• Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
www.eenblogjeom.nl
Op ontdekkingstocht met Isaac Asimov
Gepubliceerd in Citaten: omdenken
E-mail Afdrukken

citaat quote

The true delight is in the finding out rather than in the knowing.

Isaac Asimov

Laatst aangepast op maandag, 01 februari 2016 21:46  
Prestatie-indicatoren volgens Marc Muntinga & Niels Lagerveld
Gepubliceerd in Lean Six Sigma
E-mail Afdrukken

kritische succesfactoren piramide waal bulthuis

Marc A. Muntinga & Niels J. Lagerveld gaan in hun boek Managementmodellen voor kwaliteit in hoe prestatie-indicatoren ingezet kunnen helpen bij het besturen van een organisatie:

prestatie-indicatoren kritische succesfactoren muntinga lagerveld

Prestatie-indicatoren worden ontwikkeld om organisaties beter te besturen, of in ieder geval om over betere informatie te beschikken met behulp waarvan de organisatie eenvoudiger is te besturen. Het is van groot belang over structurele informatie te beschikken die inzicht geeft over hoe de stand van zaken is bij de verschillende cruciale bedrijfsactiviteiten. Loopt alles volgens plan of zijn er afwijkende situaties waarop actie moet worden ondernomen? Een organisatie kan haar prestaties volgen door het ontwikkelen van factoren die van essentieel belang zijn voor de continuïteit en die vervolgens meetbaar te maken.

(...)

Prestatie-indicatoren

Prestatie-indicatoren zijn kwantitatieve gegevens die indicaties geven over de prestaties van een bepaald proces. De gemeten prestaties worden afgezet tegen normen op basis waarvan wordt vastgesteld of bij afwijkingen actie moet worden ondernomen.

Kritische succesfactoren

Kritische succesfactoren zijn voorwaarden die van doorslaggevende betekenis zijn voor het realiseren van de doelstellingen van een organisatie.

(...)

Het [proces van het ontwikkelen van presatie-indicatoren] begint met het formuleren van de missie en de strategie. De missie is de 'raison d'être' van een organisatie. Het (top)management dient in de missie in kwalitatieve termen kort en krachtig te formuleren wat de organisatie wil bereiken. Hoe de missie moet worden gerealiseerd, staat beschreven in de strategie. Een manier om tussentijds inzicht te hebben in de mate waarin de strategie wordt gerealiseerd, is het benoemen van kritische elementen uit die strategie en deze meetbaar te maken met prestatie-indicatoren.

De kritische succesfactoren vormen dus het uitgangspunt voor de ontwikkeling van prestatie-indicatoren. De basis voor de ontwikkeling van de kritische succesfactoren wordt op haar beurt weer gevormd door de missie en de strategie. De kritische succesfactoren zijn die gebieden waarin het behalen van goede prestaties een noodzakelijke voorwaarde vormt voor het realiseren van de doelstellingen van een organisatie. Ze geven een kwalitatief antwoord op de vraag die van groot belang is voor het management: 'Op welke terreinen kunnen we succesvol zijn en blijven, met andere woorden hoe kan de organisatie concurrentievoordelen realiseren en handhaven.' Het accent wordt in de organisatie gelegd op deze kritische gebieden en dus niet op de gebieden die minder belangrijk zijn voor het realiseren van de doelstellingen. Deze bijzaken krijgen geen plaats in de managementrapportage.

Het verband tussen missie, strategie, kritische succesfactoren en prestatie-indicatoren kan schematisch worden weergegeven in de kritische-succesfactorenpiramide. [Muntinga en Lagerveld] onderscheiden drie soorten kritische succesfactoren:

  1. Strategische kritische succesfactoren.

  2. Functionele kritische succesfactoren.

  3. Operationele kritische succesfactoren.

De strategische kritische succesfactoren zijn cruciaal voor de continuïteit van de gehele organisatie, de functionele kritische succesfactoren zijn ondersteunend aan het succesvol uitvoeren van de strategie. En de operationele kritische succesfactoren ten slotte, zijn van groot belang voor het volgen van bedrijfsactiviteiten die altijd goed moeten worden uitgevoerd. Dit zijn zoals gezegd, de zogenaamde cruciale bedrijfsactiviteiten.

(...)

[Muntinga en Lagerveld] onderscheiden drie criteria waarop activiteiten en processen in organisaties kunnen worden gemeten:

  1. (Doorloop)tijd: de doorlooptijd is van belang voor het beoordelen van processen, enerzijds omdat de doorlooptijd een maatstaf kan zijn voor de effectiviteit van het proces en anderzijds omdat een indruk kan worden gekregen van de efficiëntie van datzelfde proces.

