management komt binnen ASL2 nog wel voor, maar onder een andere naam en met een bredere scope. Omdat het maken en bewaken van afspraken met de klant belangrijk blijft, hierbij een op ASL1 gebaseerde samenvatting van de belangrijkste aspecten:

Bewaken, verbeteren klanttevredenheid
Het proces Service level management heeft als doel het maken en bewaken van afspraken met de klant. Het maken van afspraken (service levels) betekent dat de verwachtingen van klanten en gebruikers ten aanzien van de dienstverlening expliciet worden gemaakt. Door de afspraken expliciet vast te leggen, is het namelijk mogelijk deze te bewaken en vervolgens hierop te sturen en zo de klanttevredenheid en de aan de klant geleverde dienstverlening te verbeteren.

Service level
Meetbare afspraak over het proces en de resultaten van de dienstverlening.

Service Level Management vs. Kwaliteitsmanagement
Binnen Service Level Management staat de externe kwaliteit, de kwaliteit zoals klanten die ervaren – oftewel de klanttevredenheid – centraal. Dit in tegenstelling tot het ASL-proces Kwaliteitsmanagement, waarbij de interne kwaliteit van de applicatie en applicatiebeheerorganisatie centraal staat.
Het proces Kwaliteitsmanagement houdt zich meer dan Service Level Management bezig met de lange termijn van de dienstverlening.

Meetbare kwaliteitseisen: geëxpliciteerde verwachtingen
Service levels zijn meetbare afspraken – geformuleerd in voor de opdrachtgever begrijpelijke termen – over het proces, het product en de dienstverlening die de applicatiebeheerorganisatie levert aan de klant. Bij een service level kan men onderscheid maken tussen de service level sec (de afspraak) en de meetbare waarde erachter.
Het doel van het maken van afspraken is het voor de opdrachtgever en gebruiker inzichtelijk, controleerbaar en bestuurbaar maken van de dienstverlening. Het geheel aan service levels wordt geformaliseerd door een zgn. Service Level Agreement (SLA) en daaraan gekoppeld contracten (Underpinning Contracts, UC’s) of opdrachten. Het moge duidelijk zijn dat het vastleggen van afspraken over de dienstverlening alleen mogelijk is als deze duidelijk is gedefinieerd. Service levels kunnen in de loop van het jaar veranderen. Het is daarom zaak om periodiek (minimaal 1x per jaar) de SLA te herzien om deze aan te laten sluiten op de wensen van de klant.

Activiteiten
(1) Definiëren diensten (Service definition); vaststellen afspraken en service levels
(2) Bewaken diensten (Service control): meten/rapporteren resultaten dienstverlening
(3) Evalueren diensten (Service review): evalueren resultaten, inplannen verbeteracties

Onderwerpen

Onderwerpen Service Level Management ASL proces


Service levels kunnen betrekking hebben op de applicatie en dienstverlening betreffende de applicatie(s):

Ad (a) functioneren van de applicatie
Afspraken over de wijze waarop de applicatie moet functioneren in gebruik. Dit raakt een aantal belangrijke aspecten voor de klanttevredenheid: betrouwbaarheid, beschikbaarheid, stabiliteit en performance (die afgedekt worden door de beheerprocessen). Bijv. applicatie is altijd up van 9:00-17:30 uur, de afhandeling van invoerfuncties voor het baliepersoneel moeten in 99,9% van de gevallen binnen 0,5 seconden worden afgehandeld.

Ad (b) functonaliteit van de applicatie
De ‘belangrijkste’ en bekendste soort service levels binnen applicatiebeheer zijn de afspraken over functionaliteit van de applicatie en wijzigingen hierin. Deze afspraken, vaak niet herkend als service levels, zijn bij de meeste applicatiebeheerorganisaties goed afgedekt doordat ze vastgelegd zijn in geaccordeerde ontwerpen en opdrachtgevers daar expliciet op testen (acceptatietesten). Bijv. mutaties op financiële gegevens moeten in opdracht van de accountants worden gelogd.

Ad (c) proces van dienstverlening (door de applicatiebeheerorganisatie)
Afspraken over functioneren van de dienstverlening en de applicatiebeheerorganisatie: bereikbaarheid, beschikbaarheid van de applicatiebeheerorganisatie zélf, de snelheid van opereren bij storingen, wijze waarop programmatuur wordt opgeleverd, tijdslijnen waarlangs processen verlopen. Bijv. bij een storing wordt binnen 2 uur contact opgenomen met de functioneel beheerder.

