• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
www.eenblogjeom.nl
Statistische probleemoplossing volgens Scholtes, Joiner & Streibel
Gepubliceerd in Lean Six Sigma
E-mail Afdrukken

gegevensanalyse pareto spreiding relatie gegevens verzamelen

In het boek Het TEAM handboek gaan Peter Scholtes, Brian Joiner & Barbara Streibel in op de waarde van het gebruiken van gegevens bij het oplossen van problemen. Zij beschrijven zowel een aantal hulpmiddelen voor het verzamelen van nuttige gegevens als het analyseren van de relatie(s) tussen gegevens.

team handboek gegevens analyse relatie

Velen van ons hebben jaren doorgebracht zonder gegevens te gebruiken. We bedachten ideeën voor verbeteringen door gewoon de ervaring van het doorlopen van een proces te gebruiken of door met klanten te praten. Als er een probleem opkwam, gebruikten we onze ervaring en kennis om een oplossing te bedenken. Soms verdween het probleem, soms niet.

(…)

[H]et hanteren van gegevens helpt ons onze tijd, energie en middelen zo effectief mogelijk aan te wenden. Hulpmiddelen zoals een Pareto-diagram, een tijddiagram en een spreidingsdiagram dienen om patronen in gegevens te herkennen. Deze patronen helpen ons de problemen beter te identificeren en te begrijpen en een betere oplossing te kiezen. Maar de output van elk van deze hulpmiddelen is slechts zo goed als de data die worden ingevoerd. Men ontdekt te vaak dat de verzamelde gegevens niet helpen bij wat men wil bereiken. Dat kunnen de verkeerde gegevens zijn, of niet genoeg gegevens, of er ontbreekt belangrijke informatie waarmee het probleem beter begrepen kan worden.

 

Hulpmiddelen voor het verzamelen van gegevens

Het is de moeite waard stil te staan bij de vraag of de gegevens die u verzamelt betekenis hebben en voor uw behoeften geschikt zijn. Een paar concepten en hulpmiddelen die u kunnen helpen bij het verzamelen van nuttige gegevens zijn: (a) operationele definities, (b) stratificatie, (c) telkaarten en (d) stroomdiagrammen.

Ad (a) Operationele definities

Een operationele definitie beschrijft wat iets is en hoe het gemeten kan worden.

  • Bepaal wat gemeten moet worden
  • Bepaald hoe dat gemeten moet worden
  • Zorg ervoor dat, ongeacht wie de metingen doet, de resultaten in essentie hetzelfde zijn

 

Ad (b) Stratificatie

Een andere sleutel voor het verzamelen van nuttige gegevens is het stratificatieconcept. Stratificeren betekent het verdelen van gegevens in categorieën om te zien welke factoren de meeste invloed op ons probleem hebben. Om gegevens te stratificeren maakt u een lijst van de dingen waarvan u denkt dat zij tot systematische verschillen in uw resultaten leiden.

 

Ad (c) Telkaarten

Een telkaart is een eenvoudig formulier voor het verzamelen van gegevens, waarop u turft hoe vaak zich iets voordoet. Aan het einde van de verzamelperiode worden alle streepjes opgeteld om tot een totaal te komen.

Telkaarten zijn gestructureerde formulieren waarmee gegevens gemakkelijk verzameld en geanalyseerd kunnen worden.

 

Ad (d) Stroomdiagrammen

Een stroomdiagram geeft een beeld van de verplaatsing van mensen, materialen, documenten of informatie binnen een gegeven ruimte (bijv. een proces). Een stroomdiagram van een proces beschrijft de meeste of alle stappen binnen een proces. Het doel of de bedoelde toepassing van het stroomdiagram kan helpen beslissen welk niveau van detaillering het meest geschikt is.

 

Hulpmiddelen voor het analyseren van gegevens

Telkaarten en stroomdiagrammen zijn hulpmiddelen voor het verzamelen van gegevens. Nadat gegevens verzameld zijn, kunnen de onderstaande hulpmiddelen gebruikt worden voor het bestuderen van de relatie tussen gegevens. Door deze relatie(s) te kennen, kunt u een probleem nauwkeuriger beschrijven, een verandering ontdekken, een strategie ter verbetering bepalen, potentiële oorzaken herkennen of resultaten laten zien.