  2. Kwaliteit (effectiviteit): de kwaliteit van processen kun je meten aan de throughput-kant en aan de output-kant. De organisatie en/of proceseigenaar krijgt dus een indruk over de uitvoering tijdens en de resultaten van het proces.

  3. Productiviteit (efficiency): bij de productiviteit gaat het om de verhouding tussen de kosten van de input, volume of bijvoorbeeld kosten van de winst ten opzichte van een eenheid output van een bepaald proces. Het meten van de productiviteit van een proces komt het meest overeen met de metingen die geregistreerd staat in een financieel georiënteerd meetsysteem.

Hierna komen de criteria voor een goede prestatie-indicator aan bod:

  1. De prestatie-indicator moet voor iedereen in de organisatie eenvoudig te begrijpen zijn.

  2. Iedereen moet hetzelfde verstaan onder de gekozen definitie. De indicator moet dus eenduidig worden gedefinieerd.

  3. De prestatie-indicator moet informatief zijn. Hij moet inzichtelijk zijn en in één oogopslag de stand van zaken weergeven.

  4. De prestatie-indicator moet motiverend werken en beïnvloedbaar zijn. .

  5. De indicator moet onderdeel zijn van het beleid en aansluiten bij de organisatiedoelstellingen of urgente kwaliteitsproblemen.

  6. Het meten van de interne en externe klanttevredenheid, met als insteek verbeteracties te ondernemen als dat nodig blijkt, werkt bevorderend op de klantgerichtheid.

  7. De prestatie-indicatoren moeten worden opgesteld met betrokkenen.

Bepalen van normen

Na het vaststellen van de prestatie-indicatoren moet worden nagegaan of de behaalde resultaten als goed kunnen worden beoordeeld. Er moeten normen worden gesteld. (...) Vaak is het niet direct mogelijk een norm aan een prestatie-indicator te koppelen. Eerst moet inzicht worden verkregen in het bepalen van 'zinvolle' normen. Een zinvolle normstelling is alleen mogelijk als de betrokkenen ervan overtuigd zijn dat de norm eerlijk, reëel en haalbaar is. Is dit niet het geval dan leidt het stellen van normen tot frustratie.

Bron: Managementmodellen voor strategie en kwaliteit, Marc A. Muntinga & Niels J. Lagerveld

Bewaren

Laatst aangepast op zaterdag, 26 mei 2018 07:12  
Omdenken met Goethe
Gepubliceerd in Citaten: omdenken
E-mail Afdrukken

citaat quote

Everything is hard before it is easy.

Goethe

Laatst aangepast op woensdag, 03 februari 2016 08:27  
3 adviesmodellen volgens Edgar Schein
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

3 adviesmodellen

Frank A. Hulsbos beschrijft in zijn artikel Succesvol adviseren door jezelf in te zetten - een onderzoek naar kennisproductieve adviestrajecten (pdf) beknopt de drie adviesmodellen van Edgar Schein:

edgar schein adviesmodellen procesadvisering

Edgar Schein (2005) [onderscheidt drie adviesmodellen:] het artspatiënt model, het expertisemodel en het model van procesadvisering. Zowel in het artspatiënt model als in het expertisemodel vaart de adviseur voornamelijk op zijn inhoudelijke expertise. Het verschil zit in de mate van verantwoordelijkheid die de adviseur heeft. Kenmerkend voor het expertisemodel is dat de adviseur bepaalde informatie of kennis aanlevert die de klant nodig heeft. Deze informatie of kennis kan hij bijvoorbeeld overdragen aan de klant door een onderzoek te doen of een presentatie te geven. Deze kennis of expertise wordt als het ware ingekocht door de klant, nadat de laatste zijn informatiebehoefte zelf heeft vastgesteld. Hierin verschilt het expertisemodel van het artspatiënt model, waarin hij wordt gevraagd om de ‘boel eens na
te laten kijken’ (Schein, 2005, p. 11). In dit model heeft de adviseur de volledige verantwoordelijkheid.