Ad (d) aard, inhoud van de dienstverlening (inhoud)
Afspraken over diensten die door de applicatiebeheerorganisatie geleverd (kunnen) worden. Ofwel de dienstencatalogus van de organisatie. Bijv. afd x voert applicatiebeheer op de applicaties y en z uit.

Resultaten
(a) Contract/SLA
- product/diensten-catalogus,
- afgesproken service levels,
- afspraken over (kwaliteit van de) dienstverlening
(b) Service level-rapportage (afgesproken service levels vs. realisatie service levels)

Laatst aangepast op maandag, 25 april 2011 20:00  
Continue innovatie volgens Tom Peters
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

innovatie volgens Tom Peters

In zijn MBA in één dag verwijst Ben Tiggelaar naar Tom Peters' acht stappen voor 'doorlopende innovatie':

  1. Zoek naar rolmodellen op allerlei terreinen.

  2. Stimuleer ondernemerschap op alle niveaus.

  3. Wees bescheiden: kennis veroudert snel.

  4. Experimenteer: de kern van innovatie.

  5. Beloon excellente mislukkingen.

  6. 95% van de managementtijd is verspilde tijd.

  7. Creatieve destructie: ruim op en vernieuw.

  8. Staven werken als professional service firm.

Bron: http://www.tiggelaar.nl/Ben%20Tiggelaars%20MBA%20in%20een%20dag%202009%20NL%20Uitvoering.pdf

Laatst aangepast op vrijdag, 19 januari 2018 21:32  
Rollen, taken en functies
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

taken, functies en rollen

Een proces is een samenhangend geheel van activiteiten, mensen en middelen, waarmee één of meer producten of diensten worden voortgebracht. Een activiteit kan bestaan uit meerdere handelingen. Bij processen worden rollen gebruikt om aan te geven wie in het proces verantwoordelijk is voor de uitvoering van de werkzaamheden. De reden dat rollen worden gebruikt in plaats van functiebeschrijvingen die in de organisatie voorkomen, is dat rollen stabieler zijn. Rollen zijn minder gevoelig voor organisatorische wijzigingen.

Hét verschil tussen een functie en een rol is dat iemand een functie heeft en een rol vervult.

  1. Functie: (min of meer) wel omschreven pakket aan taken waarvoor een persoon de verantwoordelijkheid krijgt toegewezen. Die functie kan vastliggen in een functie-omschrijving (op het werk) of in de statuten of het huishoudelijk reglement (in een verening). Het pakket aan taken kan per situatie verschillen, maar voor een goede uitoefening van de functie moet duidelijk zijn welke verantwoordleijkheden er zijn voor welke taken..

  2. Rol: samenhangend pakket aan taken die door een of meer personen vervuld kan worden. De term 'rol' is feitelijk een algemene aanduiding die gebruik wordt om aan te kunnen geven wie welke handelingen mag uitvoeren. Een medewerker heeft één organisatorische functie waaraan één of meer rollen kunnen zijn gekoppeld. Iemand die een rol opneemt, maakt zich verantwoordelijk voor een pakket van taken die niet specifiek zijn voor de beklede functie.

  3. Taken: de inhoud van een opdracht om bepaalde activiteiten te verrichten.

  4. Functie: ambt, betrekking, bezigheid, dienst, hoedanigheid, positie binnen een bedrijf of organisatie. Een functiehouder heeft bepaalde taken die  toegewezen zijn aan alle personen met dezelfde functie.

  5. Handeling: alle werkzaamheden die ononderbroken (plaats en tijd) door één rol kunnen worden uitgevoerd, zonder dat overdracht plaatsvindt naar een andere rol, plaats of tijd. Een handeling beschrijft wat er door een rol moet worden uitgevoerd. Handelinge kunnen door een mens of door een geautomatseerd systeem worden uitgevoerd.

  6. Hulpmiddel: een systeem, handleiding, sjabloon, formulier, lijst of werkinstructie bij een handeling.

  7. Werkinstructie: beschrijft voor een rol in het proces de wijze waarop de handelingen moeten worden uitgevoerd.

Bron: http://www.fons-vernooij.nl/vakdidactiek-bedrijfseconomie/Comp-functies-rollen.html

Laatst aangepast op maandag, 25 december 2017 11:33  


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

 

Nothing is so fatiguing as the eternal hanging on of an uncompleted task.

William James 

Banner

Archief

Lean boeken top 5

(maart 2016)
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

We hebben 227 gasten online
Artikelen

begin einde voor ogen stephen covey

Banner
Banner

remco claassen ik effectiviteit

IK
Gezond egocentrisme meer effectiviteit
Remco Claassen, Mayta Braun

Bij Managementboek

Lean boekentips

Banner