(1) (1) Pareto-diagrammen

(2((2) Tijdkaarten

(3)(3) Controlekaarten

(4)(4) Frequentieverdelingen

(5)(5) Diagrammen van oorzaak en gevolg

(6)(6) Spreidingsdiagrammen

 

Ad (1) Pareto-diagrammen

Een Pareto-diagram is een serie kolommen waarvan de hoogte, de frequentie of het gevolg van problemen weergeeft. De kolommen worden in afnemende hoogte van links naar rechts geordend. Dit betekent dat de categorieën die door de hogere kolommen aan de linkerkant worden weergegeven relatief belangrijker zijn dan de categorieën aan de rechterkant. De naam van dit diagram is afgeleid van het Principe van Pareto (’80 procent van de narigheid ontstaat door 20 procent van de problemen’). Pareto-diagrammen helpen de inspanningen voor verbeteringen gericht te sturen, door de problemen te rangschikken naar hun oorzaak.

 

Ad (2) Tijdkaarten

Een tijdkaart is een grafiek van punten van gegevens, gerangschikt naar tijdsverloop. Tijdkaarten worden vaak gemaakt om te helpen herkennen of en wanneer een probleem zich voordoet, maar kunnen ook gebruikt worden om gegevens over trends of andere patronen die in de loop van de tijd optreden, te onderzoeken.

 

Ad (3) Controlekaarten

Een controlekaart is een tijdkaart met een extra eigenschap: deze kaart geeft ook de variatiebreedte aan die in het systeem is ingebouwd. De grenzen van deze breedte orden aangegeven door een statistische boven- en ondergrens. Deze worden volgens statistische formules berekend uit de over het proces verzamelde gegevens. Door deze grenzen kunt u snel verschuivingen van een of meer punten herkennen, in tegenstelling tot de tijdkaart waarmee verschuivingen slechts ontdekt kunnen worden nadat een aantal gegevenspunten in een bepaald patroon verschenen zijn.

 

Variatie

Als u de keuze zou hebben tussen werken met een proces dat voorspelbaar en consistent is en minimale verspilling kent, en een proces waarvan de prestatie wispelturig is, waarvan de kwaliteit de ene dag hoog en de volgende dag laag is, wat zou u dan kiezen? Het is niet moeilijk om de voordelen te herkennen van het hebben van een proces dat qua vermogen en prestaties consistent is.

Een van de voornaamste boosdoeners die zorgt dat processen onbetrouwbaar of wispelturig verlopen, is variatie. Elk proces kent variaties in output omdat er variaties in input zijn. In feite is er in elk proces een groot aantal mogelijkheden voor variatie. En dat betekent twee outputs – of dat nu onderdelen, rapporten of diensten betreft – nooit identiek zijn. (…)

Wij kunnen alle variaties in een proces elimineren, maar we hebben wel hulpmiddelen, zoals tijdkaarten en controlekaarten, die ons de aanwezige variatie doen begrijpen en waarmee we kunnen beslissen hoe we die variatie kunnen reduceren.

Om te weten of een proces echt consistent of voorspelbaar is, helpt het als u het verschil begrijpt tussen ‘algemene oorzaken’ en ‘speciale oorzaken’ van variatie.

Een algemene oorzaak is meestal het gevolg van veel kleine oorzaken van variaties. Het totaal van deze kleine oorzaken kan leiden tot een hoog niveau van variatie of een groot aantal defecten of fouten. Algemene oorzaken van de variatie in de aankomsttijd van een bus kunnen bijvoorbeeld zijn: de verkeersdrukte, het weer en hoe lang het duurt om bij elke halte passagiers op te nemen. De som bepaalt de inherente variatie van het proces en bepaalt derhalve de beperkingen en mogelijkheden van de betreffende busdienst.

Speciale oorzaken zijn niet altijd onderdeel van het proces. Zij ontstaan door bijzondere omstandigheden. Een nieuwe medewerker die de procedures niet kent, kan bijvoorbeeld tot een hoger foutenniveau leiden.

Voor het omgaan met elk soort oorzaak zijn verschillende benaderingen nodig. U dient een algemene oorzaak te achterhalen en te elimineren, maar algemene oorzaken worden vaak alleen gereduceerd door indringend speurwerk.

 

Controlekaarten helpen onderscheid te maken tussen variaties die inherent zijn aan het proces (variaties door ‘algemene oorzaken’) en variaties die voortkomen uit oorzaken die zich op onvoorspelbare wijze voordoen (de ‘speciale oorzaken’).