Hij voert de diagnose uit en bepaalt de oplossing voor het probleem. Hoewel hij hiervoor informatie inzamelt bij leden van de organisatie, hebben deze personen geen verantwoordelijkheid voor de diagnosestelling en de gekozen oplossing. Het derde model dat Schein onderscheidt is het model van procesadvisering. Hij definieert dit model als volgt:

‘Procesadvisering is het creëren van een relatie met de cliënt die het hem mogelijk maakt datgene wat zich in het proces in het interne en externe milieu van de cliënt voordoet te onderkennen, te begrijpen en ernaar te handelen; dit alles om verbetering te brengen in de situatie zoals deze door de cliënt is gedefinieerd.’ (Schein, 2005, p. 20)

Wanneer een adviseur volgens dit model werkt, gaat hij ervan uit dat de klant eigenaar is van het probleem. Het model is er op gericht een relatie op te bouwen met de klant en de klant in staat te stellen inzicht te verschaffen in zijn situatie en oorzaken van het probleem. Dit inzicht moet leiden tot het ontwikkelen van een oplossing, waarvan de klant eveneens eigenaar is. Dit laatste is van groot belang, omdat de klant het beste weet wat er wel en niet werkt binnen zijn organisatie.

Het belangrijkste doel van procesadvisering (of, zoals Schein het noemt, de ‘functie van procesadvisering’) is ´doorgifte van de vaardigheden in het diagnosticeren en constructief interveniëren,
om de cliënt beter in staat te stellen zelf de organisatie te verbeteren’ (Schein, 2005, p. 19).

Bron: Succesvol adviseren door jezelf in te zetten - een onderzoek naar kennisproductieve adviestrajecten, Frank A. Hulsbos (pdf)

 

 

Laatst aangepast op zaterdag, 03 november 2018 12:19  
Espoused theory en theory-in-use volgens Chris Argyris & Donald Schön
Gepubliceerd in Bluff Your Way Into
E-mail Afdrukken

espoused theory theory-in-use schoen argyris

Martijn Vroemen beschrijft in zijn Handboek Teamcoaching - helpen zonder bemoeizucht het door Chris Argyris en Donald Schön ontwikkelde model van het verschil tussen de toegepaste opvatting (theory-inin-use) en de aangehangen opvatting (espoused theory):

leren enkel dubbel drieslagleren argyris schön

Espoused theory en theoriy-in-use

Chris Argyris en Donald Schön stellen in hun onderzoek naar leerprocessen, dat er bij mensen veelal een verschil is tussen wat zij zeggen te doen en wat ze werkelijk doen. Dit is niet opzettelijk, we (eigenlijk iedereen) doen dit onbewust. We zeggen (denken) dat we hulpvaardig zijn, maar dat blijkt niet uit de praktijk. We vinden onszelf ruimdenkend, maar oordelen erop los.

Het gaat hier niet alleen om het verschil tussen beloven en doen, of tussen theorie en praktijk. Volgens Argyris en Schön hanteren mensen twee praktijktheorieën: de espoused theory, de aangehangen opvatting en de theory-in-use, de toegepaste opvatting. Het belang van deze toespitsing is dat deze verklaart dat mensen niet per ongeluk iets doen wat niet consistent is met hun beweringen, ze doen tid vanuit een verborgen - en onbewuste opvatting. Dus als je iemand erop wijst de aangehangen opvattingen te schenden, volgt er een rationele verklaring voor het afwijkende gedrag. Dan wordt de toegepaste opvatting verdedigd. Jij beweert bijvoorbeeld als teamcoach dat je geen ongevraagde adviezen geeft en je kunt ook uitleggen waarom dit slecht is. Dat is je espoused theory. Word je er vervolgens op gewezen dat je wel ongevraagde adviezen geeft, dan kun je vast heel goed uitleggen waarom. Dat  is je theory-in-use.

En, nog ingewikkelder: psychologen hebben met overdonderend bewijs vastgesteld dat onze opvattingen heel vaak pas na het gedrag gevormd worden en er dus niet logisch aan vooraf gaan. We vinden iets omdat we het doen, in plaats van dat we iets doen omdat we het vinden! Je voelt 'm waarschijnlijk al: afspraken die we maken, we kunnen er volledig achter staan: onze espoused theory. Als de praktijk anders uitpakt, vinden we dat ook weer logisch en verklaarbaar: onze theory-in-use.

Bron: Handboek Teamcoaching - helpen zonder bemoeizucht, Martijn Vroemen

Laatst aangepast op zaterdag, 03 november 2018 10:30  


JPAGE_CURRENT_OF_TOTAL

If I asked my customers what they want, they simply would have said a faster horse.

Henry Ford

 

Banner

Archief

Lean boeken top 5

(maart 2016)
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

We hebben 188 gasten online
Artikelen

standaard vandaag slechtse manier werk uit te voeren taiichi ohno lean

Banner
Banner

triggers marshall goldsmith

Triggers
hoe je je gedrag voorgoed verandert, en wordt wie je wilt zijn
Marshall Goldsmith

Bij Bol.com | Managementboek


Lean boekentips

Banner