Een controlekaart gebruik je om een proces te volgen en te zien of het binnen statistische grenzen blijft. De bovenste beheersingslimiet (BBL) en de onderste beheersingslimiet (OBL). De BBL en de OBL geven aan hoeveel variatie voor het proces typerend is. Punten die buiten de limieten vallen of bijzondere patronen vomen, geven aan dat er een speciale oorzaak van de variatie is die onderzocht dient te worden.

 

Ad (4) Frequentieverdelingen

Een frequentieverdeling toont de vorm of de verdeling van de gegevens door aan te geven hoe vaak onderscheiden waarden zich voordoen.

Een frequentieverdeling of histogram begint met een lijn die wordt opgezet in eenheden die corresponderen met de gegevens. Vervolgens wordt boven een waarde een punt geplaatst voor elke keer dat die waarde in de gegevens voorkomt. Frequentieverdelingen zijn gemakkelijk te maken, tonen alle gegevenspunten en laten gemakkelijk zien wat er aan de hand is. Een snelle blik laat u meteen de spreiding van de metingen zien, geeft aan waar ongeveer het centrum ligt en hoe de gegevenspunten rond het gemiddelde zijn verdeeld (symmetrisch of naar één kant overhellend).

 

Ad (5) Diagrammen van oorzaak en gevolg

Een diagram van oorzaak en gevolg is een hulpmiddel voor het op gestructureerde wijze herkennen en vorm geven aan mogelijke oorzaken van een probleem. Soms wordt het een ‘Ishikawa-diagram’ genoemd, naar Kaoru Ishikawa die dit hulpmiddel ontwikkelde. Het wordt een ‘visgraatdiagram’ genoemd omdat het lijkt op het geraamte van een vis met een kop, ruggengraat en graten. Anders dan de vorige hulpmiddelen analyseert een visgraatdiagram geen gegevens. Het helpt mensen bij het structureren van hun ideeën en theorieën over oorzaken. Deze theorieën moeten later met gegevens worden geverifieerd.

Een visgraatdiagram is een soort kaart die de mogelijke relaties tussen oorzaken en gevolgen aangeeft:

  • Het te onderzoeken probleem wordt in een kader aan de kop van het diagram beschreven
  • Een lange pijl die naar de kop wijst, vormt de ruggengraat van de ‘vis’. De richting van de pijl geeft aan dat de onderwerpen die naar de pijl wijzen mogelijk de oorzaak van het in de kop beschreven probleem kunnen zijn.
  • Er lopen een paar grote graten naar de ruggengraat. Deze grote gaten geven de voornaamste categorieën van mogelijke oorzaken van het probleem weer. Ook nu geeft de pijl de richting van de actie weer: van de punten op de kleinere graten denkt men dat zij het probleem in de kop veroorzaken.
  • De kleinere graten geven de diepere oorzaken aan van de graten waarmee zij zijn verbonden. Elke graat is een verband in de keten van oorzaak-en-gevolg, die van de diepste oorzaak naar het te behandelen probleem leidt.

 

Ad (6) Spreidingsdiagrammen

Een spreidingsdiagram laat het verband zien tussen twee kenmerken. Waar je met een frequentieverdeling naar slechts één eigenschap tegelijk kunt kijken, laat een spreidingsdiagram u het verband tussen twee kenmerken zien. Het gebruikt worden om te controleren of de ene variabele gerelateerd is aan de andere, en het is een effectieve manier om het gevonden verband te communiceren.

Een spreidingsdiagram toont de ene variabele langs de verticale as en de andere langs de horizontale as. Elk gegevenspunt is de weergave van twee metingen. Het daaruit voortvloeiende patroon laat zien hoe de twee metingen met elkaar verband houden. (…) De vorm van de verspreiding van de punten geeft aan of de twee factoren aan elkaar gerelateerd zijn.

 

Bron: Het TEAM handboek, Peter Scholtes, Brian Joiner & Barbara Streibel

Bewaren

Laatst aangepast op donderdag, 02 december 2021 19:47  
Witte wijn voor dummies (2)
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

witte wijn

witte wijn

Witte wijn: frisheid en fruitigheid

Van witte wijnen verwachten we in de eerste plaats dat ze fris zijn. Ze groeien in eerdere koelere streken, in het noorden van Europa en het zuiden van de VS. Daar kunnen de druiven lang rijpen in de zon zodat hun fruitigheid en aroma beter tot ontwikkeling komen zonder dat de frisse zuurheid verloren gaat. Meestal zijn deze wijnen jong op hun best.

(...)

De vier soorten witte wijn

(1) Lichte witte wijnen: frisheid en fruitigheid

Lichte wijnen stellen meestal niet erg veel eisen, noch aan zichzelf noch aan de wijnproever. Ze zijn eenvoudig, licht en goed verteerbaar. Je moet ze drinken als ze jong, fris en levendig zijn. Deze wijnen passen zich gemakkelijk aan en zijn daarom ook geschikt voor dagelijks gebruik als aperitief of begeleider van een eenvoudige maaltijd. Maar het spectrum is bijzonder breed en reikt van eenvoudige karafwijn tot wijnen met duidelijk meer expressie en karakter. In dat laatste geval neigen ze al eerder naar middelzware witte wijnen.

  • Entre-deux-mers (Bordeaux-streek)
  • Vernaccia di san gimignano (Toscane)
  • Zwitserse chasselas (Meer van Genève)
  • Vinho verde (Portugal)

(2) Middelzware witte wijnen: body en persoonlijkheid

Deze wijnen hebben een wat ernstiger karakter. Ook hun handelsmerk is frisheid, maar bij deze wijnen wordt die gedragen door en expressievere fruitigheid en een krachtiger body. Ze zijn complexer van samenstelling dan de lichtere varianten en verdienen daarom ook meer aandacht. In deze wijnen komt de herkomst meestal duidelijk tot uitdrukking. Elke streek heeft zijn eigen iets hoogwaardiger witte wijn. Zo'n wijn drink je bij het eten, maar ook bij speciale gelegenheden.

  • Sylvaner (Franken)
  • Pinot gris (Pfalz)
  • Grepo di tufo (Campanië)
  • Soave classico superiore (Veneto)

(3) Volle witte wijnen: structuur en subtiliteit

Deze soort wijn heeft de laatste drie decennia een steile carrière gemaakt. Vanuit Californië heeft hij de wereld veroverd met één grote ster: de chardonay. Deze wijnen zijn warm en zacht en vullen de mond. Ze hebben de volle smaak van rijpe, exotische vruchten, die gepaard gaat met een verfrissende, zachte zuurheid en de warme zoetheid van de alcohol. Enkele wijnboeren realiseren een extra accent door de wijnen op eikenhouten vaten te laten rijpen, met als resultaat uitgesproken smaakvolle witte wijnen.

  • Viognier (Zuid-Frankrijk)
  • Sémillon (Australië)
  • Marsanne rousanne (Midi)
  • Rioja blanco (Spanje)

(4) Aromatische en halfzoete witte wijnen

  • Sauvignon Blanc (Nieuw-Zeeland)
  • Riesling kabinett (Moezel-Saar-Ruwer)
  • Rueda (Castilië)
  • Muscat sec (Elzas)

Deze wijnen hebben hun fascinerende aroma vooral te danken aan de primaire fruitigheid van de druiven. Afhankelijk van de soort is het aroma zo typisch en onmiskenbaar dat je de wijnen eerder als een groep solisten kunt beschouwen dan als een familie. Los daarvan, of ze nu droog of halfzoet zijn, hebben de wijnen van deze familie zo'n aroma en bouquet dat ze altijd wat zoet aandoen.

Zie ook: Witte wijn voor dummies (1)

Bron: De complete wijncursus - van wijnleek tot wijnkenner in 13 proefrondes

Laatst aangepast op woensdag, 06 juni 2018 20:43  
5 disciplines van de lerende organisatie volgens Peter Senge
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

peter senge vijf disciplines syteemdenken lerende organisatie

peter senge gemeenschappelijke visie vijf disciplines lerende organisatie

... Volgens Peter Senge zijn vijf disciplines essentieel voor een lerende organisatie:

  1. Systeemdenken: je moet aandacht hebben voor het geheel en niet alleen voor de onderdelen. [Het is] belangrijk je bewust te zijn van de onderliggende systeemstructuren.

  2. Persoonlijke meesterschap: individuele medewerkers moeten de drive hebben zich steeds verder te ontwikkelen en zich continu in te zetten voor het aanleren van nieuwe kennis en vaardigheden.

  3. Mentalle modellen: we reageren op situaties op basis van ons idee hoe de wereld in elkaar steekt. Door onze plaatjes van de werkelijkheid met anderen in de organisatie te delen, leren we nieuwe perspectieven en onze eigen beperkingen.

  4. Gemeenschappelijke visie: naast een missie hebben organisaties ook een visie nodig. 'Een visie is een besmettelijke droom' luidt een rake omschrijving. Een visie heeft betrekking op wat de organisatie wil bereiken en medewerkers dienen hierin te geloven en bereid te zijn zich hiervoor in te zetten.

  5. Teamleren: het afstemmen en ontwikkelen van de capaciteiten van een team om de resultaten te realiseren die de leden wensen.

 

peter senge gemeenschappelijke visie vijf disciplines lerende organisatie

“Lerende organisaties worden geschapen en versterkt door het praktiseren van vijf elkaar versterkende disciplines: teamleren, persoonlijk meesterschap, gedeelde visie, explicitering
van mentale modellen en, als een soort centrale dimensie, systeemdenken.

peter senge gemeenschappelijke visie vijf disciplines lerende organisatie

Het systeemdenken ... vormt de kerndiscipline, het hart van de lerende organisatie.

peter senge gemeenschappelijke visie vijf disciplines lerende organisatie

Ik geloof dat op dit moment vijf technologieën een punt bereikt hebben waarbij ze gecombineerd kunnen worden voor de innovatie van lerende organisaties. Ieder van deze technologieën zal, denk ik, hoewel afzonderlijk ontwikkeld, toch essentieel blijken voor het succes van de ander. Ieder op zijn beurt vormt een onmisbare dimensie bij de opbouw van organisaties die werkelijk kunnen 'leren', wier vermogen om hun hoogste ambities te realiseren te verwezenlijken gestaag blijft groeien.

(1) Systeemdenken

Bedrijven en andere menselijke activiteiten zijn systemen. ... Onze daden zijn onderling verbonden door onzichtbare weefsels en het kan vaak jaren duren voor het effect van de ene actie op de andere zichtbaar wordt. (...) Systeemdenken is een verworvendheid, een geheel van kennis en instrumenten dat ons in staat stelt de grote patronen duidelijker te zien en effectiever te veranderen.

(2) Persoonlijk meesterschap

Meesterschap zoals hier bedoeld wordt, heeft niets te maken met het ergens heer en meester over zij, maar met meesterschap, de hoge graad van beheersing, van de meester-vakman. Mensen met een hoge graad van persoonlijke meesterschap zijn in stat om constistent gestalte te geven aan de ideeën die zij werkelijk belangrijk vinden - wat zij eigenlijk doen is hun leven aanpakken zoals een kunstenaar een kunstwerk. Dat doen ze door zichzelf te verplichten hun leven lang te leren.

Voortdurend onze persoonlijke visie verhelderen en verdiepen, onze inspanningen blijvend gericht houden, geduld ontwikkelen en een objectieve kijk op de werkelijkheid houden, dat is de discpline die tot persoonlijk meesterschap leidt. Dat maakt persoonlijk meesterschap tot een hoeksteen van de lerende organisatie - het geestelijke fundament van de organisatie. De inzet en het vermogen van een organisatie om te leren kan nooit groter zijn dan die van zijn leden.

(3) Mentale modellen

'Mentale modellen' zijn diepgewortelde veronderstellingen, generalisaties of zelfs plaatjes of beelden die van invloed zijn op hoe wij de dingen zien en hoe we erop reageren. Meestal zijn we ons niet bewust van zo'n mentaal model of op het effect dat het op ons gedrag heeft. ... De discipline van het werken met mentale modellen begint met het in eigen boezem kijken; we moeten leren onze eigen onbewuste beelden bloot te leggen en kritisch te onderzoeken. De discipline houdt ook in dat we 'leerzame' gesprekken moeten kunnen voeren, waarbij we zowel ons eigen denken als dat van de ander duidelijk maken en waarbij dat denken ontvankelijk gemaakt wordt voor de invloed van anderen.

(4) Een gemeenschappelijke visie opbouwen

Als er al één idee is over leiderschap dat het een bron van inspiratie is geweest door de jaren heen, dan is dat wel het vermogen van een organisatie om een beeld van de toekomst te scheppen dat door al zijn leden wordt gedeeld. Het zal niet makkelijk zijn om een organisatie te bedenken die op enigerlei wijze groots was zonder dat een streven, bepaalde waarden en missies, door iedereen in de organisatie gedeeld werd. ... [Een organisatie moet] in staat zijn mensen bij elkaar te brengen rond een gemeenschappelijke identiteit en een gemeenschappelijk gevoel van bestemming.

Wanneer er een werkelijke visie bestaat (en niet alleen maar een 'kreet'), dan presteren en leren mensen, niet omdat ze dat gezegd wordt, maar omdat ze dat willen. Veel leiders hebben echter een persoonlijke visie die nooit de gemeenschappelijke visie wordt die de organisatie zou kunnen inspireren. Maar al te vaak is de gemeenschappelijke visie van een bedrijf niets meer dan de uitstraling van zijn leider, of het tijdelijke gevolg van een crisis. Toch, als ze de keuze hebben verkiezen mensen het een hoger doel na te streven, niet alleen tijdens crises, maar op elk moment. Wat eraan ontbrak was een discipline die individuele visie in gemeenschappelijke visie omzet - geen 'kookboek', maar een verzameling principes en leidende praktijken.

De praktijk van de gemeenschappelijke visie brengt met zich mee dat we moeten leren gemeenschappelijke 'toekomstbeelden' te vinden, die een echt engagement en een echte inzet in de hand werken, niet gewoon volgzaamheid. Leiders die deze discipline leren beoefenen, ondervinden hoe averechts het werk om een visie, hoe diepgemeend ook, op te leggen.

(5) Teamleren

... De discipline van het teamleren begint met de 'dialoog', waarbij de leden van een team lern om 'samen te denken' zonder daarbij te vertrekken van hun eigen vooroordelen. Voor de Grieken betekent dialogos de vrije doorstroom van gedachten door een groep, wat het mogelijk maakte voor die groep om inzichten te verwerven waartoe men individueel niet zou geraken. (...) De discipline van de dialoog houdt ook in het leren herkennen van die interactiepatronen in een team die het leerproces juist ondermijnen. Defensief gedrag is vaak een belangrijke  factor in de werking van een team. Als het niet herkend wordt, ondermijnt het het leren. Als het wel onderkend wordt en op creatieve wijze aan het licht gebracht, kan het leerproces juist versnellen.

Teamleren is van essentieel belang, omdat het teams en niet individuen zijn die in een moderne organisatie de leerkernen vormen. Hier vinden veranderingen hun oorsprong; pas als de teams kunnen leren, kan de organisatie leren.

(...)

De vijfde discipline

Het is van essentieel belang dat de vijf disciplines als een geheel ontwikkeld worden. Dat is een hele uitdaging, want het is veel moeilijker nieuwe middelen meteen te integreren dan ze alleen maar afzonderlijk toe te passen. Maar het loont absoluut de moeite.

Dat is de reden dat systeemdenken de vijfde discipline is. Het is de discipline die de disciplines integreert, ze samensmelt tot een samenhangend geheel van theorie en praktijk. De vijfde discipline voorkomt dat de andere maar handigheidjes zijn of alleen de laatste mode in organisatorische aanpak. Zonder deze nadruk op het systeem zouden we niet zien hoe de disciplines onderling op elkaar inwerken. Doordat de vijfde discipline elk van de andere disciplines versterkt, worden we er steeds aan herinnerd dat het geheel groter kan zijn dan de som van de delen.

Bron:






Laatst aangepast op vrijdag, 15 maart 2019 08:30  
Omdenken volgens Henry David Thoreau
Gepubliceerd in Citaten: omdenken
E-mail Afdrukken

look at matters what you see henry david thoreau

Laatst aangepast op zondag, 26 oktober 2014 07:39  
Ontwerpen volgens Anne-Marie Willis
Gepubliceerd in Citaten: omdenken
E-mail Afdrukken

Go see ask why show respect

We design our world, while our world acts back on us and designs us.

Anne-Marie Willis

Laatst aangepast op maandag, 01 december 2014 21:04  


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

If you would not be forgotten as soon as you are dead, either write things worth reading or do things worth writing.

Benjamin Franklin

Banner

Archief

Lean boeken top 5

(maart 2016)
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

We hebben 100 gasten online
Artikelen

shigeo shingo best approach problems eliminate exist

Banner
Banner

coachingsmethoden boek susan ass

Het Coachingsmethoden Boek
voor en door topcoaches
Susan van Ass

Bij Bol.com | Managementboek

Lean boekentips

Banner